Bruggen bouwen met dans

Deel 2 van ‘Glass’-opera Satyagraha tijdens India Dans Festival

Vorig jaar, met de vijfde editie, vierde het India Dans Festival een fraai feestje in het Korzo theater. Ook al omdat toen de wereldberoemde componist Philip Glass aan Korzo toestemming  gaf voor het opvoeren van zijn opera Satyagraha.

Het unieke is met name dat de toestemming een dansante uitvoering gold, plus de medewerking van twee bijzondere koren. Na de totstandkoming van deel 1 vorig jaar, volgt in oktober deel 2. Ondertussen kijkt nu al iedereen reikhalzend uit naar de integrale opvoering volgend jaar.
In ietsjes meer dan een lustrum is het festival uitgegroeid tot een van de belangrijkste manifestaties voor Indiase dans in Europa. Dat is onder meer te danken aan een breed aanbod, dat loopt van kathak tot urban Indiase dans, en van bharata natyam tot moderne dans. Artistiek directeur van Korzo, Leo Spreksel, zelf een fervent liefhebber van de Indiase danscultuur, begon jaren negentig al met het programmeren van niet-westerse dans. Hij ontdekte toen dat in en rond Den Haag een grote Hindoestaanse gemeenschap leeft, en hij merkte dat die graag komt kijken bij hoogwaardige kunst uit India. Vervolgens wist hij die te mobiliseren en aan zich te binden. “Korzo heeft als podium voor zowel toonaangevend als beginnend talent in moderne dans,” aldus Spreksel, “altijd ook het voortouw genomen in het presenteren van dans en muziek uit de hele wereld. Uiteenlopende programma’s die voortkomen uit de rijke diversiteit aan culturen die de stad Den Haag kenmerken. Zowel van grote artiesten uit binnen- en buitenland, als lokaal talent.”
Dankzij de jarenlange investering van de ‘Korzianen’ had Den Haag in 2013 een landelijke primeur te pakken met de oprichting van Zangam, het eerste Hindoestaans/Indiase koor van Nederland. Toen dit koor in 2014 voor de openingsact van de jaarlijkse Holland-India Festivals in Den Haag werd samengebracht met het Westlandse theaterkoor Dario Fo, blijkt dat de geboorte geweest van een unieke samenwerking.

Onderhandelen
Het was dirigent Rick Schoonebeek van Dario Fo die ervan droomde om Glass’ Satyagraha op te voeren. Hij zag een mooie kans én een goede partner opdoemen, ook omdat Satyagraha gebaseerd is op het leven van de Indiase verzetsheld Mohandas K. (zeg maar: Mahatma) Gandhi. Philip Glass maakte de opera als onderdeel van een trilogie rond mannen die de wereld hebben veranderd: naast Gandhi zijn dat volgens Glass de Egyptische farao Ekhnaton en wetenschapper Einstein. De beide koren werden vervolgens aangevuld met musici. Voor de dans tekenden Indiase en Nederlandse dansers en de choreografe Revanta Sarabhai. Daarop trok Spreksel de stoute schoenen aan. En het lukte Korzo als producent van de uitvoering om Philip Glass, een van de meest geprezen componisten van hedendaagse muziek, over de streep te trekken. Spreksel: “Na heel lang onderhandelen, dat wel. Door de korte termijn echter die vorig jaar resteerde tot aan de eerste uitvoering, kon pas een paar weken voor het festival een begin worden gemaakt met instuderen. Daardoor kon toen alleen het eerste bedrijf worden gedanst, gezongen en gespeeld. Toch zag dat er erg goed uit, zeker wanneer je beseft dat er slechts beperkte tijd was voor repetities.”

Integraal
Gerechtvaardigde hoop dus dat het dit jaar opnieuw goed gaat komen voor deel twee. De zangers en dansers mogen, eervol, het India Dans Festival in Korzo zelfs openen. De Haags-Indiase choreografe Kalpana Raghuraman, inmiddels wereldwijd doorgebroken, is bruggenbouwer tussen de klassieke Indiase en westerse moderne dans.
Maar het wachten is uiteraard op volgend jaar, wanneer tijdens het festival de grote alomvattende versie kan worden opgevoerd – met misschien Philip Glass zelf wel als toehoorder in de zaal. “Het is de bedoeling dat dan het volledige orkest aantreedt,” vertelt Spreksel, “twee keer zoveel koorzangers meedoen en er nog meer dansers bij zijn dan nu het geval is.” Den Haag kan zijn borst nat maken.

Satyagraha – Akte 2 van Philip Glass is te zien van vrijdag 14 tot en met zaterdag 16 oktober in het Korzo theater. Met medewerking van: Zangam koor, Dario Fo koor, Kalpana Raghuraman, dansers en musici. De uitvoering maakt deel uit van het India Dans Festival 2016 (14 t/m 29 oktober 2016). Meer informatie: indiadansfestival.nl en korzo.nl.

kader
Den Haag viert dit jaar weer de Indiase cultuur met het Indian Film Festival in het Filmhuis, India Dans Festival in Korzo en het India Muziek Festival in Zuiderstrandtheater en de Nieuwe Kerk. Deze viering opent onder de noemer Holland-India Festivals op 30 september met een galaprogramma. Kijk op: holland-india.nl

Advertenties

Circuspiste op de theatervloer

Volle zalen, prachtige voorstellingen en veel pers: met Cirque Mania in maart van dit jaar heeft het Korzo theater een nieuwe discipline met wijdopen armen omarmd, die van circus art: circustheater dat op moderne leest is geschoeid.

Het gaat om een theatervorm die een breed publiek weet te boeien en te raken. “We staan aan de vooravond van de doorbraak van een nieuwe discipline, legt ze uit. “In het buitenland en in andere steden in Nederland is circus art al langere tijd ‘hot’. Ons weekendbombardement werkt dus,” zo legt programmeur Daphne van Iperen graag uit.

“En het mooie is dat ons trouwe danspubliek Cirque Mania als een waardevolle aanvulling ziet op onze dansvoorstellingen”.

Voor Korzo is circus niet echt een vreemde eend in de bijt, want: “dit genre raakt aan dans, bewegingstheater én muziek.” In de tweede editie zien we dan ook een ‘oude’ bekende terug van Korzo, want choreograaf en danser Klaus Jürgens deed de eindregie voor twee verschillende voorstellingen, én voor een eindexamenvoorstelling van een student van Codarts.

Op vrijdag 23, zaterdag 24 en zondag 25 september focust Cirque Mania vooral op Nederlandse circusvoorstellingen, met eindexamenoptredens van Codarts, Panama Pictures, TENT, Michel Deprez/Nick van der Heyden en Circus Katoen. Voorstellingen voor fijnproevers, maar ook voor de hele familie. Zaterdag is er De Keuken van Klaus Jürgens.

Meer informatie: korzo.nl/cirquemania

Haagse Parkpracht in Westbroekpark

Grachtenpracht verlaat binnenstad

Idyllisch en romantisch genieten, en je ondertussen laten verrassen door theateroptredens. En vooraf het buikje rond eten. Het Westbroekpark dient als decor.

‘Eh nee,’ lacht Lonneke, ‘een waterrat ben ik zeker niet. Ik houd helemaal niet zo van water.’ Geen Olympisch zwemster dus. Maar Van Leth is niettemin de bedenkster van Haagse Parkpracht, de culturele bootreis die jaarlijks door de Haagse binnenstadsgrachten voerde, maar dit jaar voor het eerst het kampement opslaat aan het Westbroekpark.

De naamsverandering naar ‘parkpracht’ in plaats van tot nu toe ‘grachtenpracht’ houdt verband met de verhuizing naar het beschermde stadsgezicht. Van Leth: ‘Na vier edities wilden we wat anders. De route door de binnenstad kennen we nu wel, net als de plekjes waar je wat theatraals kunt doen. De route vanuit de binnenstad ernaartoe is niet interessant, want langs razend autoverkeer. Daarom hebben we er voor gekozen om vanuit het Westbroekpark zelf te gaan varen, met als rustieke aanlegplek Theeschenkerij De Waterkant. Mijn eigen favoriet plekje daar? Het vissersplekje aan de Cremerweg, richting de grote plas naar het Indisch monument. Romantisch, zeker, maar er zijn daar alleen maar mooie plekjes.’

Het programma met zes acts staat als een huis: vrolijke tango met Carpet tango van het duo Ezequiel Sanucci en Lydia Muller. Doorwrochte muziek van tweemansband 1st of June, dat zijn Lavalu en Gerhardt, die een samensmelting laten horen van op klassieke muziek georiënteerd pianospel met percussief gitaarspel. Van Leth: ‘Donker, onderhuids en roerend. Denk XX. Denk Nick Cave. Denk Feist.’ Voorts is er een optreden van acteur Burt Rutteman die met veel soorten van genoegens het zeikweer van de laatste weken fileert in ‘Zeikes’. ARTax is het jonge muziektheaterinitiatief van de Haagse Violette Lazin en Gianmaria Griglio. Zij presenteren Nostalgias, een programma dat op ontdekkingsreis gaat langs de vocale klippen van de tango.

Theatermaker Duda Paiva maakt zijn opwachting met Nike, een duet met een engel (danseres Ilija Surla), een fragment uit zijn voorstelling De Grieken, gepresenteerd nabij de rozentuin van het park, een unieke locatie met de 300 verschillende rozen en 20.000 rozenstruiken.

Van Leth tekent zelf voor Het Laatste Oordeel. ‘Ik heb dat vorig jaar gemaakt voor Schemernachten in Leiden, een festival dat wat weg heeft van de Haagse Parkpracht. Ik heb me laten inspireren door het drieluik van Jan van Leyden dat te zien is in De Lakenhal in Leiden. In mijn stuk laat ik god neerkijken op zijn eigen schepping. Hij was het project ‘aarde’ geheel vergeten en maakt nu de balans op…’

Vooraf de tweede of naar keuze na de eerste vaart, staat een diner gereed bij De Waterkant. Tijdens de route van naar schatting een uur en drie kwartier krijgt iedereen een knapzakje mee met wat versnaperingen. En na afloop van de tweede tour is er een afterparty, daar bij De Waterkant.

Op de twee avonden van Haagse Parkpracht vertrekken iedere avond twintig boten van De Ooievaart, De Willemsvaart en The Hague Boat, verdeeld over twee rondes. Dit jaar is het tegen betaling mogelijk met je eigen boot mee te varen in wat tot een vloot uitgroeit, want ook het trendy ‘suppen’ is mogelijk.’ Je staat dan op een surfplank waarop je eigenhandig voortpeddelt over het water. Een unieke, nooit eerder georganiseerde mogelijkheid om theater vanaf het water te zien. Neem maar beter wel een poncho mee’ zegt initiatiefneemster Lonneke van Leth.

Haagse Parkpracht vindt plaats op 26 en 27 augustus. Meer informatie op haagseparkpracht.nl.

De Appel gaat ten onder, een nieuw initiatief lonkt

Toneelgroep De Appel houdt op te bestaan en wordt opgevolgd door een nieuwe, jonge kern.

Sinds Toneelgroep De Appel twee weken geleden op de website meldde dat de aangekondigde voorstelling Kersentuin/Na de crash is afgevoerd, broeit en gist het in Nederlands oudste repertoire-ensemble. ‘De Appel vecht terug met een nieuwe verrassende voorstelling in oktober’ heet het strijdvaardig. Maar de vraag luidt of De Appel tegen die tijd nog bestaat. Zoals bekend verkeert De Appel in doodsnood toen in mei een adviescommissie voor kunst & cultuur namens de gemeente Den Haag openlijk twijfelde aan de artistieke en bedrijfsmatige opzet en toekomst van het ensemble. De toneelgroep zag zo twee miljoen euro jaarlijks in rook opgaan, ingaande per 1 januari 2017.

Momenteel onderzoekt de Raad van Toezicht onder leiding van Marleen Zuijderhoudt welke vluchtroutes er zijn, uitgaande van een half miljoen euro maximaal, het bedrag dat wethouder Wijsmuller aan het gezelschap als reddingsboei en uit piëteit heeft toegeworpen. Hij eist dan wel een steekhoudend nieuw plan – waarbij hij zelf bepaalt wat dat begrip inhoudt.

De eerste optie is het ensemble formeel op te heffen, dan wel tot op het bot af te slanken om vervolgens als erfgenaam een nieuwe theatergroep in het leven te roepen. Dat betekent na nog geen twee jaar ‘exit’ voor de huidige artistiek directeur Arie de Mol en zakelijk directeur Fred van de Schilde, al was het maar omdat ze dan te duur zijn. Belangrijkste gegadigde voor het verwezenlijken van die optie is Appel-acteur en regisseur David Geysen. Hij solliciteerde twee jaar geleden al op de functie van artistiek directeur, als opvolger van Aus Greidanus – maar werd toen nog te licht bevonden door de Raad van Toezicht. Pikant is dat Geysen (40) momenteel in het Appeltheater repeteert voor Polonium 210. Voor deze productie heeft hij onlangs met compagnon Carl Beukman het ‘label’ Dégradé opgericht. De première vindt half september plaats in… Korzo theater.

Een andere optie voor De Appel is volledig op eigen benen staan, met zeer beperkte middelen. Maar het is de vraag of de toneelgroep dan nog op financiële steun kan blijven rekenen van de Vrienden. Ook met een grote vriendenclub achter de hand (die van De Appel is een van de grootste in het land) is het moeilijk om geld buiten het subsidiecircuit te vergaren. Cijfers van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bevestigen dat. In 2014 maakten landelijk gezien de inkomsten uit private bronnen als sponsors gemiddeld slechts voor vier procent van de begroting uit.

Ook het bewandelen van een zijweg zoals een koppeling aanbrengen tussen De Appel en literair theater Branoul van Appel-acteur Bob Schwarze, dat zich graag meer wil toeleggen op talentontwikkeling, heeft nauwelijks kans van slagen. Al is het maar omdat daarin in Den Haag is/wordt voorzien door Het Nationale Theater (in oprichting).

Implosie
Het heeft er alle schijn van dat het Appel-ensemble op het punt staat van binnenuit te exploderen, temeer omdat geld voor een goede afvloeiingsregeling of sociaal plan voor de medewerkers er (nog) niet is. De vraag is daarom gewettigd of de aangekondigde productie, of het nu een statement of afscheidsvoorstelling is, wel doorgang kán vinden.

Wellicht is het geld voor het bekostigen van die productie nodig voor het aanwenden van een afvloeiingsregeling en het beëindigen van allerhande lopende verplichtingen. Het laten doorgaan van de productie kan trouwens riskant uitpakken voor de Raad van Toezicht omdat de leden juridisch hoofdelijk aansprakelijk kunnen worden gesteld in het geval van een achteraf geconstateerde ondeugdelijke afwikkeling. De contouren van het slagveld die nu het einde markeren, hoe bitter voor betrokkenen en doorgewinterde Appel-fans ook, tekent zich dus keihard af. Naar verluidt roept de Raad van Toezicht het huidige ensemble binnenkort opnieuw collectief bij elkaar. Tot eind augustus wordt de telefoon niet opgenomen en geen van de betrokkenen is tot het geven van commentaar bereid. De reden: de vakantieperiode.

De Haagse gemeenteraad heeft dit najaar het laatste woord over (meer) subsidiegeld voor Toneelgroep De Appel na 1 januari 2017. Maar áls de boel straks daadwerkelijk implodeert, kan de gemeenteraad niets meer uitrichten en zich niet anders dan feitelijk neerleggen bij de dan ontstane situatie. Het is de vraag of wethouder Wijsmuller dan nog geld wil fourneren voor een sociale regeling.

Appeltheater
Bijkomend vraagstuk is of het Appeltheater in handen van Toneelgroep De Appel kan blijven. Een mogelijkheid is om de voormalige paardentramremise uiteindelijk, dan toch minstens deels, een andere bestemming te geven, gezien de jaarlijkse lasten van het eigen pand die bijna twee ton bedragen. Waarbij De Appel dan eventueel de huuropbrengst op eigen rekening kan bijschrijven – maar het wel grotendeels de eigen stek aan de Duinstraat kwijt is.

En dan is er nog de Appelloods, de dependance in de duinen bij de Bosjes van Poot. Het gebouw wordt gehuurd van de gemeente. Mochten de huurkosten meevallen, dan zal bij het eventueel opgeven van het Appeltheater een verbouwing moeten volgen teneinde publieksstromen brandveilig in goede banen te leiden, nog afgezien van mogelijke bezwaren die omwonenden koesteren.

Legende
Toneelgroep De Appel werd in de herfst van 1971 opgericht door regisseur Erik Vos. Volgens de legende gebeurde dat in een appelboomgaard in de Betuwe. Het gezelschap wilde werken vanuit improvisatie en zich richten op de integratie van verschillende kunstvormen als theater, dans en opera. Uitgerekend dit najaar neemt dezelfde Vos afscheid als theatermaker met de productie Het verhaal van Hester. En in Den Haag te zien in… Theater aan het Spui.

Hoe het kleine groots kan zijn

Branoul presenteert benefietprogramma in de Koninklijke Schouwburg

Zojuist heeft Bob Schwarze de schminkstoel van ‘Rundfunk’ verlaten, een experimentele, dit jaar tiendelige tv-serie waarvan eind deze maand de tweede reeks op de buis komt en hij de rol van conciërge Tony speelt. Een schnabbel, in vaktermen.

Maar zijn hart, ja, dat heeft hij al jaren verpand aan het Maliestraatje, nauwkeuriger: aan Branoul. Hemel en aarde – en alles daartussen heeft hij, eigenhandig, in beweging gebracht; zijn zomervakantie grotendeels eraan gegeven en zijn eigen voorziene aandeel in de toch pittig te noemen overlevingsstrijd van Toneelgroep De Appel, waar hij sinds 2005 tot de vaste spelerskern behoort, er zelfs heel even stiekempjes voor op een lager pitje gezet. Maar dan ligt nu daar dus wél het glimmende benefietprogramma ‘Hoe het kleine groots kan zijn’ voor zíjn Branoul als een spiegel te glimmen. De namen van onder meer Gijs Scholten van Aschat, Eric Vaarzon Morel, Joop Keesmaat en Sjoerd Pleijsier prijken als voornaamste blikvangers op het denkbeeldige plakkaat.

Bob Schwarze, directeur van het inmiddels bijna dertigjarige literair theater Branoul, geesteskind van oprichter Rein Edzard de Vries (‘Hij komt zelf ook’), wordt op dit moment gelijktijdig op twee fronten in zijn voortbestaan als theaterdier bedreigd. Geen makkelijke tijd, zo beaamt hij. Maar bij de pakken neerzitten, neen, dat is niet aan hem besteed. Branoul, zo legt hij bereidwillig uit, woont al lange tijd in financieel zwaar weer, noodweer zogezegd, vooral door het uitblijven van structurele subsidie. Maar dit benefietprogramma annex deze fundraisingmiddag moet een ‘gamechanger’ zijn, hiermee zet Branoul volgens Schwarze de doorslaggevende stap naar een gezonde toekomst op volstrekt eigen benen. “Zodat we weer vijf dagen per week open kunnen, jonge makers een kans geven, en eigen producties kunnen uitbrengen. En naast toneel ook schrijversavonden, muziekavonden en comedynights kunnen blijven programmeren.”

“Met dit benefietprogramma willen we niet wéér zieligjes onze handen ophouden maar juist opereren vanuit onze kracht. Daarom wil ik vooruitkijken, laten zien waar Branoul voor staat met heel wat previews van stukken die later in het seizoen, maar dan in vol ornaat, in ons eigen vestzaktheater te zien zijn. Dit benefietprogramma moet ook de aftrap vormen voor een aantal bijeenkomsten met vrienden en sympathisanten later in het seizoen. We hebben daartoe een sponsorplan ontwikkeld. Hopelijk kunnen we genoeg mensen enthousiasmeren om Branoul binnen afzienbare tijd richting veilige haven te loodsen.”

Plaats van handeling voor de benefietmiddag is de Koninklijke Schouwburg en als datum is zondag 14 augustus gekozen. “Ik ben de Koninklijke Schouwburg erkentelijk voor de geste. Dat Branoul gebruik mag maken van die ongelooflijk mooie zaal is een gebaar van goede wil en een teken van vertrouwen.

Dit wordt dan ook geen gewone middag” aldus Schwarze. In de Koninklijke Schouwburg spelen acteur Gijs Scholten van Aschat en gitarist Eric Vaarzon Morel twee delen uit hun flamencoprogramma Duende, doet Joop Keesmaat een fragment uit de eerder gepresenteerde marathonlezing van Couperus’ ‘Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan’ en komt Sjoerd Pleijsier langs voor een deel uit zijn theaterbewerking van Turks Fruit. Daarnaast neemt ‘De Bende van Branoul’ (o.a. Lidewij Benus, Nanette Edens, Sijtze van der Meer, Remco Melles, Harriët Stroet, Bran Remie en Lars van Wezel) nieuwe theaterbewerkingen ter hand van Branouls hofleverancier Manon Barthels. “Die Bende”, preciseert Schwarze, “dat is een eigenzinnige groep acteurs die zich inzet om van Theater Branoul opnieuw een bruisende plek te maken. Zo’n anderhalf jaar geleden is die van de grond gekomen bij een brainstorm naar overlevingsplannen. Deze zelfde Bende zorgt komend seizoen voor enkele prachtige, indringende voorstellingen en speelt natuurlijk ook zelf in Branoul zoveel als mogelijk is. Tijdens ‘Hoe het kleine groots kan zijn’ neemt De Bende de touwtjes in handen door naast Schwarze de presentatie op zich te nemen.

Branoul: Hoe het kleine groots kan zijn. Te zien in de Koninklijke Schouwburg op zondag 14 augustus (14.00 -17.00 uur). Meer informatie en tickets op branoul.nl en ks.nl.