Een vingerafdruk van de stad

Het Nationale Theater in zesdelige theaterreeks ‘The Nation’

Wat is er gebeurd met de elfjarige Ismaël uit de Schilderswijk? Politieagenten, jihadisten, ondernemers, politici, gutmenschen, journalisten – iedereen bezit een stukje van de puzzel.

Wat is de huidige staat van de natie, te beginnen die van Den Haag? Eric de Vroedt, aankomend artistiek directeur van Het Nationale Theater, beet zich het voorbij jaar en trouwens ook de komende maanden nog, als een hedendaagse ‘muckraker’ zich onderdompelend, ploeterend en wroetend vast in alle denkbare hoeken, gaten, kieren en krochten die de regeringsstad rijk is. Dat deed hij door op bezoek te gaan bij uiteenlopende organisaties in de stad, bottom-up gesprekken te voeren met bewoners en vertegenwoordigers van instellingen, en hier en daar, nu en dan een dagje mee te lopen.

Het resultaat: het caleidoscopisch opgezette The Nation, een zesdelig stadsfeuilleton, à la Netflix, door De Vroedt zelf geschreven en geregisseerd, en geconstrueerd rond de zoektocht naar een zekere Ismaël. Den Haag, bestuursstad en zelfverklaard stad van internationaal recht en veiligheid fungeert als betekenisvol decor. De Vroedt heeft een voorkeur voor theater dat de vinger nauwlettend aan de pols van de tijd houdt, getuige Race, zijn debuut in Den Haag; en de tiendelige serie mightysociety die hij tussen 2004 en 2012 maakte. Geëngageerd theater over actuele kwesties.

De achterkant van Den Haag, van Nederland misschien wel. In het gelijknamige boek beschrijven auteurs Pieter Tops en Jan Tromp de alarmerende verwevenheid van de maffiaanse onderwereld met de laag van op het oog keurige bestuurders in het zuiden van Nederland. Hoe staat het Den Haag er in dat verband voor? Neem de onverkwikkelijke kwesties rond Hernandez of die van Chandrikasing die op Hollands Spoor zijn dood vond. Firma MES is bezig aan een theaterdocument over die laatste affaire.

The Nation heet in de bewoordingen van Het Nationale Theater ‘een spannende theaterthriller over de op hol geslagen Nederlandse multiculturele samenleving’, waarvan de zes losse delen trouwens probleemloos ook afzonderlijk geconsumeerd kunnen worden.

De eerste drie delen, in feite ‘works in progress’ worden in Den Haag gepresenteerd, maar gaan pas straks, in juni, officieel in première tijdens het Holland Festival, nota bene in Amsterdam. Na de zomer volgen deel vier tot en met zes. Het geheel mondt in november uit in binge-kijken in het theater, een theatermarathon zoals De Appel die maakte en vorig seizoen Borgen, als alle delen aaneengesloten te zien zijn in de Koninklijke Schouwburg.

De eerste drie delen van de door De Vroedt geschreven reeks zijn al klaar, van de zomer werkt hij aan de laatste drie.

Verhoorkamer
Het openingsdeel spitst zich toe op gebeurtenissen in de verhoorkamer van het politiebureau aan de Heemstraat, licht actrice Antoinette Jelgersma, vast verbonden aan Het Nationale Theater toe. “Ismaël is als verdachte van het gooien van een steen door een ruit opgepakt, wordt verhoord en is bij gebrek aan bewijs weer vrijgelaten, maar lijkt daarna spoorloos verdwenen. Ik speel zijn pleegmoeder, de vijftigjarige Ida, en heb naast hem een tweede kind geadopteerd, beiden van verschillende afkomst. Ida werkt voor de voedselbank, zit in het bestuur van Theater Spinoza en is getrouwd met de gemeentesecretaris. Waar ze woont? Ik zou zeggen: het Regentessekwartier. Mijn rol trekt straks ook door in de andere delen, en daarnaast speel ik in dit stuk wat kleinere dubbelrollen. Ik ben dit jaar dus onder de pannen,” lacht ze.

Undercover
Het voorval rond Ismaël is de opmaat tot een theatrale zoektocht. “Je krijgt in het eerste deel onder meer een beeld van de interne verhoudingen binnen de politie en de jeugdzorg, maar ook wordt ingezoomd op de biologische moeder en zijn pleegouders” zegt Jelgersma. “In latere delen wordt ook de rol van de media en die van de ouders van het jongetje in de verf gezet. Aan het eerste deel is daarnaast het roemruchte undercover-boek Ik was een van hen van Maarten Zeegers als een kleurenfilter heen gelegd.‘

Het Nationale Theater: The Nation. Aflevering 1 t/m 3 spelen in maart, april en mei 2017 als losse delen in de studio’s van Het Nationale Theater. De marathon is vanaf zondag 5 november 2017 in de Koninklijke Schouwburg.

Advertenties

‘Flinterdunne beschaving’

William Goldings Lord of the Flies voor twaalfplussers bij NTjong

Een groep jongens, pubers nog, moet het na een vliegtuigcrash samen zien te rooien op een onbewoond eiland. Wat gebeurt er als mensen hun primaire driften laten gelden en angst regeert?

Een rauw verhaal over een groep opgeschoten jongens die razendsnel volwassen móet worden – maar daar hopeloos in faalt. William Goldings roman Lord of the Flies (1954) is een schokkende en ontroerende survivaltrip over vriendschap, compassie en het recht van de sterkste. Er zijn geen volwassenen te bekennen. En dus is er geen toezicht en zijn er geen regels. Afgesloten van de buitenwereld zijn ze op zichzelf aangewezen.

Al snel vervagen morele grenzen dan en heerst het recht van de sterkste. “Wat we beschaving noemen is flinterdun,” merkt Noël Fischer op, regisseur van het theaterstuk. “Lord of the Flies is allereerst een prachtverhaal, een klassieker, rond een groep jongens waar een gevecht om de macht uitbreekt,’ vertelt ze. ‘Normale, sympathieke jongens veranderen er in halve wilden, geweld wordt tussen hen de norm. Verruwing en verharding. Wat is dan de positie van de zwakkeren? En waartoe zijn wij dan als groep bereid? Waar verliezen we ons gevoel voor beschaving?

Het verhaal fascineert mij sinds ik het als puber las. Eigenlijk gaat het over oorlog, hoe dicht oorlog onder ieders huid ligt, en hoe compassie, empathie en redelijkheid het afleggen. In deze tijd van extremen en polarisatie – waar de sfeer en de gevolgen van oorlog iedere dag in de media voelbaar en zichtbaar zijn, mensen op de vlucht slaan maar ook hier in Nederland mensen zich onveilig voelen – vind ik dit een fantastisch actueel verhaal voor een jongerenvoorstelling.”

Bij Het Nationale Theater is het de kunst om grote, klassieke verhalen naar nu te brengen, zegt Fischer. “En daar hoort dit verhaal zeker bij, hoewel het boek vijftig, zestig jaar oud is. Lord of the Flies past naadloos in de traditie van boeken als 1984, Animal Farm, Brave New World en, nu hoogst actueel, The Hunger Games.” Een mooi rijtje. “Het zijn verhalen die duidelijk maken hoe het ons kan vergaan als een systeemfout ontstaat. Een dystopie.”

Laboratorium
“Het idee van een onbewoond, verlaten eiland is dat je in een laboratoriumsituatie terechtkomt,” zegt acteur Bram Suijker. “Op zo’n eiland met weinig spullen voorhanden en maar weinig omhanden, zitten de jongeren opeens midden in een politiek debat zonder dat ze het zelf goed beseffen.”

Suijker, sinds 2013 een vaste waarde is bij Het Nationale Theater, het ‘moederbedrijf’ van NTjong, speelde onder meer in ‘De revisor’, ‘Tasso’, en ‘Het verzamelde werk van Shakespeare (ingekort)’. In ‘Lord of the Flies’ neemt hij de rol van Jack op zich. “Die probeert de macht in handen te krijgen, wil graag de baas zijn, zoals je dat ook wel ziet op een speelplein waar kinderen aan het knikkeren zijn.”

Hij is in zijn nopjes met de verworven rol. “Ik heb sinds de toneelacademie niet in een jeugdtheatervoorstelling gespeeld, heb de laatste jaren vooral de komische noot gespeeld. Met dat clowneske was ik eigenlijk wel een beetje klaar. Toen Noël vroeg of ik deze psychopaat wilde spelen was het voor mij: Ja natuurlijk! En Jack is geen duivel in zwart-wit hè, Jack is en blijft een jongetje. Op de speelplaats loert hij hoe ver hij kan gaan, ziet geen volwassenen om hem tegen te houden  en prikt daarom steeds verder. Het is een dankbare rol. Eigenlijk vind ik dit spannender dan voor volwassenen spelen. Kinderen maak je minder snel iets wijs: Als jij je maar voor de helft geeft, dan haken zij af, denk ik. Kinderen reageren heel direct. Volwassenen hebben nog altijd een idee waarin ze mee kunnen gaan.”

Fischer vult aan: “Maar omdat je met dit verhaal bijna in de science fiction en de fantasy zit, zijn ook video en muziek belangrijk. Toch is dat uiteindelijk allemaal vormgeving. Waar het echt om gaat is de acteurs, die moeten je ‘triggeren’, jongeren moeten met ze meegaan.”

12+
Lord of the Flies is bedoeld voor jongeren vanaf 12 jaar. Fischer: “Twaalfplussers moeilijk? Ik zeg: Een geweldige leeftijdsgroep! Prepubers en pubers. Het materiaal is natuurlijk ook echt te pittig voor jonge kinderen. Het is eigenlijk jongerentheater. Het gáát ook over jongens ongeveer van die leeftijd.” Zelf was ze op die leeftijd een tikkeltje rebels: “Mijn ouders hebben mij op een jongensschool moeten doen. Door mijn wilde en brutale gedrag was ik op de meisjesschool kennelijk niet te hanteren. Misschien was ik toen niet zo’n heel aardig meisje,” lacht ze.

In Den Haag is Lord of the Flies uitsluitend te zien in Theater De Nieuwe Regentes, het voormalige overdekte zwembad dat twintig jaar geleden al eens tijdelijk werd betrokken door Het Nationale Toneel, toen de Koninklijke Schouwburg onder handen werd genomen. Fischer, ook artistiek leider van NTjong: “Ik vind het belangrijk om je gezicht op verschillende plaatsen in de stad te laten zien. Daarom gaan we hier ook educatieve projecten doen.”

NTjong, Nationale Toneel & de Veenfabriek: ‘Lord of the Flies’. Van donderdag 9 tot en met zaterdag 18 maart 2017. Première: zaterdag 11 maart 2017. Meer informatie: ntjong.nl. Telefonisch kaarten reserveren: (070) 346 53 72.

‘Zwart is te bestrijden’

Nina Spijkers zet tanden in Tsjechov

De Ivanov van Tsjechov lijdt aan het leven. Niets nieuws onder de zon. Maar regietalent Nina Spijkers hoopt het publiek de zaal uit te laten gaat met een gevoel van hoop en daadkracht.

‘Tsjechov heeft helaas de reputatie saai, traag en ouderwets te zijn’. Nina Spijkers (1988) constateert het weliswaar met droge ogen, maar toch ook met ongeloof en hoorbare spijt in haar stem. ‘Totale onzin. Tsjechov is geestig, snel en tijdloos. Vooral zijn Ivanov is juist heel erg energiek en strijdlustig.’ Regietalent Nina Spijkers – ze kreeg twee jaar terug de Top Naeff Prijs, de aanmoedigingsprijs voor veelbelovende studenten – zet na de prachtige regie die ze het vorige seizoen bij Toneelschuur Producties maakte van Schillers Don Carlos (1787) nu haar tanden in Tsjechovs Ivanov (1887). ‘Hij is voor mij de ultieme ontleder van de menselijke ziel, personages in zijn stukken kampen met existentiële problemen. Hij beschrijft het leven als het ware door een derde oog dat naar binnen kijkt.’

Spijkers vindt het fijn om zinnen die op papier al wondermooi zijn, hardop te laten klinken, als een klok, en wel uit de mond van een acteur die weet wat een stembuiging meer of minder teweeg kan brengen. Ze wil kortom dat tekst lééft. ‘Bij Tsjechov is belangrijk hetgeen níet wordt gezegd.’ Door haar eigenzinnige kijk op het regievak plus een eigengereide spelopvatting weet ze van klassiekers vitale voorstellingen te maken die overlopen van leven. Beter gezegd: Er theater van te maken. Dat deed ze eerder al eens met Georg Büchners Leonce en Lena (1836), met William Shakespeare en met Friedrich Schiller. Voor Don Carlos van Schiller ontving ze vorig jaar een nominatie voor de BNG Nieuwe Theatermakersprijs.

‘O zeker, ik houd zeker erg van taal, ben dol op klassiek teksttoneel, maar heb ook meer moderne schrijvers als Patrick Marber, Werner Schwab, Heiner Muller en Sarah Kane in mijn hart gesloten.’

Ivanov is door Tsjechov in welgeteld tien dagen aan het papier toevertrouwd, en nog wel tussen zijn drukke beroepsbestaan in als plattelandsarts en mantelzorger. De grootgrondbezitter Ivanov lijdt aan de ziekte van het leven, een kwaal die sowieso al door alle tijden heen door heel Rusland trekt. Ivanov voelt dat het leven hem als zilverzand door de vingers glipt en hij lijkt geen doel te hebben in het leven, anders dan louter voort te bestaan. Ook heeft hij fikse schulden uitstaan. Hij zegt hardop ongelukkig te zijn en geen liefde meer te voelen voor zijn bemiddelde vrouw.

Spijkers: ‘Ze is een sterke vrouw, haar liefde voor hem is oprecht’. En daar komt bovenop, o kommer en kwel, dat zij stervende is. Ivanov zoekt afleiding bij de buren, bij hun meer dan prachtige dochter Sasja. Na de dood van zijn vrouw besluit hij met haar te trouwen, want op haar eigen wijze wilde zij Ivanov altijd al redden. Maar is hij wel te redden?

Hunkering
Volgens Spijkers voert Ivanov een idealistische strijd tegen zwaarmoedigheid. Ze kwalificeert Tsjechovs eersteling als ‘energiek’. ‘Personages van Tsjechov verlangen altijd extreem: naar liefde, verhuizen, geld, erkenning of verandering. Maar de mogelijkheden op het Russische platteland waren beperkt en leidden tot stilstand. Deze Ivanov gaat juist over het gevecht daartegen. Onze wereld raast. Onze wereld is er een die over je heen dendert als je niet uitkijkt. Wij staan niet stil omdat we niets kúnnen, wij willen niets omdat er teveel kan. Ivanov is voor mij als een plant die teveel water krijgt en daardoor verzuipt.’

Meer dan in eerdere producties van deze tekst wel is gebeurd, heeft zij Ivanov tot spil van het stuk gemaakt. ‘Hij is het oog van de orkaan.’ Ze heeft daartoe met Casper Vandeputte, regisseur en schrijver bij onder andere het Nationale Toneel en Theater Utrecht, de tekst bewerkt. ‘De ruis is er uit.’ Ze heeft een aparte studie gemaakt van het slot, want daar bestaan drie versies van: twee ‘Moskouse’ en een ‘Peterburgse’. Indertijd bleef Ivanov, onbegrepen door het publiek, voor dood liggen.

Volgens Tsjechov stierf hij aan een hem aangedane belediging. Hij besloot een alternatief einde aan het stuk toe te voegen. ‘Ja, de keuze voor Ivanovs einde is een spannende keuze. In de ene versie sterft hij mooi dramatisch, maar ook weinig hoopvol. Dan weer hanteert hij een pistool. Ik concentreer me op een hoopvol einde. Zwart is te bestrijden,’ zegt Spijkers. In een notendop is dat de universele boodschap die ze afgeeft met deze worsteling tussen geluk en ongeluk.

Ivanov door Toneelschuur Producties met Hajo Bruins, Tijn Docter, Roeland Fernhout, Wendell Jaspers, Minne Koole, Xander van Vledder en Nimuë Walraven. Ivanov gaat op zaterdag 25 februari 2017 in première in de Toneelschuur, Haarlem. Daarna tournee door Nederland. Meer informatie op toneelschuurproducties.nl.

Stad en land ondersteboven zetten

Het Nationale Theater zoekt ‘best of both worlds’

Ze doen iets volslagen nieuws, in theatraal Den Haag – en daarom moet en gaat het roer er zeker zes maal om. Inspireren, daar draait het om. Cees Debets en Eric de Vroedt, twee mannen die de inhoud graag voorop stellen, leggen het graag uit.

Het Nationale Toneel, NTjong, de Koninklijke Schouwburg en Theater aan het Spui zijn bij elkaar op schoot gekropen. In andere woorden: Een van Nederlands grootste en gezichtsbepalende toneelgezelschappen met daarin heel wat kloeke acteursnamen, dat Den Haag en het land tot in alle hoeken en gaten bespeelt, is nu in één organisatie samengebracht met een van de mooiste schouwburgzalen die het land rijk is, plus daaromheen ook nog eens een aantal fijne vlakkevloerzalen. Gooi dat alles in een hoge hoed bij elkaar en zie: we noemen haar Het Nationale Theater! Het resultaat moet een ‘verdubbelaar’ worden, zoiets als een en een drie kan zijn. Iedereen van 2 tot 80 kan er terecht, van maker tot bezoeker.

Op een manier die uniek is in de vaderlandse theatergeschiedenis werden in de aanloop tot Het Nationale Theater uiteenlopende barrières geslecht, want theater en gezelschap bijeengevoegd. ‘Ontschotten’ noemt Debets het. Maar waarom moest dat eigenlijk? ‘Zovéél redenen,’ zegt Cees Debets, directeur programmering. ‘We kunnen nu veel dichter op de polsslag van de tijd en op de actualiteit programmeren, en we kunnen dat in perspectief doen en zo samenhang creëren.’

Hij ziet nog een voordeel: ‘Er zijn veel nieuwe mensen hier in huis gekomen, dat zet deuren en ramen open. We willen een ontmoetingsplein zijn dat midden in de samenleving staat, een rotonde waar je zelf bepaalt welke afslag je neemt. We willen inspireren en voeden. Maar wel met steeds ‘het woord’ dat centraal staat. Dat gaat van cabaret, toneel en jeugdtheater tot theatercolleges, discussieavondjes en debatten. Zo hadden we in november rond de voorstelling RACE het programma … is HOT. Met sprekers, ‘scènes des vaderlands’, een fragment uit die voorstelling, stand-up comedy en muziek door onze fonkelnieuw geformeerde huisband; en alles in een losse sfeer. Zulke … is HOT-avonden komen er meer, want er moet meer reuring komen. Op maandag 20 februari is de tweede HOT-avond, Idealisme is HOT, rond de verkiezingen.’

Oud én nieuw
We kunnen nu, zegt hij, veel sneller schakelen ‘want we hebben zelf alle mogelijke koppelstukken in huis, van jong talent tot de top. We kunnen zo nodig meteen aan de slag.’ Voorbeeld dan maar? ‘Actrice Romana Vrede speelde in RACE van Eric de Vroedt.
Zij maakte vorig jaar zelf de indringende voorstelling  Who’s afraid of Charlie Stevens over haar autistische zoon. Die voorstelling is hernomen. Dat kan nu dus probleemloos.’ Nóg een winstpunt: ‘Bij iedere voorstelling zoeken we steeds de zaal die er het beste bij past, of dat nou een van de beschikbare acht (!) zalen ‘binnenshuis’ is, dan wel een locatie elders in de stad of in het land. Maar, zo geeft Debets een voorlopige winstwaarschuwing af, ‘de veranderingen zijn niet van de ene dag op de andere zichtbaar’. Voor de vele vaste bezoekers blijft gelukkig sowieso veel bij het oude, haast hij zich te zeggen. Want: ‘Ook Jochem Myjer staat volgend seizoen als vanouds in de Koninklijke Schouwburg, hoor.’

De stad centraal
Eric de Vroedt, nu artistiek directeur en later opvolger van Theu Boermans als directeur producties, ziet Den Haag als een stad die overloopt van drama en tegenstellingen: ‘Van Binnenhof en Paleis Noordeinde tot Schilderswijk en Laak, en van zand tot veen’. In zijn nieuwe voorstellingenreeks The Nation verwerkt hij de indrukken die hij opdeed uit de stad, momenten en situaties die bij hem opborrelen of frapperen, en bereid tot een liefst zesdelige theaterserie die zich de komende maanden voltrekt. Een hedendaags epos, dat volgens hem ‘niet zachtzinnig’ wordt, en wel wat weg heeft van de tiendelige theaterserie mightysociety die hij in het verleden maakte: ‘Geëngageerd toneel, maar dan niet-cynisch. En het wordt ook een ‘whodunnit’. Zo houdt hij de spanning erin.

Dat brengt De Vroedt op de nu al illustere ‘strategische tafel’ van Het Nationale Theater. Daar worden alle programmavoorstellen in gezamenlijkheid tegen het licht gehouden. ‘Vroeger ging het vooral om voorstellingen in- of verkopen,’licht De Vroedt toe, ‘maar wij, Het Nationale Theater, zijn veeleer op zoek naar ‘programma’s’, naar concepten. Waarmee we verder pogen te reiken dan een op zichzelfstaand avondje toneel alleen.’

Al zijn en blijven die er natuurlijk ook. Zo brengt NTjong in maart Lord of the Flies uit. ‘Daarvan kun je zonder omwegen van genieten, maar er zijn ook uiteenlopende educatieve projecten omheen bedacht. Of neem Jeanne d’Arc. Daarmee kiezen we ervoor om met onze poten middenin de geloofsrichtingenstrijd te staan die de wereld van vandaag de dag splijt. Die voorstelling kun je ‘los’ zien, maar we presenteren er ook een heel randprogramma omheen, met als centrale vraag: Hoe ver ben jij bereid te gaan?

Ten slotte is er Ondertussen in Casablanca van regisseur Jeroen De Man. ‘Daarin wordt een gevierd acteursechtpaar over hun vak geïnterviewd, terwijl de nietsontziende werkelijkheid-van-alledag aan hun poorten rammelt.

Vuurdoop
Met RACE heeft De Vroedt als regisseur inmiddels zijn vuurdoop in Den Haag beleefd. The Nation is zijn volgende project. Hij ging er als volslagen nieuwkomer voor woelen onder tal van maatschappelijke organisaties in de hofstad, van voedselbank tot Des Indes, en van bewonersorganisaties tot boksschool. Net als Debets is De Vroedt overtuigd van de winst die van de kernfusie uitgaat. ‘De ene medewerker heeft er een gezelschap bij, de ander een ‘huis’. De deurtjes staan open en dat zorgt bij ons meteen al voor een sterke impuls.’

Meer weten? Kijk op nationaletoneel.nl, ntjong.nl, ks.nl en theateraanhetspui.nl.