Koninklijke Schouwburg wordt waterval

Het Nationale Theater met onderwaterspektakel Ondine

‘Ondine’ is een licht bijtend zoutwaterspektakel in en om de Koninklijke Schouwburg. Watertanden met waternimfen en een middeleeuws aandoende ridderfiguur.

Nederland waterland. Het Nationale Theater (HNT) en Toneelgroep Oostpool nemen dat met ‘Ondine’ vrijwel letterlijk: de Koninklijke Schouwburg wordt drie aaneengesloten weken lang van binnen én buiten omgetoverd in een sprookjesachtige waterwereld. Zo wordt in de edele zaal de orkestbak veranderd in een plonsbak die is gevuld met liefst 12.000 liter water – een samenwerking aangegaan met drinkwaterbedrijf Dunea. Het is niettemin te hopen dat deze stunt door HNT van een behoorlijke overstromingsverzekering tegen eventuele waterschade is voorzien.

Als joch groeide regisseur Jeroen De Man op recht tegenover het Sportfondsenbad in Amersfoort. “Ik heb aan waterpolo gedaan en ben ook gefascineerd door eb en vloed,” vertelt hij over zijn begeestering voor water. Bij ‘Ondine’ kan hij zijn schik in water en watermanagement volop kwijt. Want na de vampiers eerder dit seizoen laat regisseur Jeroen De Man zich bij HNT nu met ‘Ondine’ verleiden door bevallige bovennatuurlijke wezens: het genre van de waternimfen. “Klopt,” lacht De Man als ik hem in de HNT-studio’s spreek, “dit is voor mij wel het seizoen van de fantasie.”

Mythologische ondines leven in bospoelen en watervallen, en hebben een prachtige stem of lokroep die soms gehoord wordt boven het geluid van het water uit. Uiterst verleidelijk wezens zijn het, onsterfelijk, en bijzonder is ook dat de ondine geen ziel heeft. Door een mens te huwen kunnen ze er wel eentje winnen.

In de spektakelvoorstelling ‘Ondine’ bij HNT trekt ridder Hans ridder von Wittenstein zu Wittenstein door het Woud. Hij krijgt een bed en eten bij een oud visserskoppel. Daar maakt hij kennis met hun vreemde maar beeldschone dochter Ondine. Hij wordt op slag verliefd op haar.

Pas nadat Ondine hem heeft ingepalmd vertelt ze hem dat ze een waternimf is. Hans neemt haar mee het Koninklijk hof, waar de jaloerse gravin Bertha haar liefdesconcurrent wordt. Met noodlottige gevolgen. ”Op veel vlakken een fantastisch verhaal, krachtig en poëtisch opgeschreven, ook op psychologisch niveau.” Dan, lachend: “Hoe praat een nimf met een ridder, hoe communiceren ze? En heeft ze goeie argumenten?”

Hardop dromen
De Franse schrijver Jean Giraudoux heeft van de in oorsprong Germaanse vertelling in 1938 toneel gemaakt. Het stuk is, enige jaren nadat het verscheen, gespeeld door de gouwe ouwe Haagse Comedie. Dat was in de beginjaren, in 1952, in een regie van Cees Laseur en met Heleen Pimentel als Ondine. Zij werd destijds uitgeroepen tot ‘Actrice van het jaar’. “Ik zag het inderdaad toen ik onlangs het jubileumboek ‘40 jaar Haagse Comedie’ doorbladerde,” vertelt De Man.

Nadat hij Giraudoux’ toneeltekst voor het eerst had gelezen was De Man ervan overtuigd dat het stuk te omvangrijk zou zijn om anno nu te kunnen opvoeren: te veel personages, te veelomvattend.

“Maar bij HNT mag hardop gedroomd worden,” zegt hij. “En zo zijn we uitgekomen op drie weken lang spektakeltheater. En we kunnen extra uitpakken omdat we met deze productie niet op reis door het land gaan. Wat dat uitpakken betekent?

Straks bevolken liefst 19 topacteurs de set, dat aspect alleen is al een waar spektakel. Sommigen van hen maken via het water hun opkomst. Verder is er een groots decor en komen er onnoemelijk veel kostuums voorbij, is er een hoop gegoochel met rekwisieten waaronder een windmachine, en komt er een dosis illusionisme en magie aan te pas.” Het eindresultaat moet het midden houden, aldus De Man, tussen een ambachtelijke en experimentele ervaring.

“We willen er echt een ‘belevium’ van maken. Met soms oprechte en intieme emoties, bij vlagen volstrek ridicuul en knotsgek.” Te midden van het waterballet wordt ook gezorgd voor een viskraam, een kraanwatercocktailbar en een pop-up terras.

Modern sprook
Ondine. Een watersprookje, maar niet met een ‘happy end’. Als de Koning der Watergeesten wraak komt halen wordt de burcht van de Wittensteins overspoeld, de geesten van het liefdespaar worden verruïneerd. De fonteinen van het paleis spuiten meters hoog. De wereld huilt.

“Simpel en onverbiddelijk,” verklaart De Man het tumultueuze slot. “Het gevaar dat van water uitgaat is groot. Ridder Hans merkt op een gegeven moment dat het water zich tegen hem keert, zegt dat hij zelfs waterleidingen voelt trillen als hij erlangs loopt.” Mooi vindt De Man dat, om bij tijd en wijle middeleeuwse taal en segmenten te mengen met elementen uit deze tijd. “Uiteindelijk mondt Hans’ avontuur uit in het verbreken van een verdrag. Da’s dan weer erg modern.”

Zomerzindering
Een echte zomerprogrammering in de Koninklijke Schouwburg krijgt aldus waarlijk haar beslag. Ook in de komende jaren lijkt die ontwikkeling door te zetten, want in de zomer van 2019 gaat regisseur Theu Boermans er aan de slag met een muzikaal toverstokje.

Het Nationale Theater speelt ‘Ondine’ van 19 juni tot en met 7 juli 2018 in de Koninklijke Schouwburg. Met o.a.: Hein van der Heijden, Sylvia Poorta, Evgenia Brendes, Vincent Linthorst, Mark Rietman, Jaap Spijkers, Joris Smit, Stefan de Walle e.v.a. Meer informatie: hnt.nl.

Advertenties

Exploderende bloedbanden

Toneelhuis / Toneelgroep Amsterdam spelen Vergeef ons

In de roman Vergeef ons van A.M. Homes valt rond Thanksgiving het leven van twee broers in duigen. Nu ook op toneel. Regisseur Guy Cassiers zoekt naar mededogen.

Van je familie moet je het hebben – maar wat als je je enige en oudere broer van jongsaf hartgrondig haat?

Alle gelukkige gezinnen lijken op elkaar, elk ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze. Met die beroemde zin opent de Russische schrijver Tolstoi zijn roman ‘Anna Karenina’. Hoe overleef ik mijn familie?, vroeg John Cleese zich eens in een boek af. Een bestseller. Vier op tien Nederlanders hebben het regelmatig gehad met broer- of zuslief, en betreuren het dat ze hun naasten niet voor het uitkiezen hebben. Broers zijn directe concurrenten in alles. Familieruzies zijn eeuwenoud: al in het eerste mensengezin uit de bijbel loopt een ruzie tussen broers gruwelijk uit de hand. Denk Kaîn en Abel, Isaac en Ismaël.

Wat hem in dit kringgesprek heeft gebracht? Harry: ‘Ik ben ontslagen en heb de vrouw van mijn broer geneukt. Toen George thuiskwam heeft hij haar doodgeslagen. Ik woon nu in het huis van mijn broer omdat ie in de bak zit.’

In Vergeef ons probeert een Amerikaanse man van middelbare leeftijd te achterhalen wat zich in het verleden heeft voorgedaan in hun familie – opdat de psychiater in staat wordt gesteld zijn broer beter te helpen. Homes’ verhaal draait om de levens van Harry Silver, een New-Yorkse hoogleraar in geschiedenis met een Nixon-obsessie; en zijn broer George, een rijke tv-bons, getrouwd met Jane, vader van Nate en Ashley.

Familiedrama op toneel. Lars Norén (1944) wás koning van het genre, maar volgens Guy Cassiers, gelauwerd regisseur door heel Europa, steekt de Amerikaanse romancière A. M. Homes (1961), winnaar van de UK Women’s Prize for Fiction 2013, hem aardig naar de kroon. In haar boeken zijn verstoorde familierelaties en de hunkering naar waarlijk contact terugkerende thema’s.

‘We chatten online en worden online ‘Vrienden’ van elkaar, vaak zonder te weten met wie we eigenlijk praten. We neuken met vreemden, zien zo ongeveer alles voor een relatie, voor een band aan. En toch staan we machteloos als we bij onze familie en tussen buurtgenoten zijn.’ Homes is niet alleen hard voor het traditionele gezin, maar ook voor een reeks maatschappelijke instellingen, van politie en ziekenhuizen tot psychiatrie, scholen en de advocatuur. In plaats van opvang en hulp zorgen deze plekken in haar roman voor ongemak en vervreemding. Homes in een toelichting op haar werk: ‘Ik laat personages net niet verzuipen.’

In een coproductie voor Toneelhuis Antwerpen en Toneelgroep Amsterdam heeft Guy Cassiers haar vuistdikke roman May we be forgiven bewerkt tot twee en een half uur toneel met razend veel personages, een snelle opeenvolging van korte hoofdstukken en spitse, directe en brutale dialogen. Bijna als een soap.

“Een rollercoaster,”stelt Cassiers, aan de telefoon vanuit Brussel, waar hij zich op een productie aan het voorbereiden is. “Verscholen frustraties in een vulkaan van emoties en een je-niet-thuis-voelen in de gegeven situatie. En toch is er ook veel humor te ontdekken, want Homes beoogt mededogen. Ze stoffeert haar verhaal daarom met ironische voorvallen. In haar pleidooi voor gemeenschappelijkheid dat Vergeef ons ook is, roept ze zo in feite op tot het aannemen van een groter aandeel in ons leven ten gunste van empathie.”

Uiteindelijk vindt Harry – hier gespeeld door Eelco Smits, die daarvoor is genomineerd voor een Louis d’Or – zich terug als hoofd van een gezin, een nieuw familieverband waarin de jonge kinderen van zijn broer spontaan en feitelijk onwetend van zichzelf de rol van talisman vertolken. Cassiers: “Homes wil op die manier de karakterzwakte die de mens eigen is, een rechtvaardige plek in het bestaan teruggeven, een bestaan dat minder egocentrisch is. Homes creëert een tegenstelling door de roman te situeren tegen de achtergrond van een grootstad, vandaag de dag ‘melting pots’ waar affectie en naastensteun niet meer vanzelfsprekend zijn. De stadsmens verkeert in een identiteitscrisis”.

De soap à la Cassiers speelt zich niet af in een privé­ruimte of een huiskamer met in- en uitlopende personages, maar een open ruimte waar grote televisieschermen domineren, een lichtshow die overdondert en een prominent geluidsdecor. Een decor dat daardoor aandoet als een Amerikaanse basketbalwedstrijd maar net zo goed aan een opnamestudio of een live concert.

Geprojecteerde beelden tonen een cleane en kille wereld van overvloed en consumptie, die aandoen als clichés. Cassiers’ enscenering geeft zo de spanning weer tussen het intieme familieverhaal en een door beeld en geluid gedomineerde wereld. Dat verschaft hem de mogelijkheid op de toneelset een soap te construeren.

Cassiers: “Er zijn 100 scènes, dat versterkt het filmisch karakter van de voorstelling. Ook het boek is opgeknipt in vele hoofdstukjes.”

Is Vergeef ons daarmee een zedenschets over het failliet van de familie als hoeksteen van de samenleving? Cassiers: “We moeten samen op zoek naar andere verbanden dan genetisch bepaalde. Dat kan voor iedereen louterend werken.”

Zaterdag 9 juni 2018, Koninklijke Schouwburg. Met o.a. Eelco Smits, Chris Nietvelt, Jip van den Dool, Katelijne Damen en Steven Van Watermeulen. Meer informatie: hnt.nl en toneelhuis.be. Telefonisch tickets reserveren: 088 356 53 56.

Als niks meer overeind staat

Saman Amini speelt ‘Samenloop van omstandigheden’

In Nobody Home speelde hij zichzelf en kroop hij in de huid van een Syriëganger, in The Nation was hij De Beer van ‘s Gravenhage. Nu legt Saman Amini zijn eigen ziel bloot.

Vorig jaar bracht hij op nomadisch festival De Parade voor het eerst zijn Samenloop van omstandigheden. Het theatertentje speelde hij meer dan plat. Nu is er van het halfuurtje van de ‘autobiografische liedjesvoorstelling’ een uitgebreide, één uur durende versie voor de theaterzaal.

Animatie, theater, muziek. Met zijn overdosis aan talent rijgt hij momenteel succes aan succes. Jazeker vindt hij zichzelf een geluksvogel. Amini, die als elfjarig joch vanuit de Iraanse hoofdstad Teheran in Nederland belandde, gevlucht met zijn zusje en zwangere moeder: “Wie in Nederland mag wonen is sowieso een geluksvogel. Ook ben ik blij dat ik als 28-jarige al zoveel mag doen. Toch hangt mijn geluksgevoel ook van de dag af, kan ik ook m’n slechte dagen hebben, dagen dat ik het gevoel heb gevangen te zitten in emoties of opgesloten te zijn in m’n brein.”

Hij heeft zijn succes, zijn beroep als kunstenaar, zegt hij, ook te danken aan een samenloop van omstandigheden. “Als eerste generatie vluchteling bekommer je je allereerst om het dagelijkse geld, het is zeker niet vanzelfsprekend om in de kunst je toekomst te zoeken en te vinden.”

De tienerjaren bracht Amini gedeeltelijk door in het AZC in Rheden. Tot zijn aanleg voor theater werd opgemerkt. Eerstvolgende halteplaats: Toneelacademie Maastricht, afstudeerlichting 2014. Inmiddels behoort hij onder meer tot het vaste acteursensemble van Het Nationale Theater.

In Samenloop van omstandigheden maakt hij met een glimlach zichtbaar en voelbaar wat er in hem omgaat. Hij zingt, speelt en vertelt – met tekst, met muziek die hij zelf schreef, live uitgevoerd door een driemansband, en met prachtige, indringende videoanimaties. Het resultaat is een persoonlijk levensportret aan de hand van vertellingen over zijn moeder en vader, en over ‘alles wat nodig is om overeind te blijven als er niks meer overeind staat’.

Amini: “Voor mijzelf gaat de voorstelling over de betekenis van verleden en armoede als wrede vorm van geweld, en over machteloosheid en vrijheid. Maar ook over wat voor mij de waarde is van ouders. En ik wil er ook mijn dankbaarheid mee betuigen.”

Dankbaarheid drukt hij niet alleen theatraal uit maar ook financieel. “De muziek is op Spotify te beluisteren en we hebben er een cd van uitgebracht.” De opbrengt van het liedje ‘Longen Vol’ maakt hij over naar VluchtelingenWerk Nederland. “Gewoon om iets terug te geven. Soms moet je nemen, soms geven.”

Trompet
Amini geeft als personage weer hoe hij in zijn jonge jaren eigenhandig armoede bestreed door Roberto Carlos-kaftpapier cadeau te doen aan een schooljongen. Het wordt hem duidelijk gemaakt dat je zoiets omzichtig moet doen, anders meent de ontvanger dat hij aldoor dank verschuldigd blijft. In een paar pennenstreken schetst hij zo hoe machtsverhoudingen inwerken op gedrag.

En passant ontstaat een soort van ‘coming of age’. Tot het moment dat hij zijn woorden richt tot ‘mijn kleine jongen’. Door schimmenspel dat op het videoscherm geprojecteerd is, zien we dat het om een manneke gaat met een trompet in de hand. Aan het einde ligt de trompet in de branding, een verwijzing naar Alan Kurdi, het ‘aangespoelde jongetje’. Dat hield hem nachtenlang uit zijn slaap. Waarom hij wel en zij allemaal niet?

Het mooie is dat het geheel nooit ontaardt in pathetisch aandoend melodrama, maar dat hij zijn vertelling gedoseerd en met veel gevoel voor verhouding tussen ernst en luim weet te brengen.  Als ‘rhymende’ rapper steekt hij met zijn expressieve stem, door de verrukkelijk-verrassende elektronisch-futuristische muziekklanken en melodielijnen, en het ongecompliceerde taalgebruik het huidige Nederlandse rappersgilde keihard de loef af.

Een openbaring.

Als geëngageerd kunstenaar laat de actualiteit hem niet los. Neem de Iran-deal. “Ik ben bang voor het lot van het Iraanse volk. Ik heb er nog steeds veel familie wonen. Kijk naar Irak, Afghanistan, Syrië… Ik hou mijn hart vast voor wat er kan gebeuren.”

Saman Amini: Samenloop van omstandigheden. Een coproductie van Paradiso Melkweg Productiehuis en Black Sheep Can Fly. Te zien op dinsdag 22 mei 2018 in Theater aan het Spui.

 

Zomertheater in de open lucht

Zuiderparktheater stroomt vol in 2018

Het kan weer: de zomer vieren en je onderdompelen in kunst en vertier. Rosénippend, of bierbommelend de bloemetjes buiten begroeten.

Zomeravonden zijn er soms zó helder dat je de sterren kunt aanraken. Marijke Reuvers, directeur van het Zuiderparktheater, kijkt alvast uit naar vrijdag 10 augustus. Rond die tijd scheert elke zomer de Perseïden-meteorenzwerm langs de hemel: een wolk stofdeeltjes achtergelaten door komeet Swift-Tuttle.

Kans op vallende sterren dus – en zodra je er eentje ziet mag je een met een gerust hart een wens uitspreken. “En dan onder die sterrenhemel relaxed luisteren naar de zachtaardige muziek van popband Loco / Motive,” glimt Reuvers, “met daarbij een futuristische cocktail in de hand terwijl je het theatercollege ondergaat van Ernst Molenaar over het ontstaan van deze Perseïden-zwerm en over andere vreemde zaken in ons zonnestelsel.”

Nog is dat die avond niet alles want vervolgens kun je in een zwart gat wegzinken bij de epische science fiction-film 2010: The Year We Make Contact, het vervolg op 2001: A Space Odysee.

De ‘oude’ Grieken hielden in het jaargetijde van de goudgele zomerzon, al was dat wel dik 2500 jaar geleden, al grondig huis met hun dionysische theaterfeesten. Al is het eeuwen later, ook in Nederland bloeien de zomerfestivals. Den Haag heeft voor dit doel zelfs een heus buitentheater laten bouwen, in het ruim opgezette plantsoen dat architect Berlage daartoe in 1908 uittekende: het Zuiderpark.

“Drie jaar geleden hebben we een doorstart kunnen maken,” vertelt Reuvers. “We zijn sindsdien erg gegroeid, vorig jaar hadden we met 16.000 bezoeken driehonderd procent meer aan kaartverkoop dan in het heropeningsjaar. Ik zie kansen liggen om verder door te groeien, bijvoorbeeld door het voorseizoen meer te gaan benutten.”

Ook kijkt ze, nu al, bevallig richting wintertijd. “Onze kerstproductie Scrooge was een hartverwarmend succes. Komende winter gaan we Vivaldi Code Rood brengen. In ieder geval kunnen we tot zeker 2020 buiten blijven spelen, zoveel is zeker.”

Het Zuiderparktheater is een podium in de open lucht voor (kinder)theater, cabaret, muziek en allerhande festivals, maar er zijn ook fietstochtjes (sculpturenroute) en een roofvogeldemonstratie. De speelplaats voor jong en oud is op stoom gekomen. Dit jaar zijn er, evenals vorig jaar, zo’n honderd verschillende activiteiten.

Een greep: Spinvis, Pink Floyd would-be’s, Yes-R, en een ‘Summer of Laugh’ in samenwerking met Diligentia, met onder meer Yentl & de Boer, en met Sjaak Bral die op de openingsavond als ‘host’ optreedt.

Reuvers: “Zelf houd ik erg van het The Hague African Festival. Het heeft een jubileum te vieren, want het bestaat tien jaar.” Medio juli wordt het muzikaal gevierd met optredens van onder meer de reggaekoningen van SoulDia (Senegal), percussiemeester Oké Sene (Senegal), funaná met Tabanka (Kaapverdië), de Refugee All Stars (Sierra Leone), de Kameroens-Nederlandse zangeres Ntjam Rosie (Kameroen), de Ghanese Wiyaala (Ghana) en Amartey, fakkeldrager van de AfroPop-sound in Nederland. Reuvers: “De editie van dit jaar is groter dan voorheen, want er is ook een uitgebreide marktplaats.”

Heerekrintjes!, zo lieten Nederlandse volkspoppenspelers hun draad-, stang-, stokpoppen of marionetten in de negentiende eeuw regelmatig ontvallen als ze optraden bij de toenmalige Haagse kak omdat ze er verplicht een parlementair taalgebruik op na moesten houden. In het Zuiderparktheater staat deze verbasterde vloek voor een ‘volkspoppenfestival’.

Reuvers: “We vinden het jammer dat de poppenkast uit Nederland lijkt te verdwijnen. We willen de traditie nieuw leven inblazen door traditionele poppentheatervormen uit uiteenlopende landen en culturen samen te brengen.” Dat gaat van Jan Klaassen, Punch & Judy en Pulcinella tot Japanse bunraku. Het Zuiderparktheater programmeert die dag gerenommeerde makers uit binnen- en buitenland naast jonge makers uit Den Haag.

“En je kunt zaterdag 18 augustus ook je eigen poppenkastfiguur maken, waarmee je in je eigen poppenkast kunt spelen. Ook is er een optocht met reuzenpoppen door het park.”

Er is ook aandacht voor klassieke muziek, onder meer met het Residentie Orkest (Symphony in the Park) en het Sweelinckorkest, zeventig enthousiaste en bevlogen studenten van Amsterdamse universiteiten en hogescholen die instrumentale delen van de veertien uur tellende score uit Wagners monumentale Ring spelen.

Leven als verkaaste Marokkaan

Vier Marrokkaans-Nederlandse actrices in Melk & Dadels

Op een bedje van humor en ernst dienen vier Marokkaans-Nederlandse actrices een zelfbewust inkijkje op in hun dubbele culturele bagage. Een bekend kookboek diende als fond voor Melk & Dadels.

In Marokko begint elke maaltijd met vrienden en familie met het aanbieden van de mogelijkheid de handen te wassen. Geen overbodige luxe als je alles met de (rechter)hand uit een gezamenlijke schaal eet. Eet smakelijk is ‘bismillah’. Genoeg gegeten? Dan zeg je ‘hamdoulilah’. Voor de voorstelling‘Melk & Dadels dient het kookboek van het jaar 2014 Melk & Dadels – 100 geheime recepten van Marokkaanse moeders als basisingrediënt. De lievelingsgerechten van twintig Marokkaanse moeders en hun kinderen worden erin opgedist en persoonlijke verhalen worden afgewisseld met hun eigen recepten.

De voorstelling mag dan geïnspireerd zijn op het kookboek, zegt actrice en zangeres Kyra Bououargane uit de cast van Melk & Dadels, “maar daar zie je in de voorstelling niet veel van terug. Het zijn nieuwe verhalen van de nieuwe generatie.”  Daarbij worden heilige huisjes niet gespaard, al gaat het boek vooral over ‘soul food’, zoals ‘tachnift’ (Marokkaans brood gebakken in een gietijzeren koekenpan), ‘baghrir’ (Marokkaanse pannenkoeken) of ‘ka’bghzal’ (gazellehoorntjes). “Maar ik had juist een vader die kookte,” lacht ze. “Hij maakte graag een mengelmoesje, gooide alles door elkaar. Mijn lievelingsgerecht? Da’s toch tajine met kip.”

Na het geruchtmakende Nobody Home en een spraakmakende Othello maakt regisseur Daria Bukvić Melk & Dadels. De voorstelling geeft een onverbloemde en onvermoede kijk in de achterkamers van de Marokkaanse keuken, met vier jonge, en krachtige Marokkaans-Nederlandse actrices, zo bleek al uit voorvertoningen op de avond ‘Marokkanen zijn HOT’ in de Koninklijke Schouwburg. Het zijn meiden die stuk voor stuk stevig in hun schoenen staan en geen blad voor de mond wensen te nemen. Hun verhalen zijn hard en duidelijk als het gaat om de pijn die ze soms hebben te verdragen, en zacht en kwetsbaar over de vreugde en de rijkdom die een dubbele culturele achtergrond ook oplevert.

Is er een blauwdruk van ‘de’ Marokkaan? Je hebt de Gucci-Marokkaan, de inshallah-Marokkaan, de verkaaste Marokkaan, de ‘family-first-Marokkaan’.

In Melk & Dadels passeren tien van zulke ‘oer’types de revue. “Haha, nou eigenlijk herken ik me in geen van die archetypes,” zegt Kyra. “Maar als ik móét kiezen zal ik door mensen wel als de verkaaste Marokkaan gezien worden. Want mijn moeder is Nederlandse en ik heb dus een Marokkaanse vader.”

Maar, zo legt ze uit, dergelijke stereotyperingen zijn altijd afkomstig van anderen. “De voorstelling gaat er juist over dat wij, tweede generatie, individuen zijn. We hebben ieder ons eigen verhaal. Er is geen eendimensionaal plaatje te geven, dat idee willen we juist omver werpen. Er zijn vele gezichten. En wij hebben ieder ons eigen gezicht. En onze eigen dromen.”

In de voorstelling komen onderwerpen aan bod als discriminatie, de liefde en verboden woorden, maar ook de plaats die eten inneemt in de Marokkaanse cultuur. “Ook neemt ieder van ons de eigen ouders onder de loep. En omdat we vier vrouwen zijn komt het perspectief van de vrouw vanzelf om de hoek kijken.”

Vier actrices plus een vrouwelijke regisseur – maar uitgerekend een man tekende voor de tekst, ex-parlementariër Tofik Dibi, bekend van de autobiografie DJINN, waarin hij publiekelijk uit de kast kwam.

Kyra: “Tofik heeft research gedaan en veel tekst geschreven, maar een groot deel is ook door onszelf aangedragen. Zo hebben we die uitgebreid met persoonlijke noten, aangedragen tijdens de repetities. Ikzelf vertel over de eerste ontmoeting tussen mijn vader en mijn moeder. Van mij komt ook een scène waarin ik mijn frustratie de vrije loop laat over de drang om alles in hokjes te duwen. Want ik ben zowel Jip & Janneke als couscous. Ik vind het een rijkdom om uit de hand van twee culturen te kunnen eten.”

Ter inspiratie reisde het artistieke team een jaar geleden naar Marrakesh. “Daar hebben we elkaar het hemd van het lijf gevraagd.” Onder leiding van Bukvic, Nederlandse met Bosnische en Kroatische wortels, hebben ze veel verschillen ontdekt, maar ook overeenkomsten gevonden. “Tenminste een van onze ouders heeft een migratieachtergrond. Dat gegeven bindt.”

Melk & Dadels van Rose Stories & Daria Bukvić in alliantie met Het Nationale Theater. Met: Soumaya Ahouaoui, Kyra Bououargane, Fadua El Akchaoui, Khadija El Kharraz Alami. In de Koninklijke Schouwburg van vrijdag 11 tot en met zondag 13 mei 2018. Aldaar ook in seizoen 2018-2019.

“Dit is nog maar een begin”

Nieuwe theaterbroedplaats in Den Haag van start

Bureau Dégradé is de naam van een nieuwe broedplaats voor experimenteel theater. Op 1 juni gaat het officieel van start met de kunstmanifestatie ‘DNALYSATNAF’. De jonge kunstinstelling neemt hiermee definitief haar intrek in de voormalige ‘Appelloods’ aan de Laan van Poot.

De initiatiefnemers, theatermakers David Geysen en Carl Beukman, zijn ook de oprichters van theatergezelschap Label Dégradé, dat de voorbije jaren al enkele voorstellingen uitbracht. Het tweetal was eerder actief bij Toneelgroep De Appel. Vorig jaar september kreeg Dégradé 10.000 euro ‘waarderingssubsidie’ van wethouder Wijsmuller (HSP) van Cultuur voor het optuigen van de loods. De broedplaats in de voormalige ‘Appelloods’, momenteel deels ook in gebruik bij theaterschool Rabarber, moet volgens beide oprichters de komende jaren uitgroeien tot een presentatieplek voor en door kunstenaars en anderen die er kunstzinnige ‘verkenningen’ willen doen. Jaarlijks moet dat uitmonden in ongeveer drie ‘multidisciplinaire’ presentaties. “Het is de bedoeling om uiteenlopende makers hier te laten experimenteren, een eerste schets te laten maken. Dat kunnen theatermakers zijn, maar net zo goed wetenschappers of mensen uit deze buurt. Wie een goed plan heeft mag bij ons aankloppen.” Daarnaast is Bureau Dégradé de vaste plek voor de try-outs van de voorstellingen van theatergroep Label Dégradé.

Bureau Dégradé houdt haar ruimte ten doop met de kunstmanifestatie DNALYSATNAF,’een mengsel van voorstellingen, manifestaties, muzikale acts, exposities en debat’. Op de openingsdagen op zaterdag 2 en zondag 3 juni kan iedereen langskomen om kennis te maken. Er zijn exposities en presentaties van buurtbewoners en ‘Ted Talks’ met als sprekers onder meer Boris van der Ham, Ingrid Rollema Renate van der Zee en David Middendorp. Zij spreken over begrippen als dromen, fantasie en verbeelding. Beeldend kunstenaars Mattia Papp, Teun Wolters en Joris Albeda maken in het openingsweekeinde de 24 uurs-performance Diptiek van het Geloof. Geysen: “Dat is de eerste schets die wij ontwikkelen. Wij verbinden verschillende kunstenaars met elkaar tot een multidisciplinaire podiumkunst.’

Verderop in de maand is er dan onder meer de ‘theatertriptiek van de macht’, een marathon met de eerder uitgebrachte Label Dégradé-voorstellingen Motel Detroit (over de VS), Polonium 210 (over Rusland) en België (over Europa) op een rij. Drie voorstellingen over een kantelende (wereld)orde, de langzame degradatie van drie grootmachten. “De drie voorstellingen worden beide avonden achter elkaar gespeeld.” Ook dit triptiek wordt voorzien van een begeleidend programma. Als gasten treden historicus en Europa-kenner Thomas von der Dunk. Amerika-watcher Willem post en Rusland-kenner Pieter Waterdrinker aan. “Na dit drieluik over politieke wereldmachten gaan we ons de komende jaren richten op voorstellingen, beter gezegd: extreem beeldend geluidstheater, eentje rond de kunststroming Bauhaus, een andere rond de Amerikaanse zangeres en popicoon Janis Joplin, en nog daarna gaan we Dante Alighieri’s ‘La Divinia Comedia’ op de planken brengen.”

Momenteel wordt het voorste deel van de loods flink onder handen genomen. Voorin is een kantoorruimte gemaakt en in de voormalige repetitieruimte is een vaste tussenwand verrezen . “Die ruimte wordt nog mooi opgetuigd met een bar en theatervoorzieningen.”

Dégrade ontstond in 2015 toen Geysen en Beukman samen iets theatraals naast hun werk voor Toneelgroep De Appel wilden doen. Sinds vorig jaar zijn ze in touw om de Appelloods in te lijven. Vanaf deze lente gaat dat dus definitief gebeuren. Voorlopig is het toekomstbestendig maken hun grootste zorg. “Dit is nog maar een begin. De komende jaren moeten we ons verder ontwikkelen.” Moeten ze nu nog per project een subsidieaanvraag doen, straks moet dat eenvoudiger. “We doen nu veel papierwerk. Daarom hopen we in 2020 op meerjarige subsidie door opgenomen te worden in het Kunstenplan van Den Haag.”

Bureau Dégradé. Openingsmaand begin juni 2018. Meer informatie: degrade.nl.

Naar een nieuw begin

Over dolfijnen die nog nooit een mier hebben gezien en olifanten die vaak op mieren gaan zitten, zonder het ooit te weten. Rabarber speelt de familievoorstelling De ark van Noach.

Regen, zo luidt de weersvoorspelling, bakken regen. Noach staat juist op het punt de diersoorten te selecteren die met hem op overlevingscruise mee mogen. “Jullie schreeuwen altijd zo hard,” werpt Noach twee bonte kaketoes voor de poten. Die doen daarop nog maar eens een poging. “Waarom mogen die onnozele spitsmuizen dan wél mee?” roepen ze in koor. “Goed gedaan,” zegt regisseur Marjet Moorman tijdens de repetitie tegen Lola Dirker (15) die beurtelings met Frederik Von Maltzahn (12) in de huid van Noach kruipt voor de familievoorstelling ‘De ark van Noach’.

Kaketoes die niet weten wat ze zeggen, maar het toch zeggen, terwijl Noach’s ouders niet samen onder één paraplu willen. Net nu het gaat regenen. Meer en harder dan ooit en wel veertig dagen lang. Pas honderdvijftig dagen later zakte het opgekomen water. Toen liep Noachs ark vast op het Araratgebergte, ergens  in het huidige Turkije.

Het verhaal over een zondvloed en de bouw van een ark komt niet alleen in de bijbel voor. Het Gilgamesj-epos kent een soortgelijk verhaal. En ook in de koran zijn verzen terug te vinden die verwijzen naar Noach en de Ark.

Voor Moorman gaat van het verhaal vooral een oerkracht uit, drukt een universele waarde uit. De talentvolle Haagse regisseur / tekstschrijver is met name gefascineerd door het gegeven dat de zondvloed een kans is op het maken van een nieuwe start. “Noach krijgt de kans om de wereld naar eigen inzicht vorm te geven,”vertelt ze. Voor Rabarber heeft ze de vertelling bewerkt tot een persoonlijk getint verhaal over ‘opnieuw beginnen’.” Maar, zo vertelt Moorman verder, “een nieuw begin maken, dat kan natuurlijk helemaal niet. Je neemt altijd iets uit het verleden of van jezelf mee.”

Ze ontwikkelde de uiteindelijke tekst samen met de jonge spelers van Rabarber: “Ik heb ze over de tekst laten meedenken aan de hand van gesprekken. Zo rezen vanzelf allerlei kwesties op, zoals de vraag waarom de wereld een rommeltje is, of: wie is god? Door veel te repeteren wordt het daarna allemaal nog veel scherper voor ze, en worden ze zich dieper bewust van de betekenis van de woorden die ze uitspreken. Natuurlijk moet je als tekstleverancier dan wel bereid zijn om dan nu en dan je eigen tekst ‘kapot’ te maken.”

Volgens de legende liet Noach van alle basissoorten van de landdieren en vogels een mannetje en een vrouwtje naar de ‘overlevingskist’ komen, van de ‘reine’ (offerwaardige) dieren wel zeven paartjes. De zeven diersoorten die Moorman ‘haar’ Noach laat uitkiezen, staan voor persoonlijke angsten die deze in weerwil van zichzelf op reis ‘meeneemt’: spinnen, flamingo’s, stokstaartjes, spitsmuizen, katten, uilen – en dus de kaketoes. Zo ontstaat een allegorie. Het lijkt een beetje op de Fabeltjeskrant of op de dierenverhalen van Toon Tellegen.

Moorman: “Maar bij ons geen maskers. We beelden de dieren niet letterlijk uit, geen maskers, geen vleugels, geen opzetneuzen. We laten ze wel allerlei bewegingen maken, en de kaketoes bijvoorbeeld hebben allebei een tropisch Hawaii-hemd aan. Dat vertelt genoeg.”

Bij Rabarber zijn er twee verschillende casts, met bij elkaar 21 spelers die aan de productie meewerken. En er is live muziek. Het opvallende toneelbeeld van Vasilis Apostolatos bestaat uit acht kisten die aan een kant open gelaten zijn en zo dienst kunnen doen als ark. Omdat iedere buitenzijde een opdruk heeft , kunnen als een puzzel verschillende combinaties worden ‘gelegd’.

Rabarber: ‘De ark van Noach’ (5+). In Theater Merlijn, van zondag 29 april t/m zaterdag 5 mei 2018 (11.00 uur en 13.30 uur). Meer informatie: rabarber.net.