Ontdekkingsmuziek op de piano

Toetsenist en popmusicus Robert Jan Stips goes solo

Hoewel het prepensioen dan wel links de hoek om op de loer mag liggen, zelfs inmiddels aardig in zijn schootsveld is gekomen, is Robert Jan Stips voorlopig nog veel te druk en geïnspireerd om daar gehoor aan te geven: de man die reliëf gaf aan veertig jaar vaderlandse popmuziekgeschiedenis klimt eerst solo het podium op in een aantal kleine vestzaktheaters en graast daarna de grotere landelijke theaterpodia af.

Supersister, Golden Earring, Stars & Stips, Sweet d’Buster, Transister en The Nits. Een indrukwekkende lijstje van Nederpopbands waarin Robert Jan Stips zijn sporen heeft nagelaten en waarvan hij in het geval van The Nits nog steeds deel uitmaakt. Hij speelde voor uitverkochte stadions en festivalterreinen waar je over de hoofden kon lopen, voor theaters die steeds een ‘volle bak’ te zien gaven. En dan nu solo in het piepkleine PePijn. Stips: “Ik voel me nog altijd erg thuis op een podium, waar dan ook. Optreden is mijn tweede natuur. Het leuke van deze solo-optredens is voor mij dat ik kan putten uit een repertoire van zo’n driehonderd songs en sommige daarvan beginnen al aardig te versloffen. Het is leuk ze uit het stof te halen en ze te verlevendigen door ze op piano te spelen voor een klein, maar supergeïnteresseerd publiek. Een beetje onvoorbereid moet het optreden ook zijn, als een work in progress, want dat verleent intimiteit aan de avonden”. Zo kunnen bezoekers vooraf een verzoeknummer indienen. “En doordat ik vertel over de songs en over mensen met wie ik samenwerkte, is het ijs snel gebroken. Ik ben daardoor niet te zeer gebonden aan het geijkte liedjespatroon van de kleinkunst. Verhalen zijn er trouwens in overvloed: naast de genoemde bands werkte hij samen met onder meer Bart Chabot en Freek de Jonge, was hij producer voor Gruppo Sportivo en Vitesse, en is hij ook actief als componist van ‘opdrachtmuziek’ voor tv-programma’s, commercials, en hoorspelen. “Die variatie houdt me op de been”. Alleen filmmuziek ontbreekt op zijn conduite staat. “Ik ben er benieuwd naar en het staat op mijn wensenlijstje, alleen al omdat het geheel anders is dan al het voorgaande”.

Terugblikkend op veertig jaar popmuziek verbaast hij zich over de geringe ontwikkeling. “Eigenlijk zijn alleen hiphop en elektronische dancemuziek nieuwe evoluties te noemen, hoewel er ook hierbij geen sprake is van echt nieuwe popmuziek. De formats, patronen zijn gelijk gebleven, terwijl de popmuziek in de jaren zestig zo vitaal was begonnen. Hoewel tegenwoordig moeiteloos standaard tweeduizend verschillende geluiden uit een keyboard kunnen worden getoverd, is vooral de ouderwetse piano een voortdurende en alomvattende bron van inspiratie. “Op een onbewoond eiland zou ik een piano meenemen. Ook omdat daar waarschijnlijk geen stroom voorradig is”, lacht Stips zijn tanden bloot.
Supersister is zijn meest geliefde band: “The first cut is the deepest. Supersister was echt ontdekkingsmuziek. Muziek hangt voor mij samen met gebeurtenissen, muziek is niet alleen maar muziek. Daarom vind ik het zo leuk in theaters op te treden die ik zelf uitkies en waarvoor ik trouwens alles zelf regel.” Opnieuw een mooie tegenstelling, want over een maand toert hij opnieuw met The Nits door de gekende poptempels van Nederland, ter promotie van de cd Malpensa, een toer waarin Stips en de bandleden van The Nits ook het Paard van Troje aandoen.

Robert Jan Stips in RJ Solo is op zondag 17 februari (16.30 uur) te zien in Theater Pepijn. Meer informatie op www.diligentia-pepijn.nl en www.stips.net.

Advertenties

De voortplantingsdrift van een holbewoner

Lageveen en Witte in ‘237 redenen voor seks’

De popsong 50 ways to leave your lover van Paul Simon is allang geen reden meer om aan meer seks te komen. Maar reden 237 werpt toch wel een tikkeltje blaam op de uitspreker: Ik had al lang geen seks meer gehad.

Vrijen op zijn slaks is een van de 237 redenen. Reden numero één: ze rook lekker. Numero 209: ik zocht woonruimte. In de theatervoorstelling 237 redenen voor seks dissen acteurs Geert Lageveen en Leopold Witte op genoeglijke wijze fraaie anekdotes op, terwijl ze nostalgische plaatjes draaien op de pick-up: Rickie Lee Jones (Chuck E.’s In Love), Blondie (Denis), Santana (Europa) en onder meer Grace Jones (La vie en rose). De voorstelling was in 2011 een succes als lunchvoorstelling in het Amsterdamse theater Bellevue, maar is nu uitgebouwd tot een avondvullende productie die is uitgebreid met ‘nieuw materiaal’.

Wetenschappers van de universiteit van Texas stelden in recent onderzoek bijna 250 redenen vast waarom mensen met elkaar naar bed gaan. Dat varieerde van ‘het voelt goed’ tot het spirituele ‘om dichter bij God te komen’. Ook doen sommigen aan seks om warm te worden, terwijl anderen graag wat calorieën willen verbranden na een maaltijd. Toch waren de meest gegeven antwoorden aantrekkingskracht, genot, affectie, liefde, romantiek, opwinding, het verlangen te behagen, avontuur en gelegenheid. Maar ook antwoorden als ‘ik had een baan nodig’, ‘ik verveelde me’, ‘ik wilde van mijn hoofdpijn afkomen’, ‘ik was dronken’, ‘ik wilde wraak nemen op mijn partner’ en ‘ik wilde een ander gespreksonderwerp aansnijden’ kwamen voorbij. Het onderzoek bevestigt dat mannen en vrouwen anders denken over seks. Voor mannen is seks is vooral een fysieke ervaring, terwijl de verlangens van vrouwen gebaseerd zijn op emotionele behoeftes, aldus de onderzoekers.

In deze prettig compacte ‘feelgood-voorstelling over het leven zelf’ gaan Orkater-acteurs Geert Lageveen en Leopold Witte met de billen bloot. Tal van wetenswaardigheden uit biologie en psychologie worden vakkundig verweven in de persoonlijke en uiterst herkenbare verhalen in een vrolijkstemmende voorstelling, waarvan de Avro in mei 2012 nog een tiendelige radiobewerking uitzond. Het Orkater-duo Geert Lageveen en Leopold Witte knipt het bedleeslampje aan en belicht het gevoelige onderwerp seks van onverwachte kanten.

Geert Lageveen en Leopold Witte met 237 redenen voor seks in Theater aan het Spui op woensdag 6 en donderdag 7 februari. Meer informatie: www.orkater.nl en www.theateraanhetspui.nl. Telefonisch reserveren: (070) 346 52 72.

Mannetjesputters op de Amsterdam Gay Games

Daniël Boissevain als Stijn in Kluuns Haantjes

In de eerste week van augustus 1998 was Amsterdam één grote confettibom. De stad klotste van de seks. ‘Ze werden gezond ingevlogen en een week later asgrauw afgevoerd. Wij vraten de ruif leeg’, zegt sportschoolnicht Charles in Haantjes. Meedoen was belangrijker dan winnen.

Over mislukkingen zijn geweldige boeken geschreven. Frans Laarmans, klerk bij de General Marine and Shipbuilding Company in Antwerpen, krijgt van de welgestelde vriend van zijn broer Jan, een baan aangeboden. Laarmans laat zich verleiden om groothandelaar in Nederlandse kaas te worden, volvette Edammer. Hij kwijt zich vooreerst met verve van zijn taak, maar als zijn eerste zending van 20 ton kaas arriveert weet hij niet goed wat ermee aan te vangen. In de keiharde leerschool van de praktijk blijkt Laarmans niet geschikt voor zijn werk. Uiteindelijk geeft hij zijn koopmanschap op, na slechts enkele bollen kaas verkocht te hebben. Kaas van Willem Elsschot is net als Haantjes, de succesroman van Kluun uit 2011, het verhaal van een mislukking. Kluun verwijst achterin Haantjes zelfs direct naar Elsschots roman. Kluun neemt je, net als Elsschot in Kaas,keurig aan de hand langs een zevenheuvelenroute vol opzichtige marketingmissers, wanbetalers en te hooggespannen verwachtingen.

Kluuns derde boek is gebaseerd op een werkelijk gebeurd zakelijk fiasco. Het speelt zich af ten tijde van de Gay Games in het florissante Amsterdam van 1998 – die nipt door de gemeente Amsterdam werden gered van een faillissement. Het markeert de terugkeer van Stijn. Die kennen we nog uit Komt een vrouw bij de dokter en De weduwnaar. Dit verhaal speelt zich voor die tijd af, in 1998. Toen Stijns vrouw nog niet aan kanker leed en zijn reclamebureau nog in de kinderschoenen stond. De satire tekent zich af tegen de achtergrond van een leven waarin eenieder moeiteloos zakken geld lijkt te verdienen, de beurs oneindig floreert, de reclamewereld zonder weerga bloeit en het nachtleven onovertroffen bruist. Juist dan beginnen yuppies Stijn en Frenk het creative & marketing agency Merk in Uitvoering. Het gaat ze ogenschijnlijk erg voor de wind. Als op een gegeven moment modelhomo Charles (‘Jullie zijn de breeders, wij de genieters’) langskomt met niets minde dan een briljant idee voor de Gay Games besluit het tweetal ongehinderd door basiskennis over verkooptechniek, de gayscene noch door kritische geluiden uit hun omgeving – hun bureau nu eens écht op de kaart zetten met de mega-introductie van Gay Flags®. Daarin is het rood van landenvlaggen, caps en T-shirts vervangen door gedesigned roze. Even is er twijfel – wat weten zij als macho’s van de gaywereld? – maar de euforie overheerst. Ze gaan ervoor. Ze zullen scoren en rijk worden. ‘A marketeers wet dream’.

Reclamespotje
Aardige, een beetje domme jongens. Meer kapoentjes dan haantjes. Gewone mensen dus, zonder bijzondere talenten. Stijn is een echte hetero die buiten de deur van alles wil doen (feesten, rondneuken, zich klem zuipen, groot geld pakken), maar Carmen is zijn kiene vrouw die hem steeds de baas is en ook zakelijk zijn meerdere – als in een reclamespotje: de man als huiselijke sukkel, aangestuurd door de snuggere vrouw. De vrouwen in het boek reageren van meet af aan realistischer dan de mannen. Tot hun ongenoegen. Kluun opent niet voor niets met een quote van Sylvia Tóth, zakenvrouw van het jaar 1985. ‘Als vrouwen het voor het zeggen hadden gehad, zaten we nu niet zo in de penarie. Kijk naar de dertig zakenvrouwen van het jaar in Nederland. Tot nu toe is er nog nooit eentje failliet gegaan.’

Kluuns hitroman is onlangs voor toneel bewerkt met als slogan ‘zo groot als hun ego zal hun succes nooit worden’, in Kluuns eenzelfde, kenmerkende vlotte schrijfstijl. En met Daniël Boissevain in de rol van Stijn. “Kluun heeft een prachtig portret beschreven van de mannetjesputterswereld die de reclamewereld ten tijde van ‘the sky te limit’ was”, oordeelt Boissevain, “en volgens mij nog altijd is. Een snelkookpan  die is vergeven van poeha-taal en -types en aaneengeregen van gebakken lucht”. ‘Wij waren meesters in het presenteren van verpakte stront,’ zegt Stijn al in het begin over het reclamewerk van Merk in Uitvoering. In Kluuns satirisch getinte schrijven over de reclamewereld, die op zichzelf al een pastiche is, en over het meest extraverte deel van de Amsterdamse gayscene  worden de gulle lachers direct bediend: Kluun goes Jiskefet. Van beide milieus hoef je beurtelings alleen wat omgangsvormen, newspeak en gegil te noteren. Boissevain: “Aanvankelijk was ik bang dat Kluuns verhaal gedateerd zou aandoen, maar ik herken zeker de types die erin rondstruinen, onder meer omdat ik geregeld stemmen inspreek voor reclameboodschappen”. Volgens Boissevain waren Stijn en Frenk ‘enthousiastelingen die zich in een plan stortten, een gat in de markt zagen, maar van een koude kermis thuiskwamen’.

Toneel en film
De toneelvoorstelling concentreert zich, net als het boek, op het zich allang aankondigende fiasco van het bureau, met Stijn, Frenk (Harpert Michielsen) en Maud (Rosa Reuten) als boodschappers. “’Count your blessings’, zo luidt de savoir vivre-mening van Stijn”, zegt Boissevain. “Maar Frenk is blijven hangen in het aloude patroon. Iemand die, niet zoals Stijn, steeds een jonge hond wil zijn en als kip zonder kop wil kunnen handelen. Ook al aanvaardt ten langen leste ook Stijn de druk dat hij niet meer terug kan keren op eenmaal gemaakte schreden.”

Voor Boissevain – bekend van onder meer All Stars, Gooische Vrouwen en Wie is de Mol 2013, de musicals Wild Romance en Doe Maar! – lijkt toneelspelen vooral op het maken van muziek. “Op de vloer ben je weliswaar je eigen regisseur, waar het erop aan komt met de anderen een goede timing te vinden. Dat is bij het acteren voor films in principe ook wel zo, maar daar komt het veel meer aan op pieken op het moment. Ikzelf houd vooral van de afwisseling die uitgaat van toneelspelen, filmacteren en presentatiewerk”.

Ondertussen voert Kluun met Herman Koch een verbeten strijd in termen van oplagecijfers. De schrijvers lijken onderlinge plaagstootjes niet uit de weg te gaan. ‘Zoals een echt haantje betaamt, wil ik winnen’, zo tekende Omroep Brabant eens op uit de mond van Kluun. Waarvan akte.

Haantjes met o.a. Daniël Boissevain is te zien op zaterdag 2 februari in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: www.haantjes-theater.nl en www.ks.nl. Telefonisch reserveren: 0900-3456789.