Alfamannetjes tegen wil en dank

Theatergroep Drang speelt Ado/Ajax

‘Winnen is klaarkomen plus een bonus’. Voetbalsupporters zijn in de kern alfamannetjes: het triomfeergevoel moet diep, diep in je genen zitten, zoveel blijkt maar weer eens. Maar erger: het gevoel zit volgens genetici feitelijk in eenieder van ons, bij de een wat dieper verborgen dan bij de ander, maar het zit er wel degelijk.

De oneliner wordt opgedist door Ado, supportersleider van de Haagse harde voetbalkern en op handen gedragen, maar gewantrouwd door de voetbalautoriteiten en de lui die daarvoor doorgaan. Ado is de hoofdpersoon in het toneelstuk Ado/Ajax door Theatergroep Drang, en is een eigentijdse bewerking van het aloude Griekse drama van Sophocles, oorspronkelijk daterend van een halve eeuw voor het begin van de door ons gehanteerde jaartelling.

In dat drama voelt de dommekracht en held Ajax zich danig voor schut gezet als hij de credits voor een gewonnen veldslag naar Odysseus ziet gaan. Hij zint op wraak – maar de godin Athene slaat deze moordmachine met waanzin, zodat Ajax plaatsvervangend een kudde vee afslacht. Bij het inzien van zijn schandaleuze daad neemt hij een onomkeerbare beslissing: hij pleegt zelfmoord. Raar dat een topclub ooit zo’n man als voorbeeld en merknaam heeft uitgeroepen.

Ajax kon dus niet tegen zijn verlies. In oude geschriften is te lezen dat de kolossale Griek ‘niet wel ter tale’ was. In plaats van een gedachte adequaat te formuleren, stond hij stotterend en hijgend maar wat zinsflarden uit te kramen, precies zoals de taalbraaksels van voetbalspelers in tv-interviews.

Toen een paar maanden geleden de onderlinge verhoudingen tussen de supportersgroepen van Ado en Ajax op te scherp werden gesteld vanwege een onaangekondigde bestorming van het Haagse supportershome door overfanatieke 020’ers, moet het even door het hoofd zijn geschoten van de makers: het uitbrengen van deze productie leidt onvermijdelijk opnieuw tot een veldslag tussen de twee clans. Zover is het niet gekomen – en zover zal het niet komen. De schuine streep in de titel van het stuk suggereert misschien dan wel een tegenstelling, maar het is bij Drang dus eerder een is gelijk aan-teken. En hoewel de makers het voetbalwalhalla tot decor hebben verkozen, kan het mechanisme van blinde woeden zich net zo goed voltrekken op de werkplek, in de supermarkt, in het verkeer, bij het uitgaan en volgens Drang ‘niet te vergeten in het fundamentalistische politieke – en religieuze krachtenveld.’ If you’re not with us, you’re against us, citeert Drang daarom George W. Bush in het publiciteitsmateriaal. Maar ook wil de groep aantonen dat Ado de verpersoonlijking is van het idee dat de mens als dader vaak ook slachtoffer is. En dat alles zou het publiek tot nadenken kunnen stemmen, zo laat Drang weten.

Drang maakt locatietheater en is voor deze jubileumproductie (10 jaar Drang) neergestreken in de enorme voormalige KPN-hallen in het Haagse Laakkwartier, waar vanavond de snijdend koude wind vrij spel heeft. Dit gebouwencomplex behoort tot het industrieel erfgoed, het parkeerdek herbergde ooit de Rijksautomobielcentrale, en heeft onlangs een culturele bestemming gekregen. Werkelijk enorm is deze ruimte, want zeker twee voetbalvelden groot.

Een fantastische plek met in de verte een als het ware virtueel uitzicht op vertragingen uit het spoorboekje, met mogelijkheden om uit onbekende hoeken en gaten acteurs te laten opduiken. Maar ook een plek met gratis bijgeleverde echo-effecten. Altijd lastig voor acteurs, en voor publiek. Het vereist geconcentreerde toehoorders en in stemtechnisch opzicht vakbekwame acteurs en het biedt ze maar weinig nuances.

Drang opent in een nabijgelegen tot kantine annex foyer omgedoopt lokaal. Daar worden we verrassend deelgenoot gemaakt van een persconferentie die is uitgeschreven door de Haagse voetbalclub omdat er zich tal van onverkwikkelijkheden hebben voorgedaan tussen twee supportersgroepen. Een suppoost leidt ons vervolgens naar ons vak op de gelegenheidstribune. Dan zien we Ado, mét matje in de nek. De bestuursvoorzitter, de woordvoerder, zijn vader en moeder, en zijn zwangere vrouw. Ado is nog niet thuis gekomen van een wedstrijd en zijn moeder vindt dat maar een veeg teken. In een soepel lopende tekst van Ton Theo Smit worden we door zijn lotgevallen geloodst. Ado blijkt zijn woede te hebben gekoeld maar is daarin te ver gegaan. Supporters en belanghebbenden keren zich van hem af. We zien zijn woede, zijn eer, zijn dood. Waarmee Ado per saldo van dader tot slachtoffer uitgroeit. Vervolgens voltrekt zich een geniaal en snood plan bij de betrokkenen: de bestuursvoorzitter die zich in het nauw gedreven voelt voor de daden van Ado, wordt vervolgens geconfronteerd met de eis van Ado’s broer voor een waardige begrafenis – waarop Aadje Mansveld zelf verzoenend neerdaalt vanuit de hemelse sokkel vanwaar hij nu en dan de scènes becommentarieert en inleidt, om in één klap aan al het geruzie een einde te maken. Zijn voorstel: begraaf Ado onder de middenstip van het in aanbouw zijn de stadion van de Hagenezen, het Aad Mansveld Stadion.

Hiermee volgt Drangs stuk min of meer lineair het origineel van Sophocles. En meer dan dat: treffend wordt inzichtelijk gemaakt hoe belangen en eergevoelens leiden tot gemanipuleer en kontendraaierij – en ieder slachtoffer is: van zichzelf , zijn omgeving, of dan toch zijn verleden. Dat is misschien ook de reden dat al de acteurs zijn gestoken in witte kostuums, afgezet met wat beige accenten. Wit, de kleur van de onschuld.

Maar het duurt wel erg lang voordat we tot de voornoemde slotsom komen, en belangrijker: het stuk weet me maar nauwelijks te raken. De aandacht verslapt ettelijke malen danig, ondanks de locatie. Die trouwens niet eens zo bijster wordt bespeeld – of het moet het choreografisch geren van links naar rechts en in diagonalen van rechtsvoor naar linksachter en vice versa zijn. De acteerprestaties zijn naar behoren – maar niet steeds verstaanbaar genoeg – met een positieve uitzondering voor Wim Meuwissen. De ouwe heer doet het nog uitstekend! Soms leidt hard werken tot iets moois – als een kannetje dat na hard boenen weer gaat glimmen. Ook het publiek mag best eens wat boenen, maar deze eigentijdse benadering van deze Griekse klassieker is toch echt wat te lang uitgesponnen. Misschien lag dat ook aan het publiek, dat wat mij betreft zichtbaar niet aan theater is gewend. Dat is een gevaar van locatie op theater, en van het populariseren dan wel vulgariseren van oude meesters voor de goegemeente.

Gezien: Ado/Ajax door Drang op za 8 april 2006. Locatie: KPN-Hallen, Den Haag. www.drang.nl

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s