Over Eric Korsten

Gauw gehoord is snel vergeten. Een wat in de vergetelheid weggesukkelde zegswijze die uitdrukt dat iets dat kort in het nieuws is, niet werkelijk doordringt. Mijn toevoeging: Erover blijven schrijven is de enige manier van journalistiek die een onderwerp nog wel eens wil doen beklijven. Bij u, bij mij. Dat is wat ik met dit weblog beoog. Daarmee raakt de journalistiek aan theater. Beide vakgebieden zijn vluchtig van karakter: met de krant van vandaag wordt morgen de vis verpakt, de voorstelling van vandaag is morgen niet meer te zien. Daarom hier: van allerlei dingen die voorbijgaan, maar door erover te schrijven toch een beetje voortleven. Al zou het enkel en alleen maar in mijn eigen herinnering zijn.

Op voet van oorlog

‘Troje Trilogie’: door de ogen van Andromache

Zijn stukken uit de oudheid gedateerd? Ze zijn juist van moderne ruis ontdaan.

Oorlog is van alle tijden. Met de Troje Trilogie van Toneelschuur Producties zitten we figuurlijk opeens in de rookpluimen van Aleppo, Jemen of Myanmar. Neem nou Andromache.  Ze verloor in de oorlog met de Grieken haar echtgenoot Hektor, de grootste held aan Trojaanse zijde. Maar ook haar vader en zeven broers, door de hand van Achilles.

In drie delen wordt de mythische Trojaanse oorlog bezien vanuit haar ogen. Van oorlogsbuit na de val van Troje en de dood van haar echtgenoot, tot slavin van Neoptolemos, de zoon van Achilles. Maar eerst nog wierpen de Grieken haar zoontje Astyanax van de stadsmuur van Troje. Als bedgenote van Neoptolemos, schenkt ze hem drie zonen. Na de moord op hem, door haar broer Orestes, huwt ze Helenos, met wie ze regeert over het Griekse Epiros. Zeker, Griekse klassiekers zijn vaak pure horror.

Alles in deze ‘Troje Trilogie’ wordt ‘achterstevoren’ opgedist, van gevolg naar oorzaak, zodat inzicht ontstaat in Andromache’s drijfveren, die zelf niet geheel vlekvrij is. Het is ronduit een waarachtige en diepe theaterbelevenis, en drie uur aan onverholen toptoneel. Eigenlijk was dat dik 20 jaar geleden ook al zo. Koos Terpstra kreeg destijds niet alleen de Toneelschrijfprijs maar zijn regie werd ook geselecteerd voor het Theaterfestival.

En dat geldt ook voor deze nieuwe versie van regisseur Paul Knieriem. In juni kreeg het stuk ook de publieksprijs van Theater aan het Spui, de zogeheten Toneelkijkerprijs. Bijna-hoofdrolspeelster Keja Klaasje Kwestro maakt bovendien kans op de Colombina, de prijs voor beste vrouwelijke bijrol. Zelden zo’n vulkaan als zij zien spelen. Binnenkort, zijstapje, doet ze mee in The Nation bij Het Nationale Theater. En als klap op de vuurpijl maakt hoofdrolspeelster Janneke Remmers volgende week kans op de Theo d’Or, Nederlands hoogste toneelprijs.

“Best trots, een hele eer. Het is ook zo’n grote prijs natuurlijk,” zegt Remmers erover. “Al denk ik nooit in termen van ‘beste’ en ‘mooiste’. Ik loop tijdens het ophalen voor de komende reeks ook echt niet naast mijn schoenen. Je moet open staan voor je medespelers – en straks ook voor wisselwerking met het publiek. Hoe ik er straks bij de uitreiking bij zit? Geen idee. In ieder geval opgetut. Natuurlijk! Met het hart in de keel? Dat is nu moeilijk te zeggen.”
Hadden ze tijdens de repetities door dat ze aan iets bijzonders bezig waren? “Het was vooral hard werken, proberen te verbeteren tot de laatste snik. Na de première merkte ik aan de reacties uit het publiek wel dat het stuk veel losmaakt, íedereen haalde er wel iets voor zichzelf uit.” Remmers mag uitpakken: Andromache kent tegenkantige liefde, jaloeziegevoelens, verraad en extreem geweld. “Het is fijn om uiteenlopende emoties gestalte te geven. Zelfs nu nog ontdek ik nieuwe kleuren.”

Ze speelt in deze versie zij aan zij met Oda Spelbos, in Terpstra’s ‘oerversie’ Andromache. Nu is Spelbos Hecabe, en Remmers Andromache. Hoe is dat voor haar? “Ik ken Oda van een eerdere voorstelling waarin we samen acteerden. Hier heb ik de samenwerking met haar als prettig ervaren, voelde me niet gestuurd of zo. Aan de andere kant heeft zij mij er bij momenten doorheen getrokken.”

Er is nóg heel wat aan Grieks drama te zien in Den Haag. Zo speelt Toneelgroep Amsterdam ‘Medea’ in de Koninklijke Schouwburg op wo 21 en do 22 september, en Theatercompagnie couRage op vr 23 en za 24 sept in Zaal 3 van Het Nationale Theater/Theater aan het Spui een eigen versie van ‘Trojaanse vrouwen’.

Toneelschuur Producties: Troje Trilogie. Op dinsdag 12 september 2017 in Theater aan het Spui. Informatie: toneelschuur.nl of hnt.nl. Telefonisch tickets reserveren: 0900-3456789.

Advertenties

Diepmenselijk jeugdtheater

NTjong in seizoen 2017-2018

Het theaterseizoen van NTjong – een van de bedrijfsonderdelen van Het Nationale Theater – draait In grote lijnen draait om twee grote producties. Dat zijn Ifigeneia Koningskind en Bloedlink, “naast enkele reprises van bewezen successen en een veelheid aan projecten,” vertelt artistiek directeur Noël Fischer. Het jeugd- en jongerentheatergezelschap trekt land in maar is ook veelvuldig in Den Haag te zien.

In Ifigeneia koningskind (8+) staat koning Agamemnon voor de gruwelijke vraag of hij zijn lievelingsdochter moet offeren om de goden gunstig te stemmen. Als hij dat doet en de goden hem helpen zal hij misschien zijn volk kunnen redden. NTjong neemt als vertrekpunt voor de aloude Griekse klassieker de versie van schrijfster Pauline Mol ter hand. “Het mooie is dat zij het oorlogsverhaal beschrijft vanuit de ogen van het kind Ifigeneia. Mol doet dat in poëtische maar ook aansprekende taal van nu. Er komt ook wat Engels in voor, op de momenten dat Ifigeneia niet mag te weten mag komen wat haar ouders over haar aan het bespreken zijn.”

Voor Fischer, die met deze productie voor het eerst een Griekse tragedie regisseert, is ‘Ifigeneia’ in de eerste plaats een verhaal over loyaliteit. “Een kind is immens loyaal aan familie, probeert iedereen bij elkaar te houden. ‘Ifigeneia’ is voor mij dan ook een diepmenselijke vertelling waarin ook veel plaats is humor en waarin ook lichtheid voorkomt.”

‘Ifigeneia’ vormt met de ‘Oresteia’ die Theu Boermans dit seizoen bij Het Nationale Theater gaat maken, en met ‘The Nation’ van Eric de Vroedt een driehoek. “De eerste twee zijn overgeleverd uit de oudste theatergeschiedenis, terwijl De Vroedt onze huidige tijd fileert.”

In de hoofdrollen van Ifigeneia Koninsgkind zien we Jaap Spijkers in de hoednaigheid van koor (rei) en verteller, en Sallie Harmsen als Klytamnestra. Sarah Bannier, bekend als de lievelingspiet van Sint, speelt Ifigeneia.

Dat is meteen een mooi bruggetje naar de reprise van ‘Klaas’ (5+). “We kregen veel verzoeken om dit nostalgische stuk rond de muts van de Sint weer te spelen,” legt Fischer uit.

De andere grote productie is voor NTjong Bloedlink, een stuk voor veertienplussers waarin een docente haar leerlingen het nodige aan cultuur wil bijbrengen. Als uit de rugzak van een van haar pupillen een wapen te voorschijn komt, ontaardt de les in een gijzeling. “Klinkt zwaar”, geeft Fischer toe, “maar het onderliggende thema is waarom kinderen verplicht moeten leren wat ze voorgeschoteld krijgen. We maken deze voorstelling samen met DOX, en de regie is van Casper Vandeputte.”

Als seizoensopening wordt de voorstelling In mijn hoofd ben ik een dun meisje hernomen. “Die was vorig seizoen vaak uitverkocht, zo hoorde ik mopperen. Nu krijgen ze dus een nieuwe kans.”

hnt.nl

Air BNB voor draagmoeders

Firma MES werpt een blik babyvoedingsmelk in de toekomst

Het seizoen 2017-2018 staat voor Firma MES vooral in het teken van de reprise van ‘RISHI’ en ‘CarryMe’, de allereerste app voor draagmoeders.

De reconstructie die Firma MES dit voorjaar maakte over de geruchtmakende zaak-Rishi, keert in september nog drie keer terug in Den Haag. De toedracht werd in een minutieuze analyse uit de doeken gedaan, en toont van minuut tot minuut hoe een misverstand tot een noodlottig drama kon uitgroeien. Het Theaterfestival selecteerde ‘RISHI’ tot een van de meest belangwekkende van vorig seizoen. “Daar zijn we heel blij mee,” zegt MES-actrice Lindertje Mans opgetogen. “Het is voor ons een superspannend project geweest . We hebben lang getwijfeld om dit te doen. We hebben ons afgevraagd of we door onze ‘witte’ achtergrond wel juiste mensen voor waren.” Gelukkig maar dat MES heeft doorgezet, dat zijn ook betrokkenen het drama van mening, waarvan sommigen kwamen kijken, van politie en medewerkers van het Openbaar Ministerie tot familie en vrienden van de Hindoestaans-Surinaamse jongen die het misverstand met zijn leven moest bekopen. In RISHI kiest MES uitdrukkelijk niet partij, dat is de sterke kant ervan. “We hebben ons empathisch vermogen in al de personages gelegd.”

In het najaar staat voor MES opnieuw een spanend theaterproject op de agenda, als het Haagse theatercollectief een voorstelling gaat maken rond draagmoederschap. Volgens de aankondiging ‘een modern huiskamerdrama en sciencefiction thriller ineen’. “Stel je het Nederland van de toekomst voor,” legt Mans uit.

“Nog meer dan nu denken vrouwen straks aan hun carrière. Maarten en Eline zijn ‘wensouders’. Daarom installeert het stel de progressieve app CarryMe op hun mobiel. Daarmee is het mogelijk om als een soort Air BNB met een draagmoeder in contact te komen. En die draagmoeder, dat is Didi, mijn rol. Een van de vraagstukken die we in het stuk aanroeren is dat Didi feitelijk werknemer is van Maarten en Eline, maar ook dat ze macht heeft over hun meest kostbare bezit: dat bevindt zich in Didi’s buik.”

Als een doos van Pandora die opengaat ontrolt zich een aantal duivelse dilemma’s die prikkelend op papier worden gezet door schrijfster en columniste Hanna Bervoets, bekend van onder meer de boeken Fuzzle, Ivanov en Lieve Céline. MES werkte met haar al eens samen in 2010, toen voor de lucide theatertrip Roes.

Voorts pakt MES de draad weer op van True Stories, het halfjaarlijkse programma waarin mensen als u en ik verhalen vertellen rond een thema, het zijn vertellingen die door de ervaringsdeskundigen zelf uit de doeken worden gedaan. De eerstkomende editie is op 8 december, als MES hiervoor de bovenzaal van de Koninklijke Schouwburg bespeelt, gezegend met de naam Het Paradijs.

In het voorjaar van 2018 staat nóg een voorstelling op stapel. Daarover wil Mans nu niet veel kwijt. “We zijn nog zoekende. Schrijf maar op dat het stuk draait rond monologen,” zo hult ze zich genoeglijk in raadselen.

Firmames.nl

‘Live is de nieuwe luxe’

Het Nationale Theater deelt cadeautjes uit aan de stad

Cees Debets van Het Nationale Theater buitelt over zijn woorden. “Ik heb maar één kans om het seizoen feestelijk af te trappen. September is onze eigen feestmaand. We laten dan het mooiste van het afgelopen jaar zien. De hele stad is uitgenodigd.”

De voorbije maanden zag Het Nationale Theater (HNT) de zeilen bollen: nominaties voor de beste acteurs, vijfsterrenrecensies, gastoptredens in het Holland Festival en uitverkoren voor het Theaterfestival. Tel daarbij op de zalen die niet alleen hier ter stede mudjevol zaten, maar ook bij tourneevoorstellingen in den lande. Het kan beroerder voor een organisatie die net op gang is gebracht.

Want officieel zag de kernfusie van Koninklijke Schouwburg (KS), het Nationale Toneel, NTjong en Theater aan het Spui HNT pas op 1 januari het levenslicht. Het is het seizoen waarin hardop uitgesproken toekomstdromen waargemaakt moeten worden.

Eigen producties
Het Nationale Theater trapt af door veel van het succesvolle snoepgoed van vorig seizoen terug te brengen op de planken in Den Haag. “Ik ga er gewoonweg van stuiteren,” zegt Cees Debets, directeur programmering. “Zóveel topvoorstellingen alleen al in de eerste paar weken… Het gaat zinderen.”

Successen komen dus terug, te beginnen met enkele eigen HNT-producties, zoals Het verzamelde werk van Shakespeare (ingekort), dat vorig seizoen al een paar keer als try out te zien was en toen fantastische reacties teweegbracht. “Geknipt voor beginners, en voor kenners een feest der herkenning,” zegt Debets. Het stuk gaat nu officieel in première, en nog wel onder de schuimkragen van een eigen biertje: het in Scheveningen gebrouwen ‘Shakesbeer’. Debets: “Dat is zo’n cadeautje aan de stad.”

Ook RACE komt terug, het stand-up advocatenstuk over racisme, dat door het Theaterfestival (Amsterdam én pendant Brussel) wordt beschouwd als een van de belangwekkende voorstellingen van vorig seizoen. Voor haar rol in RACE werd HNT-actrice Romana Vrede genomineerd voor beste actrice, de Theo d’Or.

In de openingsmaand keert De Troje Trilogie terug op het programma, met liefst twee gegadigden voor een toneelprijs in de gelederen: Janneke Remmers (Theo d’Or) en Keja Klaasje Kwestro (Colombina). En dat in een stuk dat de Publieksprijs 2016-2017 van Theater aan het Spui in de wacht sleepte. Ook staat vanuit vorig seizoen Moeders en Zonen met onder meer Anne-Wil Blankers en Paul de Leeuw en Medea van Toneelgroep Amsterdam geprogrammeerd.

Verder komt het bekroonde Svizdal van Berlin naar Den Haag, een 3D-performance en portret ineen van een koppig koppel dat vastbesloten is in Tsjernobyl te overleven. Wunderbaum licht de doopceel van onze macaroni-etende, Zuid-Europese vrienden in Wie is de echte Italiaan?, dat een ‘Italo-disco’ heet te zijn. Verderop in het seizoen leggen de Wunderbaumpjes opnieuw aan voor een vermakelijk verslag van een cruise-trip: ‘Superleuk, maar voortaan zonder mij.’

Uiteraard is ook Firma MES van de partij. Dat doet een duit in het herhaalzakje met het urgente ‘Rishi’. Ook is ruimte gevonden voor de metamodernistische manifestatie ‘Untitled’ van Nineties Productions, die in de Electriciteitsfabriek wordt gepresenteerd.

Niet te missen is in de openingsmaand de reprise van ‘In mijn hoofd ben ik een dun meisje’ van NTjong, het jeugd- en jongerentheatergezelschap van HNT (zie ook elders). Tel daarbij op de locatieproductie Old Gangsters Never Die van The Young Gangsters, en bij voorbaat ligt een topmaand in het verschiet. “Bewezen goed,” noemt Debets de gemaakte keuzes.

Uitersten
En dan hebben we het nog niet gehad over het vervolg van The Nation. Het stuk van Eric de Vroedt verraste op het voorbije Holland Festival en werd daarbij overladen met recensiesterren. Hagenaars hadden dat van tevoren al wel gedacht, want zij hadden de afzonderlijke drie delen al eens in eigen stad gezien.

De compilatie van de drie delen wordt in september in Den Haag nog drie keer gespeeld. Daarna waagt De Vroedt zich aan de vervolgdelen vier tot en met zes. Begin november moet alles culmineren in een theatermarathon, als onder het genot van een diner alle delen op één avond gespeeld worden.

Voor Het Nationale Theater wordt 2017-2018 in zekere zin een seizoen van uitersten. Debets: “Want we leggen het superactuele van The Nation naast Oresteia.” De 2500 jaar (!) oude trilogie van Aeschylos, de ‘vader’ van het Griekse drama, is zowat het oudst bewaard gebleven stuk uit de westerse theatergeschiedenis. Debets: “Het Nationale Theater brengt elk seizoen een klassieker uit de toneelgeschiedenis. En dit is dé oertekst.”

Het familiedrama laat een keten van moorden zien, met bloedwraak als voornaamste ingrediënt – totdat de goden ingrijpen. Debets spreekt van een radicale bewerking met de wereld anno nu als uitgangspunt, van HNT-directeur producties en regisseur Theu Boermans. “Met dit stuk heeft hij bijna een gedachte-experiment voor ogen: Hoe ziet de wereld er over vijf of tien jaar uit?” Boermans situeert het drama daartoe in een omgeving waarin een ‘clash of civilizations’ tussen Oost en West definitief gestreden is. Vervolgens laat hij zien wat er gebeurt als een vrouw in verzet komt tegen deze barbarij.

”Door de Oresteia en The Nation naast elkaar, tegenover elkaar of dan weer in elkaars verlengde te plaatsen,” zegt Debets, “kunnen we onszelf en onze bezoekers de volgende prangende vraag voorleggen: hoe willen we onze samenleving inrichten.”

De Oresteia wordt bij HNT een groot gemonteerde productie. En hij onthult nóg een cadeautje: “Hans Croiset, genomineerd voor een Louis d’Or, ‘grand père’ van het klassieke repertoire, gaat meespelen in deze productie.”

En, om maar een idee te geven van onze bandbreedte in dit seizoen,” zegt Debets, Ifigeneia Koningskind van NTjong, dat in oktober uitkomt, schetst wat er in werkelijkheid aan ‘Oresteia’ voorafging.”

Racisme
‘Ik wil het gewoonweg hebben over racisme’, zo vertelde Daria Bukvić aan Debets toen hij haar vroeg waarom zij juist ‘Othello’ wilde doen. Haar opmerking is gewettigd, en niet alleen omdat er deze zomer zoveel te doen was in Charlottesville: De Moorse legeraanvoerder Othello staat onder Romeinse bestuur en raakt tot over zijn oren verliefd op een wit meisje van hoge komaf.

“Shakespeares tekst wordt bij ons bewerkt door Esther Duysker, een schrijfster met Surinaamse wortels.” Bij HNT wordt Othello gespeeld door Werner Kolf, een zwarte acteur. Hij is onder meer bekend van RACE.

Debets: “In de theatergeschiedenis hangt aldoor deze vraag rond dit stuk: Laat je de rol van Othello spelen door een witte acteur die zwart geschminkt is, of door een zwarte acteur?” Bukvić, geboren in Tuzla (Bosnië-Herzegovina) maakte eerder de voorstelling Jihad en Nobody Home, en was onder meer regie-assistent bij ‘RACE’.

“Het is de eerste productie die zij voor ons maakt,” licht Debets toe. Aan het eind van het seizoen gaat ze nogmaals aan de bak bij HNT, dan met Melk & Dadels, geïnspireerd op het verhalen- en receptenboek Melk & Dadels – 100 geheime recepten voor Marokkaanse moeders. Debets: “En die voorstelling gaat niet toevallig in première op Moederdag.”

Verder is natuurlijk ook Jeroen De Man van de partij bij HNT. Vorig jaar verbaasde hij met Ondertussen in Casablanca. Dit jaar zet hij zijn tanden onder meer in Ondine, dat in de taal van HNT een ‘romantisch watersprookje’ heet, over de gelijknamige nimf. Voor De Man is het zijn regiedebuut in de grote zaal. Hij maakt ook in het najaar Kinderen van Judas met onder anderen Joris Smit en Betty Schuurman over vampieren.

Divers
Een programmering die zo divers is als de stad, dat is het oogmerk. “We tonen een dwarsdoorsnede van het beste toneel en theater dat Nederland momenteel rijk is, we hebben de ambitie een ‘toneelhuis’ te zijn.”

Al blijft ook veel bij het vertrouwde. “De KS blijft een plek voor opera en cabaret, en Theater aan het Spui ook voor dans.” Op beide plekken komen jeugdtheater- en familievoorstellingen aan bod en festivals, met onder meer Todays Art en De Betovering die openen in de KS.” De voorstellingen in KS en Theater aan het Spui gaan vaak vergezeld van omlijstende programma’s, “van HOT-avonden tot recensies leren schrijven of vooraf soep eten. We blijven verschillende smaken bedienen.”

Het vervult Debets vooral van trots ‘dat we trouw zijn aan onze partners.’ “Zoals Opera2Day, dat Hamlet gaat uitbrengen. Dat we kanjers als Paul van Vliet opnieuw welkom gaan heten. En dat we theatercolleges hebben, met in het komende seizoen onder meer fotograaf Hans Aarsman, Nobelprijs-winnaar Ben Feringa en generaal buiten dienst Peter van Uhm.” Het zijn avonden voor mensen die verdieping zoeken, aan de hand van wat hij ‘uit de hand gelopen Powerpoint-presentaties’ noemt.

Trots is hij ook op Nasrdin Dchar, die opnieuw met Dad langskomt. “Zeven jaar geleden begon hij in de foyer van Theater aan het Spui door een monoloog, bijna voor de vuist weg, af te steken.” Inmiddels heeft hij een ‘fokking Gouden Kalf’ (aldus Dchar) in bezit. Dad is na drie keer een uitverkocht huis in Theater aan het Spui nu in de KS te zien. “Een applaus steeg op uit het publiek toen ik dat als spreekstalmeester in Theater aan het Spui bekendmaakte.”

Hij is blij met jonge gasten die nu op doorbreken staan. “Zoals ook de jonge makers van Orkater en een theatermaker als Jakop Ahlbom bijvoorbeeld. Niemand weet het, maar de laatste had de afgelopen zomer in Londen met ‘Horror’ drie weken op rij een uitverkochte zaal.”

HNT maakt zo in ieder geval waar wat het zich voornam: dat het makers én publiek meeneemt naar die plek die het beste past. Van vlakkevloerzaal naar lijsttoneel. Of andersom. “Maar ook door jonge makers de kans te geven uit de lijst te breken.”

Met vijf zalen plus de studio’s van het HNT-gebouw heeft Debets liefst zeven zalen ter beschikking – en dus steeds het meest geschiktste podium voorhanden voor welke voorstelling dan ook. Of het nu gaat om ingekochte of zelfgemaakte producties.: “Theatergroepen waaraan we ons hart hebben verpand en die vroeger exclusief verbonden waren aan de KS of Theater aan het Spui, krijgen voortaan de ideale zaal tot hun beschikking.

Zo kunnen bezoekers optimaal van hun favoriete theatergroepen, acteurs of regisseurs genieten en met ze meegroeien. We willen mensen verleiden uit hun huis te komen en collega-bezoekers te ontmoeten. We willen ze raken met kunst en cultuur, onder het genot en de wetenschap dat alles live onder hun ogen wordt toebereid. Live is de nieuwe luxe.”

Meer informatie: hnt.nl

 

Satyagraha: Ontmoetingsplaats voor een betere wereld

Mix van Indiase met moderne dans in operawerk Satyagraha van Philip Glass

Sinds 2011 is oktober in Den Haag tot ‘Indiase maand’ gedoopt. Hoogtepunt op het aanstaande India Dans Festival is Satyagraha, een inspirerende totaalhappening van dans, zang en muziek. De opera wordt voor het eerst integraal uitgevoerd als dansvoorstelling.

Nadat in de voorgaande edities twee van de drie delen afzonderlijk werden uitgebracht, breekt dan nu het moment aan dat deze Satyagraha in volle glorie en omvang kan worden getoond tot een unieke voorstelling over kracht en geweldloosheid, waarin de Indiase cultuur versmelt met hedendaagse opera.

Voor het eerst zijn de drie aktes in een enscenering voor dans als marathonvoorsteling te zien. Indiase meets moderne dans. De componist zelf gaf hoogstpersoonlijk toestemming aan de producenten om het zo te doen. Zestig westerse en Indiase koorzangers, operazangers, Indiase en moderne dansers en live muzikanten geven Glass’ operawerk uit 1979 nieuwe allure.

Het ligt niet voor hand om uitgerekend een operawerk van een componist die seriële muziek schrijft, tot brandpunt te nemen voor een festival dat draait om Indiase dans.

Niettemin: allereerst is ‘satyagraha’ een Indiaas begrip, het wees Mahatma Gandhi letterlijk de weg naar geweldloos protest. En dan is voor Glass, die dit jaar 80 is geworden, de kennismaking met Indiase muziek doorslaggevend geweest voor zijn ontwikkeling. Hoofdvakdocente Nadia Boulanger bracht hem als twintigjarige Parijse conservatoriumstudent in 1966 in contact met de toen 54-jarige Indiase sitarvirtuoos Ravi Shankar. Glass: ‘Mijn muzikale vader’. Boulanger droeg Glass op om de Indiase muziek van Shankar om te zetten in westerse muzieknotaties.

Hij reisde daarop af naar Noord-India en bleef het land ook daarna veelvuldig bezoeken. Tel daarbij op dat Glass altijd veel voor dans heeft geschreven, zo was al in zijn baanbrekende opera Einstein on the Beach een choreografe van Lucinda Childs opgenomen. Tot op de dag van vandaag componeert Glass nog geregeld voor deze kunstdiscipline.

De eerste steen
Satyagraha is Glass’ meest ‘Indiase’ opera,  twee jaar na het succes van zijn baanbrekende Einstein gecomponeerd. De kiem ligt in een reis naar Kalimpong (India) in 1969, schrijft Glass in het standaardwerk Words Without Music.

‘Op ochtendwandelingetjes ging ik gewoonlijk langs bij een tapijtenhandelaar aan de Tienmijlenweg. Met Mister Sarup, de eigenaar, dronk ik geregeld een kopje thee. Op een dag troonde hij me mee naar het plaatselijke filmzaaltje, waar hij een vertoning geregeld had. Het was een bioscoopjournaal uit 1930 over de Zoutmars. Daar viel me toen een klein mannetje op die werd omstuwd door een mensenmassa. Tuurlijk, ik was bekend met Gandhi, maar mijn god, was het dat in een dhoti gehuld ventje? Op dat journaal liep hij het water in, deed zijn lendendoek af en doopte die in het water. Zo omzeilde hij het verbod van de Engelsen om zout te winnen. I was on fire.’

Satyagraha (1979) vormt met Einstein on the Beach (1976) en Aknaten (1983) een ‘portrettrilogie’ over wereldhervormers – al zijn het muzikaal compleet verschillende werelden – met Gandhi in de eerstgenoemde opera als spilfiguur.

Samen vormen ze een drieluik over mannen wier leven en werk het aanzien van de wereld hebben veranderd: Einstein als man van de wetenschap; Gandhi, de man van de politiek; en Akhnaton, de man van de religie. Ze veranderden de wereld niet met geweld, maar met de kracht van ideeën. Satyagraha is op zichzelf ook een drieluik met in elk van de drie bedrijven een verwijzing naar een historisch figuur.

Glass: ‘Het verleden wordt vertegenwoordigd door Tolstoi, die met Gandhi correspondeerde en hem ‘broeder in Transvaal’ noemde. Het heden staat in het teken van de Indiase dichter en Nobelprijswinnaar Tagore, een tijdgenoot van Gandhi, die hem op marsen vergezelde en met hem vastte. De toekomst wordt verbeeld door Martin Luther King, die in zijn strijd voor burgerrechten in de VS Gandhi’s geweldloze aanpak overnam.’

Satyagraha als Koyaanisqatsi, die Glass eind jaren zeventig componeerde, waren zijn eerste werken waarin maatschappelijke kwesties centraal stonden. ‘Dit was een onderwerp waarover ik al geruime tijd met componisten in heel Europa in discussie was. (…) Het rode boekje van Mao was destijds heel populair onder Europese kunstenaars en sommigen waren zelfs maoist. Ik was daar verbaasd over omdat ik niet begreep waar het vandaan kwam.’

‘Ik was toen al tien jaar met Satyagraha bezig; ik las over Gandhi, dacht veel na over het Amerika van de jaren zestig en hoe zich dat verhield tot het Zuid-Afrika rond 1890, de tijd dat Gandhi zijn beweging voor geweldloze maatschappelijke verandering begon. Ik had ontdekt dat toen hij in Zuid-Afrika aankwam, gekleed in krijtstreeppak en bolhoed op, met zijn eersteklaskaartje in de trein stapte, hij er meteen weer uit werd gegooid. Het bracht Gandhi zelfinzicht: ‘O! Ik ben niet degene die dacht te zijn, ik ben de persoon die zij van mij maken, en wat mij overkomt is verkeerd.’’

De tweede steen
‘Wat ik mooi vind aan zijn muziek is hoe die aansluiting vindt bij een breed publiek,’ zegt Rick Schoonbeek van Kwekers in de Kunst, voorheen Dario Fo. Hij was het die Leo Spreksel, artistiek directeur van Korzo, op het spoor van Satyagraha zette. ‘Na eerder een geslaagd project op het India Dans Festival 2014 te hebben gedaan, stelde ik voor Satyagraha te doen. Niet in de oorspronkelijke vorm maar met Indiase dans. Meteen al was duidelijk dat we geen orkest van 50 musici op de been konden brengen, daarom heb ik een bewerking gemaakt voor dubbel strijkkwartet en piano. Dat is een uitputtingsslag voor de musici, vooral de celliste heeft het te verduren want die moet geregeld de hand in het ijs houden om dit muziekstuk live tot een goed einde te kunnen brengen. Niet alleen uiterst inspannende muziek om te spelen, het is ook vernuftige muziek, met ritmisch verschuivende patronen en invloeden van Indiase raga’s.’

De derde steen
‘We kregen toestemming van Glass voor deze enscenering omdat hij bekend is met de moeder van Revanta Sarabhai, choreograaf van de eerste akte,’ vertelt Leo Spreksel. ‘Zij was een beroemde danseres. Glass stelde daardoor vertrouwen in ons project.’
‘Het verhaal van de opera volgen we inhoudelijk niet letterlijk, wel gebruiken we de thematiek uit ieder van de afzonderlijke aktes en vertalen die in dans. ‘In elk van de drie delen mixen we de traditionele Indiase dansvormen kathak en bharata natyam met moderne dans. In het laatste deel zit ook urban dance, daarvoor tekent de inmiddels gelauwerde choreograaf Shailesh Bahoran, die zich laat inspireren door zijn Hindoestaanse roots.’

‘Ik was meteen overtuigd van het belang van dit project: De emancipatie van dansculturen, de verbinding die het legt met de stad Den Haag en met de hindoestaanse gemeenschap.

Ook ben ik er trots op dat het een artistiek project is. Zonder uitzondering toont het publiek zich ontroerd. Daarbij is de muziek geweldig en actueel. En het laat de dans zien als een mondiaal verschijnsel. De invloed die het Oosten op het Westen heeft in het DNA van de dans, is razend interessant.’

kader:
Professionele operazangers, muzikanten en dansers.
Korzo producties en Kwekers in de Kunst brengen in Satyagraha 60 zangers van het Indiase koor Zangam en Theaterkoor Dario Fo bijeen.  De voorstelling is te zien tijdens het India Dans Festival.

kader:
India Dans Festival
Het India Dans Festival is uitgegroeid tot een van de belangrijkste manifestaties voor Indiase dans in Europa. Vernieuwing en traditie gaan er hand in hand, van kathak tot urban Indiase dans en van bharata natyam tot moderne dans.

Korzo is het podium voor toonaangevende en beginnende talenten van over de hele wereld. Tijdens het festival zijn er ook concerten, workshops en dansfilms. Daarnaast zijn er ontmoetingen met de artiesten in de Korzo bar.
indiadansfestival.nl

 

Lachen naar de dood

Hans Dagelet & Jacqueline Blom bij Toneelgroep Oostpool in iHo

De discussie rond een actief en legaal levenseinde is hyperactueel. Met iHo gooit Oostpool een knuppel in het hoenderhok.

De Amerikaanse Pulitzer Prijs-winnaar Tony Kushner chreef met iHo een veelkantig huiskamerdrama en familieportret over een man van 72 die aan Alzheimer leidt en een doodswens koestert.

iHo is de verkorte titel van The Intelligent Homosexual’s Guide to Capitalism and Socialism with a Key to the Scriptures or iHo uit 2009. Bij Toneelgroep Oostpool zet regisseur Marcus Azzini zijn tanden in het stuk. Hij leidde twee seizoenen geleden in Kushners Angels in America Jacob Derwig en Maria Kraakman naar de toppen van hun kunnen met ieder een nominatie voor respectievelijk de Louis en Theo d’Or.

Ook in iHo kan hij beschikken over een sterrencast, met deze keer in de gelederen onder meer de ‘Or’ 2017-genomineerden Hans Dagelet en Jacqueline Blom. Begin dit jaar vormden zij in Ondertussen in Casablanca van Toneelgroep Oostpool slash Het Nationale Theater onder regie van Jeroen De Man een hemels komediekoppel: Mr. en Mrs. Lohman. Voor hun knisperende en kwispelende spel werden ze individueel genomineerd voor de belangrijkste toneelprijzen die dit land rijk is: de ‘Louis’ en de ‘Theo’. Het gebeurt hoogst zelden dat de beste acteur én actrice uit een en hetzelfde stuk komen – al gaat het hier vooralsnog om een nominatie.

De werkkamer ten Huize Dagelet. Uit een van de vele verlichte vitrines die Dagelet er heeft volgestouwd met blikken miniatuurspeelgoed en tinnen soldaatjes vist hij, na licht speurwerk, de medailleplak op: de Louis d’Or 1971! In dat jaar deelde hij de prijs met Wim van der Grijn voor hun spel in Gerben Hellinga’s toneelbewerking van Kees de jongen. Hij loopt er vervolgens mee op Jacqueline Blom af: ‘Kijk, zo ziet hij er dus uit!’ ‘Best wel mooi’, oordeelt Blom die het stof eraf veegt met in haar stem een hoorbare tikje verbazing van ontzag.

In iHo delen beiden opnieuw gelijktijdig het podium, al zijn ze deze keer niet elkaars directe tegenspeler. ‘Deze keer zijn we geen koppel hoor’, tempert Dagelet lichtjes maar resoluut het verwachtingspatroon. ‘In dit stuk speel ik Gus, een verstokte communist’, zegt Dagelet. ‘Een wat rare tante,’ zo omschrijft Blom haar personage, ‘activistisch ingesteld en ze is bij Gus ingetrokken nadat zijn vrouw is overleden. Het is een wat ‘geïmplodeerde’ rol die, zoals ik het nu inschat, weinig kansen biedt om groot uit te pakken.’ Ook Gus bezit vreemde trekjes. Blom: ‘Zijn leven lang heeft hij comfortabel van een uitkering kunnen genieten en zet in het leven graag de dingen naar zijn hand.

‘Een manipulatief mannetje’ bevestigt Dagelet, die net als deze Gus 72 jaar is, ‘maar daar eindigt de overeenkomst ook wel zo’n beetje.’ Niet een rol dus die hem bij voorbaat overtuigt. De dag na de eerste gezamenlijke lezing van het script stak Dagelet zijn vinger op, want ‘ik had werkelijk niks met Gus.’ Azzini, die nooit eerder direct met Dagelet noch Blom samenwerkte, ontplofte bijkans: ‘Dit is nog me nog nóóit overkomen! De hoofdrolspeler die niet gelooft in zijn rol!’ Daarna hebben we het in de spelersgroep over Gus gehad. Ik ben hem er beter door gaan begrijpen. En vergeet daarbij dit niet: Kushner schrijft voor iedere opvoering een nieuwe versie, met locale invalshoeken. Ook nu. Dat is spannend.’

Blom en Dagelet zijn het erover eens dat iHo ‘link en doordacht’ in elkaar steekt. ‘Bijna als een partituur,’ zegt trompettist, schilder, schrijver en toneelspeler Dagelet. Voor hem komt het stuk erg dicht op de huid. ‘Mijn vader maakte op zijn 65e in het ziekenhuis een einde aan zijn leven. Daar had ik toen geen enkel begrip voor. Dat is veranderd. Mijn moeder is nog daarvoor aan kanker overleden. Er werd niet veel over het einde gesproken, kop in het zand, doen alsof er niets aan de hand is.’ Bloms ouders zijn nu in de tachtig. ‘Ze hebben elkaar nog, dat is mooi. Maar soms zie ik aan ze dat doorgaan een hele opgave is.’

iHo is niet op voorhand loodzwaar of moralistische kommer en kwel. ‘Wrang, dan weer pijnlijk, ontroerend maar ook erg humoristisch,’ vat Blom samen. ‘Zoals Amerikanen dat zo goed kunnen, maar ook Engelsen en Fransen. Je waant je bij tijd en wijle regelrecht in een komedie. Met humor kun je diepere lagen bereiken. Humor en mededogen heb je nodig om het leven draaglijk te maken en er tegelijkertijd iets wezenlijks over te vertellen.’

‘Komedie, dat is jóuw terrein,’ meent Dagelet, ‘maar nog nieuw voor mij. De laatste vijftien jaar heb ik überhaupt nauwelijks op de theaterplanken gestaan. Zij,’wijzend op Blom, ‘zij is werkelijk virtuoos, een goddelijk comedienne. Het is trouwens veel moeilijker iemand aan het lachen dan het huilen te brengen, wist je dat? Een technische kwestie van timing vooral, maar ook van energie.’ ’En natuurlijk razendsnelle verbeeldingskracht en improvisatievermogen,’ vult Blom aan.’Ik hoop dat je de Louis wint’, zegt Dagelet beminnelijk. ‘De Theo ,’ verbetert Blom hem glimlachend.

Misschien zou er ooit nog een echt vervolg op Ondertussen in Casablanca in zitten? Blom enthousiast: ‘Dan kunnen we weer echt een koppel zijn. Dagelet: ‘En Jeroen De Man moet dat stuk dan regisseren.’

Toneelgroep Oostpool: iHo. Met Jacqueline Blom, Hans Dagelet, Abe Dijkman, Astrid van Eck, Fahd Larhzaoui, Eva Laurenssen, Tibor Lukács, Rick Paul van Mulligen, Chiem Vreeken en Sophie van Winden. Première: zaterdag 30 september, Stadstheater Arnhem. Tournee.

kader:
Azzini over iHo
‘Het stuk is zo rijk als de titel lang. Aan de keukentafel van de familie Marcantonio komen eigentijdse kwesties samen: idealisme, religie, alternatieve gezinsvormen, migratie en euthanasie. Een verhaal over mensen van onze tijd. Ik zag het stuk vorig jaar in Londen en was meteen verrukt.’

‘Ik ben een echte Kushner-fan. Hij is een van onze beste toneelschrijvers. Waarom? Hij voert aan de hand van herkenbare situaties een enorme gelaagdheid op: hoe voed je je kinderen op, hoe leid je je leven, je vorm je je gezin, hoe ga je om met teleurstellingen en verwachtingen, en wat wil je in het leven bereiken. In die kwesties heeft iedereen zijn eigen kruis te dragen. Familieverbanden, samenlevingsvormen, sociale verhoudingen: ik vind dat altijd waanzinnig fascinerende thema’s.’

‘Mijn moeder is 82, woont alleen maar is voor haar leeftijd nog heel actief. Voor mijn zoon probeer ik het best mogelijke te doen, maar soms is er pijn, zijn er teleurstellingen. We moeten ons realiseren: we maken fouten.’

kader:
Multitalent Dagelet
Hans Dagelet dook voor de zomer met trompet en vibrafonist / slagwerker / muziekproducent Jan van Eerd, oftewel Yan. De CD die komt in het najaar uit. Een tweede roman van zijn hand ligt binnenkort in de boekhandel: Fred, filochauffeur.

Scherp als de hel, grappig én geil

De Zaak Carmen, dansspektakel met live muziek

Een dansthriller, losjes gedocumenteerd op de bekendste opera aller tijden. Al begint Lonneke van Leths creatie pas waar de tragische klassieker ophoudt.

Carmen. Beproeft graag de ultieme zintuiglijke vrijheid, onderzoekt met plezier de contouren die gebonden zijn aan verliefdheid, van pure lust tot bindingsangst. Voor veruit de meeste mannen staat ze bij uitstek symbool voor de vleesgeworden, eeuwige uitnodiging, scherp als de hel, grappig én geil. Wat zou wie dan ook weerhouden met háár in zee te gaan? Misschien dit: ze is de belichaming van de perfecte ‘femme fatale’. Carmen. Iconisch. Bizets gelijknamige ‘opera comique’ over het vrijzinnige zigeunermeisje dat mannen graag gijzelt in haar tentakels staat model voor ‘De Zaak Carmen’. Die begint, letterlijk en figuurlijk, waar de opera in 1875 eindigde: op het moment dat de passionele moord door soldaat Don José op haar is gepleegd.

Op de plaats delict raakt een profspeurneus tijdens zijn naspeuringen ogenblikkelijk gehypnotiseerd door haar glinsterende ogen, ook al is ze levenloos,” vertelt Lonneke van Leth enthousiast over de plot van haar productie. Die mondt uit in een slotbeeld met vijf Carmens die dader Don José omringen, om hem heen tollen, bevangen als hij is van de vampiresse. “Hij ontwaart haar overal en zal altijd in de ban van haar blijven.”

Er lopen nog altijd, misschien wel meer dan ooit, heel wat ‘Carmens’ op deze wereld rond, zo verantwoordt van Leth de keuze voor de aanwas op Bizets origineel. “Het één op één naspelen van deze opera is voor mij geen optie. Dat is, werd en wordt al gedaan, bijvoorbeeld door Het Nationale Ballet.” Van Leth gaat een stap verder: “Bij ons onderzoekt een rechercheur, gespeeld door acteur Juda Goslinga, hoe het zover heeft kunnen komen.”

In het verleden maakte van Leth, bekend van grootschalige spektakels als Het Zwanenmeer, Sylphides Belofte, De Odyssee en Een Romeo & Julia, met name familieprojecten. “Het is voor het eerst dat we een voorstelling maken die bij uitstek voor volwassenen is bedoeld.” Ze gebruikt voor het eerst veel tekst, geschreven door toneelspeler, schrijver en regisseur Martijn de Rijk. “Door het gebruik van tekst zijn we beter in staat de doopceel van Carmen en die van de rechercheur te lichten. Terwijl dans en muziek daarbij een extra dimensie vormen: Dat wat niet met woorden kan worden gezegd.”

Met De Zaak Carmen heeft de Haagse choreografe die sinds kort in Zoetermeer woont, een groot gemonteerde voorstelling op stapel staan. Straks staan 32 dansers op het podium en nemen 11 musici en van het vanuit Den Haag opererende New European Ensemble live in de orkestbak van het Zuiderstrandtheater plaats.

Bizets muziek voor miljoenen, misschien wel de bekendste operaklanken aller tijden, zijn door componist Maxim Shalygin min of meer terzijde geschoven. De Oekraïner, die aan het Koninklijk Conservatorium afstudeerde, maakte voor De Zaak Carmen een compositie die de soms freaky beelden onderstreept – van sinistere nachtmerrie tot broeierige flashbacks en momenten van verliefdheid.

“Ik vind nieuwe muziek gaaf,” legt van Leth uit. “In dit geval illustreren de klanken de grondgedachte van de voorstelling: hoe heeft deze moord kunnen gebeuren?” Het toneelbeeld van Vincent de Kooker is onder meer opgetrokken computerschermen die de achterwand van de dansvloer beslaat en gezamenlijk een grootbeeld kunnen vormen; uit grootformaat prints van archiefkasten die het kantoorgevoel uitdrukken; de lange hals van twee reuzenvogels; en een skelet.

Voor van Leth is De Zaak Carmen naast het voeren van de regie reden om weer eens zelf het podium te bestijgen, nadat ze dat bij de locatieproductie Zwanenmeer in 2012 voor het laatst had gedaan. En dan maar meteen ook in de rol van mannenverslinder Carmen.

“Het is er de tijd voor, want nu kan ik nog voluit dansen, zeg t de inmiddels 41-jarige van Leth. “Dansen is voor mij als een drug, een onbetaalbare trip, al je zintuigen open.” Knipoog: “En met al die mannen dansen is erg leuk.”

Mondriaan
Hierna stort zich figuurlijk op Mondriaan. In juni nog tekende ze voor de openingsperformance in het Gemeentemuseum Den Haag van de expositie ‘De Ontdekking van Mondriaan’. Toen maakte ze een choreografie op Mondriaans doek ‘Compositie IV’. Eind oktober treedt ze opnieuw op  in het Gemeentemuseum. “Deze keer dansen we 6 korte stukken van ieder 4 minuten die zijn geïnspireerd op Mondriaan zelf, zijn werk,en  zijn inspiratiebronnen.”

Lonneke van Leth Producties: ‘De Zaak Carmen’. Van vrijdag 25 tot en met zondag 27 augustus 2017 in het Zuiderstrandtheater. Meer informatie: lonnekevanleth.nl. Telefonisch tickets reserveren: (070) 88 00 333.