Een choreografie van illusies

Festival rond kunstenaar Peter Verhelst

Een spervuur van woorden, zinnen, vergelijkingen, fragmenten, beelden, scènes en associaties. Peter Verhelst is, no doubt, de man bij wie vele aspecten van de hedendaagse kunst tot een daverend maar muisstil hoogtepunt samenkomen. Theater aan het Spui stelt hem en zijn kunst centraal.

Een festival dat beeldende kunst, toneel, film, muziek en literatuur verenigt – dat komt vaker voor. Dat het zich rond één persoon centreert die bovendien in blakende, nee: opperste staat van leven en welzijn verkeert – dat is het unieke van Verhelst XL ‘- En nooit komt een eind aan ons verlangen’.

Hoewel het in Verhelst XL in alle elegantie veeleer om zijn werk draait dan zijn persoon, natuurlijk, is de vijfdaagse kunstmanifestatie een niet mis te verstane noch te onderschatten ode aan de Vlaamse kunstenaar. Een man die de binnenkant van zijn schedel graag met waarheden behangt, wiens werk de uitwerking kan hebben alsof je een zwarte rivier inloopt, of je opeens van hitte druipend omklemt. “Ik heb eerst m’n dokter maar eens gebeld”, grapt Verhelst door de handsfree in zijn voortrazend automobiel. Dat mobiel is in alle ernst symbolisch voor het festival, want Verhelst overkwam een tijd geleden een auto-ongeval. En sindsdien zijn die drie seconden uit zijn leven zoek. Foetsie. Een minuscuul maar betekenisvol klein gat in zijn geheugen. “En dat wil ik opvullen. Met kunst die je aan den lijve doet ondervinden wat schoonheid is, die tot nadenken stemt, contemplatie teweegbrengt”.

“Geen gemakkelijke kunst”, zo is Cees Debets van het organiserende Theater aan het Spui zich bewust en meteen ook de eerste om toe te geven, “maar zo fascinerend tot uiting gebracht dat het je doet opstijgen, weet mee te nemen naar een andere wereld, hoe bespiegelend van aard die bij Verhelst tegelijkertijd ook kan zijn.” Verhelst spreekt zelf over ‘stof tot nadenken’: “Nadenken is een lust. Kunst helpt om na te kunnen denken.”

Verhelst. Op zoek. Naar niet-alledaagse schoonheid. Naar eerbiedwaardige stilte ook. In de grote zaal van Theater aan het Spui richt hij daarom met beeldend kunstenaars Johan Tahon en Maud Bekeart een, om met Verhelst te spreken, ‘ontroostbaar troostende’ installatie in, die tijdens het festival doorlopend tussen 10.00 en 18.00 uur te bezoeken is. Eigenlijk een stilteplek. “Zomaar, middenin de stad. Een plek om te kunnen ademen, waar je kunt zitten of juist door een zuiverend parcours af te leggen symbolische een berg kunt oprichten door een rite te ondergaan, als ode aan schoonheid. Zulke serene plekken zijn tegenwoordig bijna onvindbaar”, zo licht Verhelst toe. Beeldende kunst is bepalend voor zijn kunstenaarschap, het beginpunt. “Een manier van ademen, ben er van kindsbeen mee opgegroeid”. Hij verwijst naar De Madonna met kind, ook bekend als de Brugse Madonna, een marmeren beeldhouwwerk van Michelangelo van Maria met het kind Jezus dat bewaard wordt in de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Brugge. “De herinnering aan die ‘fysieke verschijning’, die bewaar ik als schat in mij”. En dat naspeuren van een schat, in Verhelsts universum ‘verlangen’ geheten, is een terugkerend onderwerp in zijn veelomvattende werk. Uit De geschiedenis van een berg: ‘De schat die er niet is. Of die er misschien wel is, maar nooit zal worden gevonden en herkend. En het verdriet dat zoiets veroorzaakt. Uiteindelijk drong het tot me door dat die schat wel bestond en dat die mij had aangeraakt. Opdat ik altijd zou zoeken.’ Verhelst: “Verlangen is de brandstof van het leven. Wat ons samenhoudt. Een klein houtskoolroodgloeiend bergje op de berg. Dat is wat er van ons overblijft”.

Ervaringskunstwerken, dát zijn het vooral. Die kwalificatie gaat op voor zijn literaire werk maar ook voor zijn theaterteksten en -regies. Op zijn Verhelsts: “Het lichaam is een wonderlijke machine”. Zoals het uit 2013 daterende onderhuids zinderende Africa van NTGent, gespeeld door Oscar Van Rompay, waar vele bezoekers met mij volkomen bevangen en totaal ontwapend uit te voorschijn kwamen. Of Moby Dick, dat hij bij Veenfabriek maakte, en waarin hij Kapitein Ahab de beroemde walvis laat najagen. Ook hierin een zoekspel naar verlangen, maar dan naar de destructieve variant ervan.

In Verhelst XL is wat theater betreft de Nederlandse première van zijn nieuwe voorstelling Hotel Malaria te zien, een voorstelling als een film, vol flashbacks, ijldromen en onbestemde geluiden van one-man-band formatie Kreng, gespeeld door de immer vileine Bert Luppes en een breekbare Lien Wildemeersch. Ook muziek is een constante in het werk van de reeds veelvuldig bekroonde kunstenaar. In Verhelst XL is daarom het filmconcert Arcanum geprogrammeerd. Daarin worden ‘soundscapes’ van Kreng vermengd met ‘visuals’ van het Vlaamse theatergezelschap Abattoir Fermé. Onderdeel van Verhelst XL is ook de presentatie van zijn nieuwe roman De kunst van het crashen. Die wordt ingebed in een talkshow, met live muzikale begeleiding van de Veenfabriek, over zijn dichtbundel Wij totale vlam.

Verhelst XL in Theater aan het Spui van 3 t/m 7 maart 2015. Meer informatie op theateraanhetspui.nl. Telefonisch reserveren: (070) 346 52 72.

Kwetsbare vaders met acht stoere vuisten

Percossa met première van The Real Deal

Met The Real Deal zet ‘slagwerktheatergroep’ Percossa een nieuw stap in hun ontwikkeling. Regisseur Jos Thie: “Ik schaar ze in het rijtje van The Ashton Brothers en de Wereldband”.

XXL trommels met een showy 3D lichtshow, dat is het geijkte beeld dat bij velen oprijst als je het hebt over theateroptredens van slagwerkgroepen. Niet bij Percossa. Met The Real Deal presenteert het viertal rasslagwerkers een nieuwe voorstelling die, naast gekheid op een stokje, nog meer dan vroegere producties een uitgesproken theatrale rode draad kent: die van het vaderschap. “We zijn tegenwoordig alle vier vader”, zegt Janwillem van der Poll, een van de percussionisten van Percossa. En regisseur Jos Thie, die zich met The Real Deal voor het eerst inhoudelijk over een programma van de vier slagwerkers boog: “Rond de repetities waren er steeds twee gespreksonderwerpen. Aan de ene kant de nieuwe voorstelling, aan de andere verhalen over het thuisfront en dan vooral over de kinderen. We hebben daarom besloten om het vaderschap tot uitgangspunt te nemen. Elk nummer in The Real Deal is hoe dan ook daar op geïnspireerd. Zo beginnen we met het geluid van de hartslag van een ongeboren kind en eindigen we met een ouderling die op stap gaat”.

Natuurlijk zitten er in The Real Deal als vanouds nummers met supersized trommels en een flashy lichtontwerp. “Maar meer dan in vorige shows staan die ten dienste van de rode draad, van het thema waarvoor we met Thie hebben gekozen”. Zulk overdonderend klinkend spierballendrumwerk komt onder meer voor in een scène waarin we een jongetje laten opkijken tegen zijn vader, zijn held, zijn alles. “Dat, zo zegt Van der Poll, “stelt zo’n ‘poweract’ opeens in een ander daglicht. Slagwerk is geen doel op zich, maar een middel om theater te maken”.

Ritmiek
In eerdere voorstellingen introduceerde Percossa nummers waarin ze op de proppen kwamen met klompen, met een didgeridoo, met een zingende zaag. “We gaan graag op klankavontuur. We houden van wisselende sferen. Af en toe zingen we, niet altijd in een begrijpelijke, verstaanbare taal, maar zetten de stem in als klankinstrument. In The Real Deal zit zelfs een Afrikaans slaapliedje. Maar ook maken we dankbaar gebruik van melodisch slagwerk”, aldus Van der Poll. “Marimba, xylofoon, klokkenspel en vibrafoon, houten blokjes of metalen staafjes, we zoeken ze graag op. Ritmiek, dát is de taal die wij spreken, ons gereedschap, dat zit in onze genen besloten. Wij allen, naast mij Niels van Hoorn, Eric Robillard en René Spierings, hebben het conservatorium doorlopen, dus die liefde voor ritme sla je er niet zomaar uit. Het is het startpunt. Maar we willen niet louter en alleen een drumshow presenteren ”.

Extra kwaliteit
“Ik heb ze de laatste jaren een paar keer in het theater aan het werk gezien. Wat me onmiddellijk opviel is dat het zulke uitstekende musici zijn en vooral dat ze uitstekend toegerust zijn om daaromheen theater te maken”, vertelt een opgetogen Jos Thie. “Dat is een extra kwaliteit”. Thie heeft met The Real Deal het regisseursstokje bij Percossa overgenomen van Karel ‘Mini’ de Rooij, die over twee van hun producties de regie heeft gevoerd. “Karel is bij uitstek een man van het variété en die invalshoek heeft Percossa ontegenzeggelijk verder gebracht”, zegt Thie. “Klopt”, zo bevestigt Janwillem van der Poll, “maar we wilden opnieuw een stap maken in onze ontwikkeling en daarin heeft Jos ons op het goede spoor gezet”. Karel de Rooij heeft bij Percossa op eigen gezag een stapje terug gedaan. “Na twee producties is het goed als weer eens een ander er zijn licht over laat schijnen. Jos vind ik een uitstekende keuze en een prima opvolger voor mij, ook al omdat hij de regisseur is van verschillende voorstellingen van Mini & Maxi”.

Percossa is van vele markten thuis. Zo tekende de slagwerkersact onder meer voor de muziek in de voorstelling The Open Square die choreograaf Itzik Galili een tijd geleden bij het Staatsballett Berlin maakte. “In Nederland wordt hun talent nog altijd niet op waarde geschat”, breekt Karel de Rooij een lans voor het viertal. “Terwijl hun optredens in Parijs, aldaar in de lichtstad jubelend werd ontvangen. En ook op tournees die hen naar tal van landen voert, is het steevast raak. Nog dit jaar reizen ze af naar China, zo is de bedoeling. Thie: “Slagwerkgroepen zijn er zoveel in de wereld, van Percossa is er maar een. Ikzelf schaar ze in het rijtje van The Ashton Brothers en de Wereldband”.

The Real Deal van Percossa is op maandag 9 en dinsdag 10 februari 2015 te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie op percossa.nl en ks.nl. Telefonisch kaarten reserveren op 0900-3456789.