Júúlius, binnenspelen!

Theater in de openlucht: Julius Caesar

Hoe prop je een buitenluchtspektakel in het dwingende kader van de toneellijst? En hoe plaats je een politiek steekspel uit het jaar nul over naar de theaterzaal anno 21e eeuw? De achterkant van het theaterbedrijf met Orkater’s Julius Caesar. Wat als je een heel loofbomenbos het toneel in moet loodsen?

Wat is de zoetste dood, zo werd hem tijdens een diner onder vrienden gevraagd. Zijn antwoord: De dood die zonder waarschuwing komt. Orkater laat met Julius Caesar muziek, taal en beeld samensmelten tot een voorstelling die haarfijn blootlegt hoe kleine mensen in staat zijn tot onvermoede daden. Met onafzienbare gevolgen.

Het Amsterdamse Bos meet 935 Wiki-hectares en is in de zomermaanden al ruim 25 achtereenvolgende jaren het decor voor een theaterfeest. Het openluchttheater aan de zuidwestrand van Amsterdam geurt naar vers geknipt grasland en fris regengeklater na niet eens zo’n warme zomerdag.

Verscholen achter een ruime blokhut en zomerzwanger loofbomengebladerte plus het nodige aan struikgewas, glimt daar het openluchttheater. Het Bostheater, groot gemaakt door de in 2014 teruggetreden artistiek leider Frances Sanders. Dit en de komende drie jaar geeft de programmering een samenwerking weer van Stadsschouwburg Amsterdam en het Bostheater.

Beide kunstinstellingen hebben gekozen voor vaste bespelers van de stadsschouwburg: dit jaar Orkater; in de komende jaren het Noord Nederlands Toneel, De Warme Winkel en Toneelgroep Oostpool. Orkater bijt het spits af met Shakespeare’s Julius Caesar In een regie van Michiel de Regt.

Poncho
Bij aankomst in het Bostheater, geruime tijd vóór aanvang voorstelling, is er alwéér een plensbui te verstouwen. Poncho-time. Bezoekers beschermen hun meegenomen voluptueus volgestouwde picknickmanden met plastic hoezen, schroefdoppen worden haastig op wijnfleshalzen teruggedraaid.

Zodra het dan weer droog geworden is, krijgen de nog weinige bezoekers een choreografie opgediend door bekwame technici die met droogtrekkers de speelvloer (zwarte vloerpanelen, een viertal witte loopbanen dat elkaar kruist rond een centraal opgestelde vierkantige, witte verhoging) van het kleurloze levenselixer bevrijden.

Kan niet anders of dat alles is verwoestend voor de staat van het toneelbeeld, dat bestaat uit een oversized witte voet, idem hand, en twee ‘eilanden’ met tarpen erboven. ‘Inwerking van zonuren, temperatuurverschillen tussen dag en nacht en vele regenbuien hebben ons de afgelopen tweeënhalve maand geteisterd,’zegt Steven Raapis Dingman, Orkater’s eerste inspiciënt, over de toneelschikking, ‘zozeer dat het nog maar de vraag is wat we er straks op tournee van kunnen inzetten.’

Backstage
Ondertussen prepareert Patrick Votrian van koperkwintet K.O. Brass! in een van de twee backstage opgestelde portocabins zijn tuba (‘zeg maar sousafoon’) met kwaliteitsventielvet, blaast Randall Heye met verve leven in zijn trompet. En dan komt daar Charlie-Chan Dagelet aangelopen. Zij speelt intrigant Cassius en Portia, echtgenote van Brutus, een interessante dubbelrol. ‘Inderdaad, een man én een vrouw in mij verenigd. Leuk toch? In de tijd van Shakespeare werden alle rollen allen door mannen gespeeld. Maar hier zijn het vrouwen van vlees en bloed.’

Ze beschouwt het Amsterdamse Bos bijna als een sprookjesbos. ‘Het is geweldig om hier te spelen, de sfeer, de mensen, het team, het stuk. Maar het is niet eenvoudig spelen. De personages staan vaak ver uit elkaar op de vloer. De locatie is wel erg weids en het publiek zit veraf en wijd uiteen. Dat maakt het lastig om te focussen. Want op wie richt je je?’

Bloedfontein
De zittribunes – onoverdekte houten plankieren, maar zitkussens zijn gratis voorradig – lopen ondertussen aardig vol. Plots: boem, paukenslag. Weer onweer? Neen, live muziek! Caesar stormt de vloer op: ‘Calpurnia, Calpurnia!’

Verderop in het stuk legt Caesars echtgenote hem uit dat de sterren niet gunstig staan voor een vertrek naar de senaat. Enkele scènes daarna komt het volbloed drama rond staatsman en veldheer Julius Caesar en samenzweerders Cassius en Brutus met de moord op de titelfiguur tot een hoogtepunt, hier onder meer culminerend in een beeldbepalende spuitende bloedfontein.

Weids
Het enorme speelvlak van het openluchttheater creëert een bijna onuitputtelijke scala aan mogelijkheden voor spectaculair openluchttheater. De gehele speelvloer als ook de omlijstende randen (het bos!) worden daarbij gretig bespeeld. Het speelvlak van het amfitheater meet 28 bij 30 meter.

‘In ons geval 28 bij 40 meter,’ corrigeert regisseur Michiel de Regt, als ik hem later door de telefoon spreek. “Want de catwalk die de tribunes in loopt, die nemen we ook mee op tournee.’Hij bevestigt de staat waarin de decorelementen in het bos verkeren. ‘We gaan de basiselementen nabouwen. De spullen hebben veel te lijden gehad, zijn opgebruikt.’

Maar ook wijkt de maatvoering van het Bostheater erg af van het beschikbare ruimtebestek in de theaterzalen. ‘We moeten voor het toneelbeeld een nieuwe balans zien te vinden. De manshoge hand en voet moeten wellicht kleiner, en tarpen zijn in de theaterzaal niet nodig. Ook moeten de posities voor opkomsten en afgangen opnieuw bepaald worden. Daardoor verandert de timing voor veel spelers.’

In feite verandert de gehele mise-en-scène. ‘We kunnen sowieso de weidsheid van bomen en bos natuurlijk niet op onze reis in een truck door Nederland meenemen,’ bevestigt De Regt met gevoel voor understatement. ‘Een weidse zee van wel tien meter ruimte tussen twee personages die een dialoog voeren, dat kan straks echt niet. Die ruimte is er in de zaal niet. Ook denken we nog na over de fontein. Het bassin past niet in alle theaterzalen.’

De akoestische balans wijzigt eveneens. ‘In de buitenruimte is geluidsversterking nodig, voor de muziek maar ook voor de stemmen van de spelers. De vraag is of dat met koperblazers ook nodig is in de zaal.’ Daarenboven zijn speltechnisch veel verschillen, en niet alleen stemtechnisch van aard: ‘Van het grote gebaar naar meer ingetogen spel, met meer ruimte voor nuances.’

Gender
Zo wordt Julius Caesar voor een belangrijk deel een andere voorstelling. Het komt er op neer dat een geheel nieuwe regie wordt bepaald voor de tourneeversie. ‘En dan in een enkele montageweek inclusief de repetities’, legt De Regt uit. Daarenboven worden de rollen van Charlie-Chan straks ingenomen door vast Lars Doberman-lid Reinout Scholten van Aschat. ‘Hij werd op het laatste moment gecast voor een Italiaanse speelfilm en besloot die te gaan draaien. Toen is Charlie-Chan voor Reinout in de plaats gekomen. Zij doet in het najaar echter weer mee met een andere productie, Reinout is dan klaar met de film en gaat alsnog de rollen van Cassius en Portia spelen.’

Hoe hij dat gaat aanpakken? ‘Reinout zal de video-opnamen gaan bestuderen. Er is al een rijke voedingsbodem voor hem klaargelegd natuurlijk, net als voor ieder van de cast trouwens. In grote lijnen kan hij dus voortborduren op wat Charlie-Chan op de mat heeft gelegd.’

Maar, zegt hij, ‘uiteraard en onvermijdelijk zal hij zijn eigen invulling aan de rollen geven.’ ‘Grappig hè’, reageert Dagelet. ‘Net als ik speelt Reinout straks een man én een vrouw. Ik ben benieuwd hoe die rollen en het stuk er dan uitzien.’

Een geselende zon, striemende regen en rukwinden, die zijn er straks niet. En geen overvliegende Jumbo jets. ‘Al vond ik de weersomstandigheden zelden van negatieve aard,’ zegt De Regt.’ De regen leverde ook vaak mooi beelden op. Maar die vliegtuigen zal ik niet heel erg missen.’

kader:
Caesar
Gaius Julius Caesar veroverde als gouverneur van Gallië het merendeel van Frankrijk, België en Engeland. In 49 ontketende hij een burgeroorlog door met zijn leger de Italiaanse grensrivier de Rubico over te steken (‘de teerling is geworpen’).

Na de overwinning op zijn rivaal Pompeius en een korte veldtocht in Klein-Azië (‘Ik kwam, ik zag, ik overwon’) werd hij dictator voor het leven. Op de Idus (15e dag) van maart 44 werd hij door bezorgde republikeinen onder leiding van zijn vriend Brutus ( ‘Ook gij, Brutus?’) vermoord. Een nieuwe burgeroorlog is het gevolg.

Shakespeare
Shakespeares politieke thriller en psychologisch drama diende onder meer als leerstof voor zijn treurspel Hamlet. Volgens Shakespeare-kenners weerspiegelt het de toenmalige algemeen gevoelde ongerustheid in Engeland over de troonopvolging.

Als voornaamste bron voor Julius Caesar maakte Shakespeare waarschijnlijk gebruik van de in 1579 verschenen Engelse vertaling van Plutarchus Bioi paralleloi (“Parallelle Levens”) (1e eeuw), een serie biografieën van beroemde Grieken en Romeinen wier morele deugden en waarden hij prees.

kader:
De Regt
Regisseur Michiel de Regt (1980) ontving in 2007 de Ton Lutz Prijs voor beste regiedebuut (Pontiac Hotel). Van 2009 tot 2016 was hij als vaste maker verbonden aan Toneelschuur Producties: Antigone, Wreed en Teder en Wachten op de Barbaren. Bij Orkater regisseerde De Regt naast 237 redenen voor seks en Lutine ook de grotezaalproducties Op de Bodem en Distel.

De Regt is veelzijdig: hij regisseert op uiteenlopende plekken (theaterzaal, Oerol, Lowlands, Boulevard), speelde in enkele producties, zette stappen als choreograaf en hij schrijft, bewerkt en vertaalt toneelteksten. Ook was hij actief als speldocent.

Advertenties

Wat te zeggen als het einde in zicht is?

Het Zuidelijk Toneel en A Two Dogs Company: Conversations (at the end of the World)

Kris Verdonck behoort tot de top van internationaal opererende theatermakers. Hij integreert theater, video, beeldende kunst tot een performance. Met Conversations (at the end of the world) neemt hij, opnieuw, werk van Daniil Charms ter hand. Een vraaggesprek.

Kunt u mij een beschrijving geven van wat u ziet op de foto bij de voorstelling?
‘Ik zie een huis op een berg in een woestijnachtig landschap. Een huis in wankel evenwicht, op het punt van neerstorten. Een angstaanjagend beeld wat mij betreft. Het is een foto uit een land in Zuid-Amerika. Op die plaats lagen vroeger sneeuw en ijs metershoog. Als je de foto goed bekijkt zie je de kabel van de skilift.?!’

Jazeker! Maar wat zegt die majestueuze foto over de voorstelling die u gaat maken?
‘Onze wereld vult zich steeds meer met situaties die een mogelijk einde afkondigen: oorlogen, smeulende conflicten, geopolitieke spanningen. Er is terreur met wortels in fenomenen waar we als samenleving maar geen antwoord op lijken te vinden. Er gaat uitbuiting en agressie uit van een economisch systeem waarvan we niet weten hoe het te bestrijden is. In Conversations (at the end of the world) zien we hoe vijf figuren omgaan met het moment dat de ondergang zich laat aankondigen.’

Het werk van de Russische absurdist Charms is opnieuw uw inspiratiebron?
‘Het is inderdaad begonnen bij Daniil Charms en de avant-gardistische groep rond hem: de Oeberioeten, intellectuelen die ondergrondse salons hielden in het Rusland van tussen de beide wereldoorlogen. Vrijwel allemaal zijn ze omgebracht of omgekomen onder het Stalinistische bewind. Charms stierf, uitgehongerd, in een tehuis voor gestoorden. Uit een nieuwe publicatie van dialogen tussen Oeberioeten komt het beeld naar voren dat ze toch kunst maakten, terwijl ze donders goed wisten dat voor ieder van hen het einde der tijden nakende was. Niettemin was hun kijk op het leven, neergelegd in de genoemde dialogen, er een die in vrolijke, zoetzure dialogen was gesteld. Gitzwarte humor. En dat in een interessant tijdsgewricht met de industrialisering die in alle uithoeken begint door te dringen, en de wereld de drempel over gaat naar globalisering van economie en cultuur. Daar zitten we met z’n allen nu nog in.’

Wat zien we straks op het podium van al die gedachten rond uw voorstelling terug?
‘Je ziet vier acteurs: José Kuijpers, Jan Steen, Johan Leysen en Jeroen Van der Ven. Gaandeweg raken de acteurs onder 160 kubieke meter zwarte sneeuw bedolven, levend begraven, maar spreken nog. Een sprekend landschap. Hun eigen einde der tijden. Apocalyptisch. Wat zullen hun laatste woorden zijn? Weet u, zeventig procent van de mensen sterft in serene stilte. Hollywood maakt ons wijs dat de dood een veldslag van wapengekletter is. De vermaarde Italiaanse concertpianist Marino Formenti zorgt voor muzikale begeleiding. En in de voorstelling zijn getuigenissen van inwoners van Aleppo verwerkt.’

U beroept zich op ongepubliceerde dialogen van de Oeberioeten. Hoe komt u er aan?
‘Ik ken de vertaler van Charms’ werk van de tijd dat ik H, an Incident maakte. Daarin voerde ik naast acteurs een robotorkest op. Ik ben bekend met enkele van de dialogen uit een voorpublicatie die hij mij ter hand heeft gesteld.’

Uw werk sterkt zich uit van performance en bewegende beeldende kunst tot (muziek)theater. Is het lijsttoneel de juiste habitat voor uw werk?
‘Ik hou van het theaterframe. Daar ontstaat betekenis, daar krijgt de tijd die gezamenlijk doorstaan wordt een bepaalde lading. Het theater biedt de mogelijkheid op gedeelde belevenissen tussen mensen.’

kader
Paspoort Kris Verdonck
Kris Verdonck beweegt zich tussen beeldende kunst, architectuur en theater, tussen installatie en performance, en tussen dans en architectuur. Het werk van Kris Verdonck doet pogingen het onzegbare te zeggen, het kruipt onder je huid, het vraagt iets van je en het laat nooit onberoerd.

Verdonck presenteert vaak combinaties van installaties en performances, die hij ‘parcoursvoorstellingen’ noemt. Bekende parcours zijn VARIATIES en ACTOR #1.
In Nederland werkte Verdonck onder meer samen met ICK Amsterdam, het dansplatform van Emio Greco en Pieter C. Scholten, in I/II/III/IIII. A Two Dogs Company is het vaste voertuig van Verdonk. Hij werkt voor het eerst samen met Het Zuidelijk Toneel.

kader
Charms (1905-1942)
Daniil Charms wordt beschouwd als een van Ruslands grootste absurdistische schrijvers en dichters. Zijn naam past in het rijtje van Gogol, Dostojevski en Tsjechov – maar misschien nog meer in dat van Ionesco, Beckett en Van Ostaijen. Als auteur kwam hij met kinderversjes aan de kost. Zijn grote kracht ligt in het beeld dat hij geeft in de ongerijmdheid van het leven en in de grillige spelingen van het lot. Hij doet dat door vaak een lege wereld te schetsen waarin geweld en verlies van identiteit overheersen.

Charms werd in 1941 gearresteerd en kwam in gevangenschap om. Tijdens zijn leven werd nauwelijks werk van hem gepubliceerd. Na Charms’ dood vond zijn vriend Jakov Droeskin manuscripten in het huis van Charms. Daardoor is veel ervan voor de wereld bewaard gebleven.

In de jaren tachtig werd hij ook in Nederland beroemd met het werk Elizaveta Bam. Charms veroverde de wereld na de ‘glasnost’ van eind jaren tachtig. Inmiddels zijn er vele films en toneelstukken gewijd aan zijn werk.

Het Zuidelijk Toneel / A Two Dogs Company: Conversations (at the end of the World). Première: dinsdag 19 september 2017, Theaters Tilburg Tournee door Nederland en België.

Appelloods wordt theaterbroedplaats

De voormalige,Appelloods aan de Laan van poot wordt een broedplaats en presentatieplek voor theater. De theatermakers van Label Dégradé krijgen voor wat ‘De Verbeelding’ gaat heten, een ‘eenmalige waarderingssubsidie’ van 10.000 euro van de gemeente om hun ambities met de loods gestalte te geven. Dat zei wethouder voor cultuur Joris Wijsmuller (HSP) in het radioprogramma Kunstlicht op Den Haag FM.

Het pand diende voorheen als repetitieruimte en decoropslagplaats voor de inmiddels opgeheven Toneelgroep De Appel en Alba Theaterhuis. “De gemeente is eigenaar van de loods en wil deze beschikbaar houden als ontwikkel- en repetitieplek voor culturele initiatieven,” aldus Wijsmuller.

“De ambities van Dégradé reiken verder dan alleen zelf produceren, het label wil ook ruimte bieden aan jonge makers,” zegt Wijsmuller. Volgens hem is Label Dégradé één van de initiatieven die heeft aangegeven de loods te willen gebruiken als ontwikkel- en repetitieplek. In de toekomst zijn ook andere initiatiefnemers welkom met incidentele presentaties door derden. Voor haar eigen producties zal Dégradé een beroep moeten blijven doen op projectsubsidies, zo stelt de gemeente.

Kwartiermaker David Geysen van Dégradé was tot 1 januari vast verbonden aan Toneelgroep De Appel. Hij lanceerde vorig jaar een plan voor het voortbestaan van de toneelgroep, dat het echter niet haalde in de gemeenteraad. Label Dégradé brengt vrijdag in Korzo theater de première uit van haar nieuwe voorstelling België, waarvoor het in de Appelloods repeteerde. In het andere deel van de loods is momenteel de voorstelling De Dansende Madonna van Het Vijfde Bedrijf te zien.

De ontwikkeling tot theaterbroedplaats is te meer opmerkelijk daar Het Nationale Theater (HNT) officieel de taak heeft jonge theatermakers een kans te geven. Met Zaal 3 aan het De Constant Rebecqueplein heeft een plek in handen voor talentontwikkeling op het gebied van theater. “Dat is ook prima. Hoe meer bloemen bloeien, hoe beter,” reageert Wijsmuller.

De loods is en was eerder ook in gebruik bij Theaterschool Rabarber. “Binnenkort wordt met Rabarber besproken of zij hun rol van huurder willen voortzetten voor de komende twee jaar,” aldus Wijsmuller.

Een leven tussen seffens en amai

Een hallucinerende roadtrip tussen hoop en vrees door België

Denkend aan Holland zie ik brede rivieren traag door oneindig laagland gaan. Marsmans beroemde dichtregel werd in 2010 door David Geysen gebruikt in zijn voorstelling ‘Water’. En denkend aan België dan? Het oneindige heuvelland van de Ardennen wellicht? Pajottenland? Trappistenbier? “Persoonlijk gaat België voor mij vooral over eten”zegt David Geysen. “Garnalenkroketten, mosselen, waterzooi. Maar ook over Dutroux, Zaventem en  Molenbeek.”

Theatermakers David Geysen en Carl Beukman, de initiatiefnemers van label Dégradé, voegen aan hun landenreeks nu onze zuiderbuur toe. Saillant, want Geysen is ‘uit de Vlaamse klei getrokken’ maar woont en werkt al sinds jaar en dag in Nederland, tot voor kort bij Toneelgroep De Appel.

Het tweetal legde eerder de theatrale loep over de Verenigde Staten en Rusland.
In de woorden van Geysen is België ‘een land dichtbij en toch onbekend’. Volgens hem ‘een land van cowboys en indianen’. “Een land waar niks mag, maar alles kan. En van Walen en Vlamingen.”

Dégradé toont België aan ons door de denkbeeldige ogen van Louis Seynaeve. Het autobiografisch getinte joch uit Hugo Claus’ epos ‘Het verdriet van België’ doet bij Geysen dienst als talisman. “De bijbel in België”, zo motiveert Geysen zijn keuze voor Claus’ magnum opus, “dat bij iedereen op de boekenplank ligt- maar niemand die het gelezen heeft. Zelfs in België niet.” Claus, Amsterdamse Belg dan wel Belgische Amsterdammer, en meest bekroonde auteur uit het Nederlandse taalgebied, beschrijft in de roman zijn jeugd in de oorlogsjaren.

Als slotzin werpt hij een vage blik in de toekomst door te eindigen met een suggestieve vraag : ‘We gaan zien, we gaan zien, toch?’ In de voorstelling maken we daarom mee hoe het Louis in zijn verdere leven vergaan is . Het oprijzende pessimistische toekomst- en wereldbeeld telt gaandeweg de voorstelling hoopgevend terug. En draait bij Dégradé uit op een surrealistisch circus. “Belgen zijn de uitvinders van het genre”, volgens Geysen, daarbij verwijzend naar, bijvoorbeeld, de beeldende kunst van René Magritte.

Wat zij als theatermaker met ‘België’ willen bereiken? “We maken graag extreem beeldend geluidstheater waarin je de vrijheid vindt om je er volledig in onder te kunnen dompelen. We voelen ons als het ware architecten van theatrale dromen, die soms ontaarden in boze dromen. En van belang voor mij is de drie-eenheid België, Europa en Seynaeve belangrijk.”

Is er leven op Pluto? zong Het Goede Doel zich in 1982 vragenderwijs af, onderwijl Nederland ontvluchtend. België was volgens Henk Westbroek en consorten een welkome optie, ‘want dat taaltje is zo zacht.’ Inmiddels zijn de Belgen ons op velerlei fronten voorbijgestreefd.

Alhoewel: Belgen? ‘Er zijn geen Belgen, sire. Alleen Walen en Vlamingen.’ Aldus luidden de gevleugelde licht-ironische woorden van Jules Destrée, Belgisch politicus van de Belgische Werkliedenpartij. “Dat Molenbeek het centrum is van aanslagen die in Parijs plaatsvonden, ook dat is België. En voor mij zijn de Walen nog altijd de belichaming van de vijand.”

Dégradé: België. Op donderdag 21 en vrijdag 22 september 2017 in Korzo; donderdag 14 en vrijdag 15 december 2017 in Zaal 3.

Scherp als de hel, grappig én geil

De Zaak Carmen, dansspektakel met live muziek

Een dansthriller, losjes gedocumenteerd op de bekendste opera aller tijden. Al begint Lonneke van Leths creatie pas waar de tragische klassieker ophoudt.

Carmen. Beproeft graag de ultieme zintuiglijke vrijheid, onderzoekt met plezier de contouren die gebonden zijn aan verliefdheid, van pure lust tot bindingsangst. Voor veruit de meeste mannen staat ze bij uitstek symbool voor de vleesgeworden, eeuwige uitnodiging, scherp als de hel, grappig én geil. Wat zou wie dan ook weerhouden met háár in zee te gaan? Misschien dit: ze is de belichaming van de perfecte ‘femme fatale’. Carmen. Iconisch. Bizets gelijknamige ‘opera comique’ over het vrijzinnige zigeunermeisje dat mannen graag gijzelt in haar tentakels staat model voor ‘De Zaak Carmen’. Die begint, letterlijk en figuurlijk, waar de opera in 1875 eindigde: op het moment dat de passionele moord door soldaat Don José op haar is gepleegd.

Op de plaats delict raakt een profspeurneus tijdens zijn naspeuringen ogenblikkelijk gehypnotiseerd door haar glinsterende ogen, ook al is ze levenloos,” vertelt Lonneke van Leth enthousiast over de plot van haar productie. Die mondt uit in een slotbeeld met vijf Carmens die dader Don José omringen, om hem heen tollen, bevangen als hij is van de vampiresse. “Hij ontwaart haar overal en zal altijd in de ban van haar blijven.”

Er lopen nog altijd, misschien wel meer dan ooit, heel wat ‘Carmens’ op deze wereld rond, zo verantwoordt van Leth de keuze voor de aanwas op Bizets origineel. “Het één op één naspelen van deze opera is voor mij geen optie. Dat is, werd en wordt al gedaan, bijvoorbeeld door Het Nationale Ballet.” Van Leth gaat een stap verder: “Bij ons onderzoekt een rechercheur, gespeeld door acteur Juda Goslinga, hoe het zover heeft kunnen komen.”

In het verleden maakte van Leth, bekend van grootschalige spektakels als Het Zwanenmeer, Sylphides Belofte, De Odyssee en Een Romeo & Julia, met name familieprojecten. “Het is voor het eerst dat we een voorstelling maken die bij uitstek voor volwassenen is bedoeld.” Ze gebruikt voor het eerst veel tekst, geschreven door toneelspeler, schrijver en regisseur Martijn de Rijk. “Door het gebruik van tekst zijn we beter in staat de doopceel van Carmen en die van de rechercheur te lichten. Terwijl dans en muziek daarbij een extra dimensie vormen: Dat wat niet met woorden kan worden gezegd.”

Met De Zaak Carmen heeft de Haagse choreografe die sinds kort in Zoetermeer woont, een groot gemonteerde voorstelling op stapel staan. Straks staan 32 dansers op het podium en nemen 11 musici en van het vanuit Den Haag opererende New European Ensemble live in de orkestbak van het Zuiderstrandtheater plaats.

Bizets muziek voor miljoenen, misschien wel de bekendste operaklanken aller tijden, zijn door componist Maxim Shalygin min of meer terzijde geschoven. De Oekraïner, die aan het Koninklijk Conservatorium afstudeerde, maakte voor De Zaak Carmen een compositie die de soms freaky beelden onderstreept – van sinistere nachtmerrie tot broeierige flashbacks en momenten van verliefdheid.

“Ik vind nieuwe muziek gaaf,” legt van Leth uit. “In dit geval illustreren de klanken de grondgedachte van de voorstelling: hoe heeft deze moord kunnen gebeuren?” Het toneelbeeld van Vincent de Kooker is onder meer opgetrokken computerschermen die de achterwand van de dansvloer beslaat en gezamenlijk een grootbeeld kunnen vormen; uit grootformaat prints van archiefkasten die het kantoorgevoel uitdrukken; de lange hals van twee reuzenvogels; en een skelet.

Voor van Leth is De Zaak Carmen naast het voeren van de regie reden om weer eens zelf het podium te bestijgen, nadat ze dat bij de locatieproductie Zwanenmeer in 2012 voor het laatst had gedaan. En dan maar meteen ook in de rol van mannenverslinder Carmen.

“Het is er de tijd voor, want nu kan ik nog voluit dansen, zeg t de inmiddels 41-jarige van Leth. “Dansen is voor mij als een drug, een onbetaalbare trip, al je zintuigen open.” Knipoog: “En met al die mannen dansen is erg leuk.”

Mondriaan
Hierna stort zich figuurlijk op Mondriaan. In juni nog tekende ze voor de openingsperformance in het Gemeentemuseum Den Haag van de expositie ‘De Ontdekking van Mondriaan’. Toen maakte ze een choreografie op Mondriaans doek ‘Compositie IV’. Eind oktober treedt ze opnieuw op  in het Gemeentemuseum. “Deze keer dansen we 6 korte stukken van ieder 4 minuten die zijn geïnspireerd op Mondriaan zelf, zijn werk,en  zijn inspiratiebronnen.”

Lonneke van Leth Producties: ‘De Zaak Carmen’. Van vrijdag 25 tot en met zondag 27 augustus 2017 in het Zuiderstrandtheater. Meer informatie: lonnekevanleth.nl. Telefonisch tickets reserveren: (070) 88 00 333.

Ontgroenen op leven en dood

De Nieuwkomers van Orkater in ‘mindfuck’ Rumspringa

Wie ben je nog als je eigen verleden compleet op losse schroeven komt te staan? iona&rineke maakten samen met rockband Shaking Godspeed een voorstelling rond de ‘rumspringa’. Over vasthouden aan een geloof, zelfs als wat je altijd verteld is niet langer waar kán zijn.

Voor het voorafgaande onderzoek deed het schrijversduo iona&rineke naspeuringen bij onder meer de Scientology kerk en de Vrijmetselaarsbeweging. Maar tijdens hun omzwervingen voor Rumspringa struinden ze, natuurlijk, ook het donkerduistere internet af. Onder het lemma ‘blues’ bleek op Wikipedia een pagina opgetuigd met een reeks aan namen van bands – en bijbehorende hyperlinks.

Een ervan leidde naar Shaking Godspeed. Plots stonden Iona en Rineke oog in oog met heftige, eigenzinnige undergroundrock. ‘We zijn daarna twee avonden samen gaan werken aan muziek en tekst,’ zegt Rineke. De hand van god? In ieder geval een gouden greep. Want de ‘hit’ kwam op het moment dat het tweetal net even daarvoor had ingetekend op een vijftienminutenpitch bij Orkater. Waarmee ze hun voornemen uit 2014 voor een muziektheatervoorstelling rond de ritus van Rumspringa te maken, kracht bij zetten.

Rumspringa komt uit het Duits (‘herumspringen’), soms aangeduid als rumschpringe of rumshpringa. Het is de periode dat orthodox gelovige adolescenten van Amish en Mennonieten rond 16 tot 22 jaar volgens traditie huis en haard de rug toekeren, om het ‘echte leven’ te leren kennen. Het relatief veilige platteland en hun kompas van geijkte normen- en waarden laten ze daarmee los.

De rumspringa kan voor de betrokken jongeren op een reusachtige cultuurschok uitdraaien. Rineke Roosenboom: ‘Het draait om kiezen tussen leven in het genootschap of daarbuiten, in de vrije wereld. Om weloverwogen die keuze te kunnen maken, leven jongeren voor een bepaalde periode in de buitenwereld, zodat ze in volwassenheid kunnen kiezen voor de ene dan wel de andere leefwijze. Maar die ogenschijnlijk vrije keuze is niets meer dan schijnvrijheid. Want hoe kun je na 18 jaar in een gesloten gemeenschap vergelijken met één jaar in de buitenwereld? Hoe doe je dat trouwens, leven in een wereld waar je niemand kent, waar ineens geen regels meer zijn?’

In de voorstelling worstelen de personages met dit vraagstuk. Bovendien komt hun vriendschap onder druk te staan omdat eenieder verschillend reageert op de rumspringa. Geen ongevaarlijke bezigheid, voor adolescenten die de ‘rumspringa’ doorlopen hangt er nogal wat af. ‘Bedenk dat als hun ‘rite de passage’ niet juist of niet met goed gevolg wordt afgelegd, de beschermende veiligheid van de cocon verdwijnt. Het lid loopt dan de kans voor altijd uit de geloofsgemeenschap verstoten te worden. Keihard en nietsontziend,’ zo legt Roosenboom uit.

Vals
In de muziektheatervoorstelling Rumspringa zijn Rineke Roosenboom en Iona Daniel tot de vondst gekomen zelf hun eigen geheime genootschap te stichten. In hun sekte van ‘De Kring van Welsch’ raken de leden verstrikt in manipulaties en geloofsregels. ‘We presenteren de Kring als een autobiografie, komen zelfs met bewijsmaterialen op de proppen.’ Ze noemt het ‘een valse documentaire’. ‘We laten het publiek geloven in iets dat niet waar is.’

Hun stuk begint als het persoonlijke relaas van een ontmoeting en de daaropvolgende vriendschap tussen Iona en Rineke. Ze lijken ‘normale’ meisjes en vertellen een verhaal dat op papier staat, maar dan wel een verhaal dat volledig ‘gescript’ is. Maar het is allemaal ook echt, want het is hún verhaal, zo beweren ze althans. Tikje schizofreen: gespeeld en echt tegelijk. Als ik haar door de telefoon spreek, legt wederhelft Iona Daniel een brug naar manipulatietechnieken waar sektes gewoonlijk in grossieren. ‘Zelfs als je op een gegeven moment gaat twijfelen aan wat het genootschap je vertelt, is het een lastige keuze er uit te gaan. Want als je eruit stapt, moet je aan jezelf toegeven dat je al die tijd als een soort sukkel in hun leugens hebt geloofd.’ Veel sekteleden stappen er uiteindelijk uit omdat ze met aantoonbare onwaarheden geconfronteerd zijn. ‘Als blijkt dat de werkelijkheid die hen altijd is voorgehouden niet klopt, en niet strookt met hun eigen perceptie, dan vallen gaten. ‘Dan moet je wel stevig is je schoenen staan.’

Performers
Evenals de vierkoppige band treden ook iona&rineke zelf in dit stuk op als ‘performer’. Iona: ‘We merkten in het verleden dat als we langer betrokken bleven bij de totstandkoming, we langer grip bleven houden op de tekst, en die nog tot op het laatste moment konden aanpassen. Het verraste ons toen we merkten dat het andere teksten opleverde dan we hadden gedacht. We zijn daarom blijven performen.’

Luistertocht
Shaking Godspeed’s soundtrack Rumspringa is een op zichzelf ademstokkende luistertocht waar naar hartenlust uiterste muzikale grenzen zijn opgezocht. ‘Ik hoop dat het lukt om popfans vanuit het clubcircuit over te halen naar de theaters te komen,’ spreekt zanger/gitarist Wout Kemkens verwachtingsvol uit, ‘en andersom: dat theaterbezoekers hun weg naar onze muziek gaan vinden.’

Die muziek – ook op CD uitgebracht – bestaat uit speciaal voor Rumspringa gecomponeerde muziek en teksten – die in het Nederlands zijn gesteld. Muziek met vaak een bezwerend of maniakaal karakter. ‘Zie het als een dialoog met de tekst.’ In het stuk heeft ieder personage een ‘leitmotiv’ gekregen, een eigen klankkleur. ‘Geregeld refereren we ook aan muziek uit de sixties, bijvoorbeeld door de sitar in te zetten en door gebruik te maken van stijlkenmerken uit de popmuziek van die tijd.’

Helter Skelter, een nummer van The Beatles van hun album dat onofficieel The White Album heet markeert de kraamkamer van de hardrock. Dit nummer, evenals enkele andere songs van dat album overtuigden sekteleider en criminele hippie Charles Manson ervan dat een rassenoorlog en atoomoorlog nabij waren, al is niet bewezen dat zijn volgelingen The Family daardoor direct overgingen tot het plegen van de beruchte Tate/LaBianca-moorden. Refereren Shaking Godspeeds composities voor Rumspringa aan Manson? Wout Kemkens: ‘Van Marilyn Manson is in de muziek nauwelijks iets te bespeuren, van Charles Manson in de voorstelling des te meer.’

Click
Eigenlijk precies goed, die muziek van Shaking Godspeed, zo besloten iona&rineke na de nu fameuze click-op-goed-geluk op het trefwoord ‘blues’, waardoor de Utrechts/Arnhemse band na eerdere optredens van Noorderslag, Incubate, Paaspop en Zwarte Cross tot Sziget en als voorprogramma-act van Deep Purple, vorig jaar haar opwachting op Oerol, als onderdeel van De Nieuwkomers, het talentontwikkelingsplatform van Orkater besteeg.

Het vervolg is dan nu opeens een theatertournee. ‘We kunnen nu in iedere stad de parochianen toespreken,’ merkt Wout Kemkens, bassist/gitarist van Shaking Godspeed schertsend op. En was op Oerol de eenbuikige kruiskerk van Midsland uit 1881 – tegenwoordig op bingoavondjes ook in gebruik als clubhuis (‘we moesten op zondagochtend niet aanwezig zijn; en de kerkdienst speelde zich af in ons decor’) en in akoestisch opzicht een galmbak – voor de toer is dat de veelal no nonsense-omgeving van vlakkevloertheaters, de hedendaagse tempels van het vrije woord.

kader:
Het fenomeen ‘rumspringa’ komt in literatuur en films geregeld op de proppen: van Devil’s Playground (2002) tot Sexdrive (2008) en How To Be Single (2016). En ook Roger Rheinheimer’ roman Amish Snow, laat zien hoe het toe kan gaan.

Orkater / De Nieuwkomers met Rumspringa van en met iona&rineke en Shaking Godspeed. Tournee. Meer informatie: orkater.nl.

‘Flinterdunne beschaving’

William Goldings Lord of the Flies voor twaalfplussers bij NTjong

Een groep jongens, pubers nog, moet het na een vliegtuigcrash samen zien te rooien op een onbewoond eiland. Wat gebeurt er als mensen hun primaire driften laten gelden en angst regeert?

Een rauw verhaal over een groep opgeschoten jongens die razendsnel volwassen móet worden – maar daar hopeloos in faalt. William Goldings roman Lord of the Flies (1954) is een schokkende en ontroerende survivaltrip over vriendschap, compassie en het recht van de sterkste. Er zijn geen volwassenen te bekennen. En dus is er geen toezicht en zijn er geen regels. Afgesloten van de buitenwereld zijn ze op zichzelf aangewezen.

Al snel vervagen morele grenzen dan en heerst het recht van de sterkste. “Wat we beschaving noemen is flinterdun,” merkt Noël Fischer op, regisseur van het theaterstuk. “Lord of the Flies is allereerst een prachtverhaal, een klassieker, rond een groep jongens waar een gevecht om de macht uitbreekt,’ vertelt ze. ‘Normale, sympathieke jongens veranderen er in halve wilden, geweld wordt tussen hen de norm. Verruwing en verharding. Wat is dan de positie van de zwakkeren? En waartoe zijn wij dan als groep bereid? Waar verliezen we ons gevoel voor beschaving?

Het verhaal fascineert mij sinds ik het als puber las. Eigenlijk gaat het over oorlog, hoe dicht oorlog onder ieders huid ligt, en hoe compassie, empathie en redelijkheid het afleggen. In deze tijd van extremen en polarisatie – waar de sfeer en de gevolgen van oorlog iedere dag in de media voelbaar en zichtbaar zijn, mensen op de vlucht slaan maar ook hier in Nederland mensen zich onveilig voelen – vind ik dit een fantastisch actueel verhaal voor een jongerenvoorstelling.”

Bij Het Nationale Theater is het de kunst om grote, klassieke verhalen naar nu te brengen, zegt Fischer. “En daar hoort dit verhaal zeker bij, hoewel het boek vijftig, zestig jaar oud is. Lord of the Flies past naadloos in de traditie van boeken als 1984, Animal Farm, Brave New World en, nu hoogst actueel, The Hunger Games.” Een mooi rijtje. “Het zijn verhalen die duidelijk maken hoe het ons kan vergaan als een systeemfout ontstaat. Een dystopie.”

Laboratorium
“Het idee van een onbewoond, verlaten eiland is dat je in een laboratoriumsituatie terechtkomt,” zegt acteur Bram Suijker. “Op zo’n eiland met weinig spullen voorhanden en maar weinig omhanden, zitten de jongeren opeens midden in een politiek debat zonder dat ze het zelf goed beseffen.”

Suijker, sinds 2013 een vaste waarde is bij Het Nationale Theater, het ‘moederbedrijf’ van NTjong, speelde onder meer in ‘De revisor’, ‘Tasso’, en ‘Het verzamelde werk van Shakespeare (ingekort)’. In ‘Lord of the Flies’ neemt hij de rol van Jack op zich. “Die probeert de macht in handen te krijgen, wil graag de baas zijn, zoals je dat ook wel ziet op een speelplein waar kinderen aan het knikkeren zijn.”

Hij is in zijn nopjes met de verworven rol. “Ik heb sinds de toneelacademie niet in een jeugdtheatervoorstelling gespeeld, heb de laatste jaren vooral de komische noot gespeeld. Met dat clowneske was ik eigenlijk wel een beetje klaar. Toen Noël vroeg of ik deze psychopaat wilde spelen was het voor mij: Ja natuurlijk! En Jack is geen duivel in zwart-wit hè, Jack is en blijft een jongetje. Op de speelplaats loert hij hoe ver hij kan gaan, ziet geen volwassenen om hem tegen te houden  en prikt daarom steeds verder. Het is een dankbare rol. Eigenlijk vind ik dit spannender dan voor volwassenen spelen. Kinderen maak je minder snel iets wijs: Als jij je maar voor de helft geeft, dan haken zij af, denk ik. Kinderen reageren heel direct. Volwassenen hebben nog altijd een idee waarin ze mee kunnen gaan.”

Fischer vult aan: “Maar omdat je met dit verhaal bijna in de science fiction en de fantasy zit, zijn ook video en muziek belangrijk. Toch is dat uiteindelijk allemaal vormgeving. Waar het echt om gaat is de acteurs, die moeten je ‘triggeren’, jongeren moeten met ze meegaan.”

12+
Lord of the Flies is bedoeld voor jongeren vanaf 12 jaar. Fischer: “Twaalfplussers moeilijk? Ik zeg: Een geweldige leeftijdsgroep! Prepubers en pubers. Het materiaal is natuurlijk ook echt te pittig voor jonge kinderen. Het is eigenlijk jongerentheater. Het gáát ook over jongens ongeveer van die leeftijd.” Zelf was ze op die leeftijd een tikkeltje rebels: “Mijn ouders hebben mij op een jongensschool moeten doen. Door mijn wilde en brutale gedrag was ik op de meisjesschool kennelijk niet te hanteren. Misschien was ik toen niet zo’n heel aardig meisje,” lacht ze.

In Den Haag is Lord of the Flies uitsluitend te zien in Theater De Nieuwe Regentes, het voormalige overdekte zwembad dat twintig jaar geleden al eens tijdelijk werd betrokken door Het Nationale Toneel, toen de Koninklijke Schouwburg onder handen werd genomen. Fischer, ook artistiek leider van NTjong: “Ik vind het belangrijk om je gezicht op verschillende plaatsen in de stad te laten zien. Daarom gaan we hier ook educatieve projecten doen.”

NTjong, Nationale Toneel & de Veenfabriek: ‘Lord of the Flies’. Van donderdag 9 tot en met zaterdag 18 maart 2017. Première: zaterdag 11 maart 2017. Meer informatie: ntjong.nl. Telefonisch kaarten reserveren: (070) 346 53 72.