Ontgroenen op leven en dood

De Nieuwkomers van Orkater in ‘mindfuck’ Rumspringa

Wie ben je nog als je eigen verleden compleet op losse schroeven komt te staan? iona&rineke maakten samen met rockband Shaking Godspeed een voorstelling rond de ‘rumspringa’. Over vasthouden aan een geloof, zelfs als wat je altijd verteld is niet langer waar kán zijn.

Voor het voorafgaande onderzoek deed het schrijversduo iona&rineke naspeuringen bij onder meer de Scientology kerk en de Vrijmetselaarsbeweging. Maar tijdens hun omzwervingen voor Rumspringa struinden ze, natuurlijk, ook het donkerduistere internet af. Onder het lemma ‘blues’ bleek op Wikipedia een pagina opgetuigd met een reeks aan namen van bands – en bijbehorende hyperlinks.

Een ervan leidde naar Shaking Godspeed. Plots stonden Iona en Rineke oog in oog met heftige, eigenzinnige undergroundrock. ‘We zijn daarna twee avonden samen gaan werken aan muziek en tekst,’ zegt Rineke. De hand van god? In ieder geval een gouden greep. Want de ‘hit’ kwam op het moment dat het tweetal net even daarvoor had ingetekend op een vijftienminutenpitch bij Orkater. Waarmee ze hun voornemen uit 2014 voor een muziektheatervoorstelling rond de ritus van Rumspringa te maken, kracht bij zetten.

Rumspringa komt uit het Duits (‘herumspringen’), soms aangeduid als rumschpringe of rumshpringa. Het is de periode dat orthodox gelovige adolescenten van Amish en Mennonieten rond 16 tot 22 jaar volgens traditie huis en haard de rug toekeren, om het ‘echte leven’ te leren kennen. Het relatief veilige platteland en hun kompas van geijkte normen- en waarden laten ze daarmee los.

De rumspringa kan voor de betrokken jongeren op een reusachtige cultuurschok uitdraaien. Rineke Roosenboom: ‘Het draait om kiezen tussen leven in het genootschap of daarbuiten, in de vrije wereld. Om weloverwogen die keuze te kunnen maken, leven jongeren voor een bepaalde periode in de buitenwereld, zodat ze in volwassenheid kunnen kiezen voor de ene dan wel de andere leefwijze. Maar die ogenschijnlijk vrije keuze is niets meer dan schijnvrijheid. Want hoe kun je na 18 jaar in een gesloten gemeenschap vergelijken met één jaar in de buitenwereld? Hoe doe je dat trouwens, leven in een wereld waar je niemand kent, waar ineens geen regels meer zijn?’

In de voorstelling worstelen de personages met dit vraagstuk. Bovendien komt hun vriendschap onder druk te staan omdat eenieder verschillend reageert op de rumspringa. Geen ongevaarlijke bezigheid, voor adolescenten die de ‘rumspringa’ doorlopen hangt er nogal wat af. ‘Bedenk dat als hun ‘rite de passage’ niet juist of niet met goed gevolg wordt afgelegd, de beschermende veiligheid van de cocon verdwijnt. Het lid loopt dan de kans voor altijd uit de geloofsgemeenschap verstoten te worden. Keihard en nietsontziend,’ zo legt Roosenboom uit.

Vals
In de muziektheatervoorstelling Rumspringa zijn Rineke Roosenboom en Iona Daniel tot de vondst gekomen zelf hun eigen geheime genootschap te stichten. In hun sekte van ‘De Kring van Welsch’ raken de leden verstrikt in manipulaties en geloofsregels. ‘We presenteren de Kring als een autobiografie, komen zelfs met bewijsmaterialen op de proppen.’ Ze noemt het ‘een valse documentaire’. ‘We laten het publiek geloven in iets dat niet waar is.’

Hun stuk begint als het persoonlijke relaas van een ontmoeting en de daaropvolgende vriendschap tussen Iona en Rineke. Ze lijken ‘normale’ meisjes en vertellen een verhaal dat op papier staat, maar dan wel een verhaal dat volledig ‘gescript’ is. Maar het is allemaal ook echt, want het is hún verhaal, zo beweren ze althans. Tikje schizofreen: gespeeld en echt tegelijk. Als ik haar door de telefoon spreek, legt wederhelft Iona Daniel een brug naar manipulatietechnieken waar sektes gewoonlijk in grossieren. ‘Zelfs als je op een gegeven moment gaat twijfelen aan wat het genootschap je vertelt, is het een lastige keuze er uit te gaan. Want als je eruit stapt, moet je aan jezelf toegeven dat je al die tijd als een soort sukkel in hun leugens hebt geloofd.’ Veel sekteleden stappen er uiteindelijk uit omdat ze met aantoonbare onwaarheden geconfronteerd zijn. ‘Als blijkt dat de werkelijkheid die hen altijd is voorgehouden niet klopt, en niet strookt met hun eigen perceptie, dan vallen gaten. ‘Dan moet je wel stevig is je schoenen staan.’

Performers
Evenals de vierkoppige band treden ook iona&rineke zelf in dit stuk op als ‘performer’. Iona: ‘We merkten in het verleden dat als we langer betrokken bleven bij de totstandkoming, we langer grip bleven houden op de tekst, en die nog tot op het laatste moment konden aanpassen. Het verraste ons toen we merkten dat het andere teksten opleverde dan we hadden gedacht. We zijn daarom blijven performen.’

Luistertocht
Shaking Godspeed’s soundtrack Rumspringa is een op zichzelf ademstokkende luistertocht waar naar hartenlust uiterste muzikale grenzen zijn opgezocht. ‘Ik hoop dat het lukt om popfans vanuit het clubcircuit over te halen naar de theaters te komen,’ spreekt zanger/gitarist Wout Kemkens verwachtingsvol uit, ‘en andersom: dat theaterbezoekers hun weg naar onze muziek gaan vinden.’

Die muziek – ook op CD uitgebracht – bestaat uit speciaal voor Rumspringa gecomponeerde muziek en teksten – die in het Nederlands zijn gesteld. Muziek met vaak een bezwerend of maniakaal karakter. ‘Zie het als een dialoog met de tekst.’ In het stuk heeft ieder personage een ‘leitmotiv’ gekregen, een eigen klankkleur. ‘Geregeld refereren we ook aan muziek uit de sixties, bijvoorbeeld door de sitar in te zetten en door gebruik te maken van stijlkenmerken uit de popmuziek van die tijd.’

Helter Skelter, een nummer van The Beatles van hun album dat onofficieel The White Album heet markeert de kraamkamer van de hardrock. Dit nummer, evenals enkele andere songs van dat album overtuigden sekteleider en criminele hippie Charles Manson ervan dat een rassenoorlog en atoomoorlog nabij waren, al is niet bewezen dat zijn volgelingen The Family daardoor direct overgingen tot het plegen van de beruchte Tate/LaBianca-moorden. Refereren Shaking Godspeeds composities voor Rumspringa aan Manson? Wout Kemkens: ‘Van Marilyn Manson is in de muziek nauwelijks iets te bespeuren, van Charles Manson in de voorstelling des te meer.’

Click
Eigenlijk precies goed, die muziek van Shaking Godspeed, zo besloten iona&rineke na de nu fameuze click-op-goed-geluk op het trefwoord ‘blues’, waardoor de Utrechts/Arnhemse band na eerdere optredens van Noorderslag, Incubate, Paaspop en Zwarte Cross tot Sziget en als voorprogramma-act van Deep Purple, vorig jaar haar opwachting op Oerol, als onderdeel van De Nieuwkomers, het talentontwikkelingsplatform van Orkater besteeg.

Het vervolg is dan nu opeens een theatertournee. ‘We kunnen nu in iedere stad de parochianen toespreken,’ merkt Wout Kemkens, bassist/gitarist van Shaking Godspeed schertsend op. En was op Oerol de eenbuikige kruiskerk van Midsland uit 1881 – tegenwoordig op bingoavondjes ook in gebruik als clubhuis (‘we moesten op zondagochtend niet aanwezig zijn; en de kerkdienst speelde zich af in ons decor’) en in akoestisch opzicht een galmbak – voor de toer is dat de veelal no nonsense-omgeving van vlakkevloertheaters, de hedendaagse tempels van het vrije woord.

kader:
Het fenomeen ‘rumspringa’ komt in literatuur en films geregeld op de proppen: van Devil’s Playground (2002) tot Sexdrive (2008) en How To Be Single (2016). En ook Roger Rheinheimer’ roman Amish Snow, laat zien hoe het toe kan gaan.

Orkater / De Nieuwkomers met Rumspringa van en met iona&rineke en Shaking Godspeed. Tournee. Meer informatie: orkater.nl.

‘Flinterdunne beschaving’

William Goldings Lord of the Flies voor twaalfplussers bij NTjong

Een groep jongens, pubers nog, moet het na een vliegtuigcrash samen zien te rooien op een onbewoond eiland. Wat gebeurt er als mensen hun primaire driften laten gelden en angst regeert?

Een rauw verhaal over een groep opgeschoten jongens die razendsnel volwassen móet worden – maar daar hopeloos in faalt. William Goldings roman Lord of the Flies (1954) is een schokkende en ontroerende survivaltrip over vriendschap, compassie en het recht van de sterkste. Er zijn geen volwassenen te bekennen. En dus is er geen toezicht en zijn er geen regels. Afgesloten van de buitenwereld zijn ze op zichzelf aangewezen.

Al snel vervagen morele grenzen dan en heerst het recht van de sterkste. “Wat we beschaving noemen is flinterdun,” merkt Noël Fischer op, regisseur van het theaterstuk. “Lord of the Flies is allereerst een prachtverhaal, een klassieker, rond een groep jongens waar een gevecht om de macht uitbreekt,’ vertelt ze. ‘Normale, sympathieke jongens veranderen er in halve wilden, geweld wordt tussen hen de norm. Verruwing en verharding. Wat is dan de positie van de zwakkeren? En waartoe zijn wij dan als groep bereid? Waar verliezen we ons gevoel voor beschaving?

Het verhaal fascineert mij sinds ik het als puber las. Eigenlijk gaat het over oorlog, hoe dicht oorlog onder ieders huid ligt, en hoe compassie, empathie en redelijkheid het afleggen. In deze tijd van extremen en polarisatie – waar de sfeer en de gevolgen van oorlog iedere dag in de media voelbaar en zichtbaar zijn, mensen op de vlucht slaan maar ook hier in Nederland mensen zich onveilig voelen – vind ik dit een fantastisch actueel verhaal voor een jongerenvoorstelling.”

Bij Het Nationale Theater is het de kunst om grote, klassieke verhalen naar nu te brengen, zegt Fischer. “En daar hoort dit verhaal zeker bij, hoewel het boek vijftig, zestig jaar oud is. Lord of the Flies past naadloos in de traditie van boeken als 1984, Animal Farm, Brave New World en, nu hoogst actueel, The Hunger Games.” Een mooi rijtje. “Het zijn verhalen die duidelijk maken hoe het ons kan vergaan als een systeemfout ontstaat. Een dystopie.”

Laboratorium
“Het idee van een onbewoond, verlaten eiland is dat je in een laboratoriumsituatie terechtkomt,” zegt acteur Bram Suijker. “Op zo’n eiland met weinig spullen voorhanden en maar weinig omhanden, zitten de jongeren opeens midden in een politiek debat zonder dat ze het zelf goed beseffen.”

Suijker, sinds 2013 een vaste waarde is bij Het Nationale Theater, het ‘moederbedrijf’ van NTjong, speelde onder meer in ‘De revisor’, ‘Tasso’, en ‘Het verzamelde werk van Shakespeare (ingekort)’. In ‘Lord of the Flies’ neemt hij de rol van Jack op zich. “Die probeert de macht in handen te krijgen, wil graag de baas zijn, zoals je dat ook wel ziet op een speelplein waar kinderen aan het knikkeren zijn.”

Hij is in zijn nopjes met de verworven rol. “Ik heb sinds de toneelacademie niet in een jeugdtheatervoorstelling gespeeld, heb de laatste jaren vooral de komische noot gespeeld. Met dat clowneske was ik eigenlijk wel een beetje klaar. Toen Noël vroeg of ik deze psychopaat wilde spelen was het voor mij: Ja natuurlijk! En Jack is geen duivel in zwart-wit hè, Jack is en blijft een jongetje. Op de speelplaats loert hij hoe ver hij kan gaan, ziet geen volwassenen om hem tegen te houden  en prikt daarom steeds verder. Het is een dankbare rol. Eigenlijk vind ik dit spannender dan voor volwassenen spelen. Kinderen maak je minder snel iets wijs: Als jij je maar voor de helft geeft, dan haken zij af, denk ik. Kinderen reageren heel direct. Volwassenen hebben nog altijd een idee waarin ze mee kunnen gaan.”

Fischer vult aan: “Maar omdat je met dit verhaal bijna in de science fiction en de fantasy zit, zijn ook video en muziek belangrijk. Toch is dat uiteindelijk allemaal vormgeving. Waar het echt om gaat is de acteurs, die moeten je ‘triggeren’, jongeren moeten met ze meegaan.”

12+
Lord of the Flies is bedoeld voor jongeren vanaf 12 jaar. Fischer: “Twaalfplussers moeilijk? Ik zeg: Een geweldige leeftijdsgroep! Prepubers en pubers. Het materiaal is natuurlijk ook echt te pittig voor jonge kinderen. Het is eigenlijk jongerentheater. Het gáát ook over jongens ongeveer van die leeftijd.” Zelf was ze op die leeftijd een tikkeltje rebels: “Mijn ouders hebben mij op een jongensschool moeten doen. Door mijn wilde en brutale gedrag was ik op de meisjesschool kennelijk niet te hanteren. Misschien was ik toen niet zo’n heel aardig meisje,” lacht ze.

In Den Haag is Lord of the Flies uitsluitend te zien in Theater De Nieuwe Regentes, het voormalige overdekte zwembad dat twintig jaar geleden al eens tijdelijk werd betrokken door Het Nationale Toneel, toen de Koninklijke Schouwburg onder handen werd genomen. Fischer, ook artistiek leider van NTjong: “Ik vind het belangrijk om je gezicht op verschillende plaatsen in de stad te laten zien. Daarom gaan we hier ook educatieve projecten doen.”

NTjong, Nationale Toneel & de Veenfabriek: ‘Lord of the Flies’. Van donderdag 9 tot en met zaterdag 18 maart 2017. Première: zaterdag 11 maart 2017. Meer informatie: ntjong.nl. Telefonisch kaarten reserveren: (070) 346 53 72.

‘We zijn meer dan een kortingspas’

Bas Morsch van We Are Public zoekt duizend cultuuroptimisten

Je wilt best een dosis kunst opsnuiven, een dagje of avondje uit. Maar waar ga je heen? We Are Public helpt je op weg.

We Are Public (WAP) werd twee jaar geleden in Amsterdam door de cultureel ondernemers Leon Caren en Bas Morsch opgezet met het doel om de klap van de bezuinigingen te verzachten voor de culturele wereld, door te proberen nieuw publiek de zalen in te krijgen. Na beproefd succes in de landshoofdstad met ‘Subbacultcha’ bleek ook de ‘serieuze’ kunst daar ontvankelijk: zo’n 3.000 leden brachten 52.000 nieuwe cultuurbezoeken en gezamenlijk 450.00 euro in het laatje.

En dus rolt WAP het concept verder uit over het land, te beginnen in Den Haag, en gaat hier op zoek naar cultuuroptimisten. Beter gezegd naar, zoals WAP ze noemt: ‘investeerders’. In ruil voor het lidmaatschapsgeld van 15 euro per maand kun je gratis op bezoek bij de aangesloten kunstinstellingen. Niet onbeperkt trouwens, want een 18-koppig redactieteam van ingevoerde cultuurprofessionals waakt over het voorradige hofstedelijke snoepgoed – ter voorkoming van een overdaad aan ‘winkeldochters’. WAP belooft maandelijks zeker zo’n vijftig programma’s aan te bieden. Ruim vijftig Haagse kunstinstellingen, van het Gemeentemuseum tot aan het Paard van Troje en van de Koninklijke Schouwburg tot aan PIP Den Haag doen mee.

Toen vier jaar geleden een valbijl de wortels van het kunstenbestel doorkliefde, is de sector ertoe overgegaan om, meer dan tevoren, de handen ineen te slaan. Nieuwe verdienmodellen waren noodzaak. In Den Haag is het aanstaande verstandshuwelijk van Theater aan het Spui, de Koninklijke Schouwburg en Het Nationale Toneel daarvan nog het beste voorbeeld, al is dat ook op inhoudelijke leest geschoeid. Binnenkort transformeren zij tot Het Nationale Theater. Ook WAP toont aan dat de bakens zijn verzet, dat samenwerking het vleesgeworden mantra is. Want kunstliefhebbers zijn omnivoren, hoppen dus graag: van museum naar theater, van dans naar jazz, of van cabaret naar keramiek.

“We merken dat onze leden het fijn vinden dat ze door ons nieuwe ontdekkingen doen” zegt Bas Morsch, met Leon Caren oprichter van WAP. “Op onze site kunnen leden bovendien in één oogopslag zien wat volgens onze redactie hip and happening is. Voor hen zijn we een keurmerk. Zo blijven ze zelf up to date. We zijn meer dan alleen een kortingspas.” Ook de deelnemende kunstinstellingen zijn verheugd, zegt Morsch. “Ze krijgen weer nieuw publiek over de vloer, dat zonder ons niet bij ze langsgekomen zou zijn.”

Optimist
WAP ziet zijn ‘community’ als een eigentijdse beweging die het consumeren van kunst en cultuur behapbaar maakt. “We zorgen voor maatschappelijk draagvlak. Door lid te zijn steunen onze leden financieel de culturele sector; inkomsten uit de lidmaatschappen komen voor een aanzienlijk deel ten goede aan culturele instellingen en makers.”

WAP gaat op 1 januari van start. Dat wil zeggen: “Mits vóór 12 december ten minste duizend cultuuroptimisten zich hebben aangesloten.” Tot 1 januari is er een pilotprogramma van ruim 50 concerten, exposities, voorstellingen en films in de stad. De organisatie heeft de ambitie om de komende jaren uit te groeien tot een landelijk platform. Leden kunnen straks dus niet alleen in hun eigen stad maar door het hele land naar programma’s die door WAP zijn geselecteerd. WAP start zaterdag een campagne op de Grote Mark tijdens de Museumnacht Den Haag.

Muziek om in te wonen

Sven Ratzke’s muziektheatershow rond David Bowie

Met Starman bouwt Ratzke een feestje rond de seventies-songs van David Robert Jones. Zijn uitvoering van Heroes met een driekoppige begeleidingsband is alleen al genoeg om de show te zien.

Zijn ene oog is groen, het andere lijkt bruin. Door een gevecht beschadigde Bowie zijn linkeroog. Zelfs na verschillende operaties was zijn pupil niet in staat om te reageren op het licht: de spieren die de pupil samentrekken, bleven verlamd. Bij Bowie bleef de linkerpupil continu wijd open, wat zijn linkeroog een bruine kleur leek te geven.

Een high brow musical, Lazarus, de tentoonstelling David Bowie is in Groningen, en het muziektheaterprogramma Starman begeleidden Bowie – onbedoeld – op weg naar zijn levenseinde. “Nummers waar je in kunt wonen.” Zo noemt podiumdier Ratzke de songs van David Bowie, en dan vooral de seventies-composities van het popicoon. “Klassiekers die muzikaal en tekstueel doorwrocht en geraffineerd in elkaar zijn gestoken. Meesterlijke composities als Rock ‘n’ Roll Suicide, Rebel Rebel, Space Oddity, Heroes en Starman natuurlijk. Ze kunnen wedijveren met het allerbeste, van de pop van The Beatles, de chansons van Jacques Brel tot de theatermuziek van Brecht en Weill.”

Als stand-up comedian Eddie Izzard en popicoon David Bowie samen een liefdesbaby zouden hebben, merkte eens een recensent op, dan zou deze Sven Ratzke heten. Ratzke, zelfbenoemd homme fatale van het hedendaagse entertainment, begeeft zich met Starman in Bowie’s wondere wereld, waarin feiten, fictie, levenslot en roem rijkelijk samenvloeiden.

“Hoewel ik hem nooit heb ontmoet, zelfs nooit een concert van hem live heb bijgewoond, voel ik verwantschap, zelfs een spirituele band – al klinkt dat wat zwaar misschien. Hij staat mij erg nabij omdat ik met artiesten heb opgetreden die met hem hebben samengewerkt, en omdat ik verschillende leden van zijn begeleidingsband ken. Nu ik deze show gemaakt heb, voel ik een bijna persoonlijk contact, ook vanwege de persoonlijke toestemming die ik als een van de weinigen van hem heb gekregen om zijn composities te mogen uitvoeren. Maar ik kruip niet in zijn huid, mijn eerbetoon is geen biografie over David Robert Jones. Ik dis niet zijn levensverhaal op. Starman laat eerder een reis zien die in Londen begint en via Los Angeles en New York naar Berlijn voert. En is daarom geen doorsnee cover- of tributeshow. Wij maken er iets heel eigens van met mijzelf als entertainer en met geweldige, nieuw gearrangeerde muziek van Bowie.”

Buitenissig
Ratzke, geboren in 1977, herinnert hij zich dat hij in het decennium na zijn geboortejaar werd meegezogen in Bowie’s faam door films als Merry Christmas Mr. Lawrence en hits als China Girl en This Is Not America. Hij werd gegrepen door de combinatie van Bowie’s muziek en diens verschijningen in alter ego’s als Hunky Dory, Ziggy Stardust en The Thin White Duke.

“Ook ik hul me graag in buitenissige personages op het podium, ben graag in de weer met weelderige kostuums en ‘looks’.” Hij spreekt van een parallel universum: “Zijn hang naar het theatrale gebaar, de glitter, de muziek, die herken ik. Bowie werd beïnvloed door het theater, net als ik. Hij vierde het mysterie, dat doe ik ook. New York en Berlijn zijn grote inspiratiebronnen voor mij en steden waar ik graag ben en optreed. Dat was voor Bowie ook zo.”

Starman door Sven Ratzke is op zondag 16 oktober 2016 te zien in Theater De Nieuwe Regentes.

Cultuurvreters & cultuurdromers

Theater De Meervaart: hoog met laag verbinden door te vertellen

Verhalen vertellen die verteld móeten worden, dat is de ambitie van Theater de Meervaart. “En als die niet nu en hier te vinden zijn, gaan we ze zelf maken.”

Een theater dat met de culturele voorhoede meeloopt maar net zo op handen wordt gedragen door wijkbewoners. En dat in de outskirts van de stadse metropool Amsterdam. Hoe lukt het de Meervaart toch om cultuurvreters aan zich te binden en tegelijkertijd ook de wijk te activeren. Hoe speelt het dat klaar?

Amsterdam Nieuw-West: een bonte wijk waar uiteenlopend pluimage – jong met oud, blank bij zwart, rose langs blauw, en diepgelovigen naast ongelovigen – onderdak vindt in Theater de Meervaart. Een theatrale pleisterplaats, knooppunt van wegen, en stromingen en gezindten; gelegen aan een mooie, rustieke plas. “Wijkbewoners zijn hier aandeelhouder” vertelt Meervaart-directeur Andreas Fleischmann. Als ‘huis’ van Nieuw-West, zegt hij, staat in de Meervaart respect en nieuwsgierigheid naar elkaar en de ‘anderen’ centraal. Het slechten van culturele drempels ziet hij als een uitdaging.

“We zijn veel meer dan doorgeefluik van voorstellingen,” legt Fleischmann uit, sedert twee jaar het boegbeeld van De Meervaart. “Onder de noemer Meervaart Studio organiseren we uiteenlopende activiteiten voor kinderen en jongeren. Bij onze jeugdtheaterschool 4West bijvoorbeeld, kunnen kinderen vanaf vier jaar meedoen in een dans- of theaterspeelgroep, workshops streetdance volgen, klassiek ballet of (muziek)theater. Vanaf hun veertiende kunnen ze daarna aan de slag bij Studio West, onze werkplaats voor creatief talent, al hoeven ze later niet allemaal per se naar een hbo-theaterschool; meedoen alleen al werkt verrijkend. Zo vormen we een keten van bezoekers, van (piep) jong tot (stok)oud(ers). Scholen uit de wijk kunnen hier voorstellingen bezoeken en workshops organiseren. Al met al geeft Meervaart Studio jaarlijks aan zo’n zevenduizend kinderen en jongeren uit Amsterdam de kans om hun creatieve talent te uiten.”

Voor wie een workshop acteren of dansen een brug te ver is kan het bezoeken van een voorstelling evenzogoed een blikopener zijn. In de programmering van de Meervaart is daarom voor elk wat wils te vinden: kinder- en jeugdtheatervoorstellingen gaan er hand in hand met urban dance en stand-up comedy; en er is cabaret, toneel en dans voor volwassenen. Maar er zijn ook voorstellingen te zien die van onderop opkomen uit bewonersgroepen van Nieuw-West. Er zijn interessante crossovers. Hoge wordt er met lage kunst gemixt, even voor de vuist weg: van Holland Festival tot Bigi Poku Toppers. Of zoals in juni nog, toen stadsgezelschap voor dans ICKamsterdam samenwerkte met theatermaker Jakop Ahlbom.

“Daarmee hebben we trouwens meteen twee van onze vijf huisgezelschappen te pakken,”zegt Fleischmann. “Van die vijf trekt straks ICKamsterdam, het gezelschap rond het duo Pieter C. Scholten en Emio Greco, daadwerkelijk bij ons in, gaan hier hun studio’s en kantoren inrichten. Met de andere makers, Jakop Ahlbom, Floris van Delft, George & Eran en het Amsterdamse Andalusisch Orkest loopt de afspraak dat ze hier premières uitbrengen. Straks kunnen we spannende samenwerkingsverbanden smeden tussen al onze huisgezelschappen” blikt Fleischmann alvast vooruit.

Het is al met al een rijk palet. Maar nog is dat alles niet genoeg. Fleischmann zegt aanbod te missen dat de huidige samenleving weerspiegelt. “We kiezen er daarom voor om zelf voorstellingen te gaan ontwikkelen. We willen die verhalen vertellen die verteld móeten worden. En als die er in het theater nog niet zijn, dan máken we ze.”

Gemêleerd
Theater de Meervaart staat daarmee garant voor een erg gemêleerde toeloop. Aan de ene kant weten wijkbewoners van Osdorp inmiddels blindelings de weg naar de Meervaart te vinden, anderzijds is er groeiende belangstelling en aandacht vanuit de binnenste ring van Amsterdam, merkt Fleischmann. “Dat is mooi.” In de komende jaren staat er overigens nog veel op stapel. “Ons huis krijgt een facelift, inpandig worden studio’s en kantoren gerealiseerd voor ICKamsterdam, en aan de zijde van het nu nog wat saaie pleintje achter ons theater verrijst een food court, als onderdeel van het aanpalende winkelcentrum. Die upgrade zorgt voor meer bedrijvigheid en verlevendigt dan weer de directe omgeving van het theater. Hopelijk zorgt die wisselwerking straks dan weer voor meer bezoekers.”

Uiteindelijk steekt alles wat je doet als een kaartenhuis in elkaar. Fleischmann: “Het een kan niet zonder het ander. Ongeacht het publiek dat je over de vloer hebt, je moet de dynamiek ervan begrijpen. Daar begint alles mee. Daarom willen we nog meer dan nu al een cultuurhuis zijn, een huiskamer die voor iedereen altijd vrijelijk open staat.”

Even voorstellen: ICKamsterdam
“In de samenwerking met Theater de Meervaart, waar we vanaf 2017 een van de huisgezelschappen zijn, hebben we een unieke basis gevonden, een ‘thuis’ voor onze voorstellingen en projecten” zegt Pieter C. Scholten. Hij is met Emio Greco de artistieke kern van het Internationaal Choreografisch Centrum Amsterdam. “Straks houden we in de Meervaart kantoor en hebben we daar onze studio’s. We zijn blij dat we vanuit deze vaste stek aan onze toekomst kunnen werken.”

ICKamsterdam is veel meer dan een dansgroep alleen. “Naast voorstellingen organiseren we workshops, dansateliers, danslessen en uiteenlopende educatieprojecten.” Als stadsgezelschap van Amsterdam is ICKamsterdam verantwoordelijk voor verbindingen met het dansveld in de stad maar ook voor samenwerkingsprojecten buiten de dans, en onder meer voor talentontwikkeling. “Dat doen we sinds 2009. We kijken dus een straatje verder dan alleen dans. Kijk bijvoorbeeld naar de samenwerking met Jakop Ahlbom, zoals in Swan Lake. Doordat Emio en ik samen ook de artistieke leiding voeren van het Ballet National de Marseille – met dertig dansers een groot klassiek gezelschap in Frankrijk – kunnen we allerlei mooie uitwisselingsprojecten gaan opzetten.” En: “Premières hier worden dáár ook uitgebracht en vice versa. Een van de plannen is een festival met Nederlandse kunstenaars in Marseille, en in Amsterdam met Franse kunstenaars.”

Scholten: “De Meervaart is uitgegroeid tot een bijzondere plek in een markante Amsterdamse wijk. We willen er graag een talentenhuis bouwen, en een vast theaterpubliek trekken dat onze ontwikkelingen volgt. Samen met Meervaart-directeur Andreas Fleischmann kan dat lukken, hij heeft bewezen bereid te zijn om zo nodig de boel helemaal om te gooien en het avontuur aan te durven. De goede reputatie van Theater de Meervaart is daarbij zeer behulpzaam.”

 

Morgenrood tot ontwaken gebracht

Bral schrijft volksopera De Vloek op Scheveningen

Na het eclatante succes vorig jaar van de vissersopera Harde Handen wisten ze daar bij het Zuiderstrandtheater al snel: dit móet een vervolg krijgen.

En ziedaar, dat is er nu met De Vloek op Scheveningen. Op tekst van de meespelende (en zingende!) Sjaak Bral worden de hoofdrollen in deze Nederlandstalige ‘volksopera’ vertolkt door cracks Ernst Daniel Smid en Miranda van Kralingen.

‘Ha ha ha’, geeft regisseur Kees Scholten solo ten beste. Wat besmuikt en vooral voor de vorm bootst hij het massief klinkende gezang van een 140-koppig Schevenings zangkoor na ten overstaan van de zes aanwezige spelers/zangers. Om even later opeens de nuance te zoeken. ‘So-li-da-ri-téit,’ zo legt hij de gewenste nadruk uit aan operaster Miranda van Kralingen (Sien). ‘Als de muziek daarna inzet,’ verduidelijkt hij, ‘kijk je strak en innerlijk verstild voor je uit, en loop je veelbetekenend weg van je echtgenoot, richting zaal, naar het publiek. Laat die Arie Vrolijk (Smid) het maar goed voelen.’

Het moet die middag tijdens de repetitie een paar keer bijna à la ‘De Vloer Op’ over, maar dan zit de scène ook werkelijk gebeiteld. Voorlopig tenminste, want het tienkoppige ensemble van het Residentie Orkest sluit tijdens deze repetitie pas later in de avond aan, de spelertjes van Theaterschool Rabarber zijn er ook nog niet bij, en evenmin de leden van Theaterkoor Dario Fo. Ook het speciaal voor deze eenmalige productie uit loepzuivere Scheveningers gerekruteerde zangkoor is nu niet bij. In een eerder stadium is er al wel met alle partijen gerepeteerd.

Errepels & herring
De theatervertelling van Bral is een muzikaal verhaal over verleden, heden en toekomst van de Scheveningse haven. Die speelt zich af in het Zuiderstrandtheater, op vrijwel letterlijk het grondgebied dat vroeger ‘De Sleep’ toebehoorde, waar tot 1979 de Sleephelling Maatschappij Scheveningen was gevestigd. Nagenoeg iedere Scheveninger was er werkzaam (geweest) of kende iemand die er had gewerkt. Na het faillissement in 1979 werd nog geprobeerd een doorstart te maken, maar uiteindelijk werd het werfterrein in 2005 door een projectontwikkelaar opgekocht. Er verrezen luxe appartementen.

De repetities voor ‘De Vloek van Scheveningen’ vinden voor een belangrijk deel in de studio plaats van de ‘blauwe doos’, volumebouw die als tijdelijk onderkomen dient voor Zuiderstrandtheater en Residentie Orkest. Daar moet ondertussen de verbeelding even flink aan de bak: schel TL-licht, nul rekwisieten, en van het decorbeeld dat straks de productie omlijst valt niets te bespeuren dan zwarte achterdoeken. Verder enkel een zwarte Schimmel-piano, een lage tafel waarop het script opengevouwen ligt, en een rij stoelen die de coulissen voorstellen. Toch zijn in de kale omgeving al wel enkele brok-in-de-keel-momentjes te beleven. Het moment bijvoorbeeld dat Bral – onder meer verteller, oliemannetje én Sleepdirecteur Piet Duindam – een tas met shirts in de handen stopt van Vrolijk. Die vol verbijstering achterblijft. Maar ook humoristische: ‘Errepels op het vuur / Herring in ‘t zuur / en de zon op je bol / wat wul je mèr’, zo zingen de vrouwen in het lied ‘Eiland Vlook’. Het is geënt op Mascagni’s ‘Cavalleria Rusticana’. De volksopera is gebouwd rond enkele bewerkingen van bekende operahits, onder meer van Bizet en Verdi, en musicaltoppers (‘Sweeney Todd’ en ‘Fiddler on the roof’), maar ook huiscomponist van muziektheatercollectief Volksoperhuis Jef Hofmeister heeft enkele composities geschreven.

Kwal
Bral heeft met De Vloek op Scheveningen op het eerste oor een mooi werkje afgeleverd, met in de drie bedrijven veel aandacht voor noeste arbeidersstrijd, werkmansverzet en opkomende projectontwikkelaarsbelangen. Zinderend wonen aan Zee, luidt de slagzin waarmee groot-geld-jongens-van-nu het grondgebied dat pal voor de neus van het Zuiderstrandtheater ligt, oppimpen met – opnieuw – eentonige woningbouw. ‘De Scheveningers hebben het allemaal zelf uit handen laten vallen,’ ventileert Bral. Die opvatting krijgt bij hem vooral gestalte in Sien, de vrouw van Arie. ‘In de spreuk onder het wapen van Scheveningen staat ‘standvastigheid en volharding,’ laat hij haar vertolkster Miranda van Kralingen in deze volksopera strijdbaar uitspreken. ‘Arie, jij hebt de ruggengraat van een kwal’.

Het wachten is nog even op de windmolenparken die er straks aan de einder van de zee dobberen, en een nagenoeg volgebouwde kuststrook. Tenzij…  Ja, tenzij wat eigenlijk?

De Vloek van Scheveningen. Met medewerking van Kwekers in de Kunst, Residentie Orkest, Theaterschool Rabarber en vele Scheveningers. Te zien van donderdag 8 tot en met woensdag 14 september in het Zuiderstrandtheater. Tickets: (070) 88 00 333 of via zuiderstrandtheater.nl.

 

‘Ze hebben het zelf toegestaan’

Sjaak Bral schrijft nieuwe episode van ‘vissersopera’

Het was een ‘sociaal-culturele vrijplaats’. Nu staat er ongenaakbaar het Zuiderstrandtheater. Hagenees Sjaak Bral doet de geschiedenis van de meer dan Scheveningse thuishaven uit de doeken in een muziektheatraal spektakel.

Met de onnavolgbare Loes Luca in een glansrol was Harde Handen vorig jaar een gouden greep. En daarom doet het Zuiderstrandtheater meteen maar een poging een traditie te vestigen door opnieuw met een eigen muzikale show als seizoensopener af te trappen: De Vloek op Scheveningen. Met wederom een sterk lokaal gekleurde teint en dit keer Hagenaar/Hagenees Sjaak Bral die de tekst schrijft.

Een woonwijkje van vissers en strandjutters. Bij elkaar niet meer dan 126 arbeiderswoninkjes. Vijf luttele straatjes met één kruidenier en een half-illegaal cafeetje: De Vlook. Een oud-Hollandse benaming voor ‘gewelfd’. Door Scheveningers werd De Vlook gezien als een volstrekt eigen gebiedsdeel, door Hagenaars als duivelseiland. De bescheiden omvang ten spijt – misschien juist daardoor – is het grondgebiedje voor authentieke dorpsbewoners niettemin een uiterst elementair deeltje. Historische, nee, zelfs legendarische grond waar ooit de stoomfluit het ritme bepaalde. ‘Het eiland Vloek’ werd het genoemd, omringd door de zee, haven, sluizen en duinen. Vele Scheveningers werkten er op de sleephelling. De saamhorigheid was er al groot toen de storm van 1894 opeens alles platwalste. Toch werd dit wijkje eind jaren zestig opgedoekt, het moest wijken voor het grote geld van projectontwikkelaars. En dus werd de grond voor een symbolisch bedrag van 1 gulden verkocht. Norfolk en een derde haven verrezen, waarmee het grote geld moest worden binnengehengeld. Op het stukje dat braak bleef liggen, begonnen de krakers van De Blauwe Aanslag uit Den Haag er een nieuw bolwerk, de uitspanning De Vloek.

Het navrante is dat dit uitgerekend de plek is waar nu ‘De Oester’ staat, alias het Zuiderstrandtheater, een betonnen bouwdoos die van buiten stormwind, hagelregen en koperen ploert weerstaat, maar binnenin veler harten doet kloppen. Veel kinderen hebben indertijd dáär op die plek hun gouden jeugdjaren doorgebracht . Maar zagen hun stekkie langzaam maar zeker verzinken.

Zestig
“Ik kan wel zestig verhalen schrijven over De Vloek,” zegt Sjaak Bral, “vertellingen die zonder uitzondering stekelig Shakespeareaans zijn. Ik wil er daar drie van vertellen: over het verleden, het heden en de toekomst. De Vloek van Scheveningen begint bij de sleephelling, en ik laat vervolgens zien hoe Scheveningen rond de jaren zeventig in zak en as belandden. Als toekomstbeeld laat ik iemand de eerste paal slaan. Waarvan? Dat is de vraag. Het stuk krijgt zo hopelijk de lach én wrang geladen toets van een Wachten op Godot.”

Bral lardeert als volleerd cabaretier de muzikale theatervoorstelling met laagjes humor, net als hij dat deed in zijn veelgeprezen stuk over Blonde Dolly. “Maar nooit eerder heb ik een stuk in deze omvang gemaakt: naast de theatermakers van Kwekers in de Kunst en een ensemble van het Residentie Orkest zijn ook de zangers van het Volksoperahuis erbij, en ook 120 Scheveningers. Zij vormen tezamen een gelegenheidskoor. Met de tekst ben ik vier maanden zoet geweest, want het gaat niet alleen om gesproken woord, maar ook om liedteksten, op muziek die soms wat ingewikkeld is. Zie het als een legpuzzel. En daarbij moet ik ook veel schaken. Het haalt me enorm uit mijn comfort zone. En dat is prima.”

Manifest
De sprongen in de tijd die in het verhaal worden gemaakt, worden aaneengesmeed door een verteller. Wellicht Bral zelf? “Ga er maar vanuit dat ik het doe.” Dat wordt dan een sterrencast, want naast Bral zelve treden in de hoofdrollen onder meer concertzangers Ernst Daniel Smid (bariton) en Miranda van Kralingen (sopraan) aan.

Een manifest met een knipoog, zo omschrijft Bral zijn bedoeling met De Vloek op Scheveningen. “Ik wil bewustwording kweken. De Scheveningers hebben het potverdorie allemaal wel geweldig uit hun handen laten glippen zeg. Het is ze overkomen omdát ze het toegestaan hebben. Maar het hoeft zo dus niet toe te gaan. Je bent er zelf bij!”

De Vloek op Scheveningen is van donderdag 8 tot en met woensdag 14 september 2016 te zien in het Zuiderstrandtheater. Meer informatie: zuiderstrandtheater.nl.