‘Laat het simpel zijn, gewoon simpel!’

Elsie de Brauw in Tsjechovs ‘De kersentuin’ en Ida Wasserman Lezing

De rijke familieboomgaard op het uitgestrekte landgoed, die beroemde kersentuin: hij gaat eraan! Tsjechovs meesterwerk ‘De kersentuin’ wordt bij NTGent gespeeld door een sterrencast met onder meer Pierre Bokma en Elsie de Brauw. De Haagse topactrice spreekt bovendien de Ida Wasserman Lezing uit.

Terwijl familie, vrienden en personeel reikhalzend uitzien naar haar komst, detoneert haar vergane glorie. In ‘De kersentuin’ keert Ljoeba (Elsie de Brauw) na vijf jaar van reizen berooid weer thuis op haar landgoed-in-verval. Terwijl ze in vervoering raakt van herinneringen aan haar kindertijd, wordt haar gedrag aldoor ondoorgrondelijker.

Beschreef Tsjechov louter een anekdotisch tijdsbeeld zo rond het jaar negentienhonderd? Of reikte ‘De kersentuin’ toen al verder, over een strijd van alle tijden: een clash van generaties? Voelt niet iedere gearriveerde vijftiger zich weleens bedreigd, voorbijgestreefd door jongere generaties? Ook tegenwoordig zien zij verworven zekerheden zienderogen afbrokkelen – terwijl nieuwe maatschappelijke werkelijkheden zich in sneltempo aandienen.
In De kersentuin, Tsjechovs laatste stuk, roept grootgrondbezitter Lopachin uit: ‘Laten we er maar eerlijk voor uitkomen, ons leven is stompzinnig.’ Die zinloosheid (volgens sommigen: betekenisloosheid) weglachen – en ondertussen volleerd en praktiserend arts zijn. Voor Tsjechov bleek het een vruchtbare spagaat. Na zijn medische studie bracht de beroepspraktijk hem in contact met ellende, ziekte en dood; ervaringen die zijn kennis van de menselijke geest verrijkten. En bovenmatige mensenkennis opleverde.
De tragiek van het menselijk onvermogen, uitzichtloosheid, verlies: Tsjechov wordt vaak beticht van een (te) melancholieke ondertoon. Misverstand. Tsjechov zelf meende dat ‘De kersentuin’ een komedie moest zijn. Maar al in de eerste opvoering, die in Moskou met geestdrift werd onthaald, werd juist sterk de nadruk gelegd op het tragische. Tot verdriet van de schrijver. Over de première van De kersentuin, op 17 januari 1904 in het Kunsttheater te Moskou, was Tsjechov ziedend. Terugreizend naar zijn kuuroord Jalta noteerde hij in een brief aan echtgenote/actrice Olga dat ‘regisseur Stanislavski mijn stuk heeft geruineerd.’
Waarom toch hamert hijzelf, ook in het geval van ‘De kersentuin’, er zo op dat zijn stuk in de eerste plaats ‘komisch’ bedoeld is? Het antwoordt luidt dat Tsjechov zwaarwichtigheid, ponderositeit, wilde vermijden. En had hij een gloeiende hekel aan sentimenteel, bombastisch gekwezel. Door zijn stuk een komedie te noemen hoopte hij op een ‘lichte’ speeltrant, een koele, scherpe benadering van de personages die hij had bedacht, maar ook op het achterwege laten van realistische details om het stuk een schijn van werkelijkheid te verlenen. Een tijdgenoot die hem tijdens een repetitie gadesloeg: ‘Iedere valse noot, ieder cliché, iedere ijdele of vulgaire nuance deed Tsjechov huiveren… Dikwijls interrumpeerde hij de acteurs om te bepleitten: ‘Niet theatertaal, alsjeblieft. Laat het simpel zijn, gewoon simpel!’

NTGent
Tsjechov biedt genoeg materiaal voor vrijwel welke interpretatie dan ook. Bij regisseur Johan Simons, een van de grote meneren uit het Nederlandse toneel, is ‘De kersentuin’ een verwijzing naar de staat van het Europa van nu. Simons: “Door zijn sociale betrokkenheid stelde Tsjechov als mens een onvoorstelbaar groot voorbeeld. Hij was werkzaam als arts terwijl de hongersnood en de cholera-epidemie het Rusland van eind negentiende eeuw teisterden, en hij was nauw betrokken bij de gemeenschap waarin hij werkte. Ondertussen onderhield hij innig contact met zijn familie. Een generositeit die in tijden van extreem individualisme tot nadenken stemt.”

De kersentuin was Tsjechovs laatste stuk. En het enige stuk waarvan de titel niet naar een personage maar een plek verwijst. Simons: “Tsjechov schreef ‘De kersentuin’ op de drempel van een tijdperk dat zou worden gekenmerkt door toenemende migratie, dat werd beheerst door een soms tendentieus beeld van de mens als nomade. Een evolutie die vandaag is uitgemond in verwarring. Een verwarring over het verschil tussen zelfgekozen onthechting en noodgedwongen ontworteling.”

Elsie de Brauw & Ida Wasserman Lezing
Hoofdrolspeelster in ‘De kersentuin’ is Ljoeba, bij NTGent gespeeld door Elsie de Brauw. De geboren Haagse won eerder twee keer de Theo d’Or voor beste vrouwelijke rol. Zij spreekt op zaterdagmiddag 13 februari in de Koninklijke Schouwburg de Ida Wasserman Lezing uit, vernoemd naar de Residentie Tooneel-actrice, die voor háár vertolking van Ljoeba indertijd een Theo d’Or won.

Dit zijn de namen
NTGent neemt ook bezit van de Koninklijke Schouwburg met ‘Dit zijn de namen’ speelt, naar de roman van Tommy Wieringa. Het verhaal speelt zich af op de puinhopen van de beschaving, en stelt prangende vragen: Moet een samenleving eerst worden ontdaan van zijn illusies alvorens er ruimte ontstaat voor empathie en barmhartigheid?

NTGent met ‘De kersentuin’ op vrijdag 12, zaterdag 13 en zondag 14 februari 2016. ‘Dit zijn de namen’ speelt op woensdag 17 februari 2016. Elsie de Brauw spreekt de Ida Wasserman Lezing uit op zaterdag 13 februari 2016, 16.30 uur. Meer informatie op ks.nl. Telefonisch reserveren: 0900 – 3456789.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s