Exploderende bloedbanden

Toneelhuis / Toneelgroep Amsterdam spelen Vergeef ons

In de roman Vergeef ons van A.M. Homes valt rond Thanksgiving het leven van twee broers in duigen. Nu ook op toneel. Regisseur Guy Cassiers zoekt naar mededogen.

Van je familie moet je het hebben – maar wat als je je enige en oudere broer van jongsaf hartgrondig haat?

Alle gelukkige gezinnen lijken op elkaar, elk ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze. Met die beroemde zin opent de Russische schrijver Tolstoi zijn roman ‘Anna Karenina’. Hoe overleef ik mijn familie?, vroeg John Cleese zich eens in een boek af. Een bestseller. Vier op tien Nederlanders hebben het regelmatig gehad met broer- of zuslief, en betreuren het dat ze hun naasten niet voor het uitkiezen hebben. Broers zijn directe concurrenten in alles. Familieruzies zijn eeuwenoud: al in het eerste mensengezin uit de bijbel loopt een ruzie tussen broers gruwelijk uit de hand. Denk Kaîn en Abel, Isaac en Ismaël.

Wat hem in dit kringgesprek heeft gebracht? Harry: ‘Ik ben ontslagen en heb de vrouw van mijn broer geneukt. Toen George thuiskwam heeft hij haar doodgeslagen. Ik woon nu in het huis van mijn broer omdat ie in de bak zit.’

In Vergeef ons probeert een Amerikaanse man van middelbare leeftijd te achterhalen wat zich in het verleden heeft voorgedaan in hun familie – opdat de psychiater in staat wordt gesteld zijn broer beter te helpen. Homes’ verhaal draait om de levens van Harry Silver, een New-Yorkse hoogleraar in geschiedenis met een Nixon-obsessie; en zijn broer George, een rijke tv-bons, getrouwd met Jane, vader van Nate en Ashley.

Familiedrama op toneel. Lars Norén (1944) wás koning van het genre, maar volgens Guy Cassiers, gelauwerd regisseur door heel Europa, steekt de Amerikaanse romancière A. M. Homes (1961), winnaar van de UK Women’s Prize for Fiction 2013, hem aardig naar de kroon. In haar boeken zijn verstoorde familierelaties en de hunkering naar waarlijk contact terugkerende thema’s.

‘We chatten online en worden online ‘Vrienden’ van elkaar, vaak zonder te weten met wie we eigenlijk praten. We neuken met vreemden, zien zo ongeveer alles voor een relatie, voor een band aan. En toch staan we machteloos als we bij onze familie en tussen buurtgenoten zijn.’ Homes is niet alleen hard voor het traditionele gezin, maar ook voor een reeks maatschappelijke instellingen, van politie en ziekenhuizen tot psychiatrie, scholen en de advocatuur. In plaats van opvang en hulp zorgen deze plekken in haar roman voor ongemak en vervreemding. Homes in een toelichting op haar werk: ‘Ik laat personages net niet verzuipen.’

In een coproductie voor Toneelhuis Antwerpen en Toneelgroep Amsterdam heeft Guy Cassiers haar vuistdikke roman May we be forgiven bewerkt tot twee en een half uur toneel met razend veel personages, een snelle opeenvolging van korte hoofdstukken en spitse, directe en brutale dialogen. Bijna als een soap.

“Een rollercoaster,”stelt Cassiers, aan de telefoon vanuit Brussel, waar hij zich op een productie aan het voorbereiden is. “Verscholen frustraties in een vulkaan van emoties en een je-niet-thuis-voelen in de gegeven situatie. En toch is er ook veel humor te ontdekken, want Homes beoogt mededogen. Ze stoffeert haar verhaal daarom met ironische voorvallen. In haar pleidooi voor gemeenschappelijkheid dat Vergeef ons ook is, roept ze zo in feite op tot het aannemen van een groter aandeel in ons leven ten gunste van empathie.”

Uiteindelijk vindt Harry – hier gespeeld door Eelco Smits, die daarvoor is genomineerd voor een Louis d’Or – zich terug als hoofd van een gezin, een nieuw familieverband waarin de jonge kinderen van zijn broer spontaan en feitelijk onwetend van zichzelf de rol van talisman vertolken. Cassiers: “Homes wil op die manier de karakterzwakte die de mens eigen is, een rechtvaardige plek in het bestaan teruggeven, een bestaan dat minder egocentrisch is. Homes creëert een tegenstelling door de roman te situeren tegen de achtergrond van een grootstad, vandaag de dag ‘melting pots’ waar affectie en naastensteun niet meer vanzelfsprekend zijn. De stadsmens verkeert in een identiteitscrisis”.

De soap à la Cassiers speelt zich niet af in een privé­ruimte of een huiskamer met in- en uitlopende personages, maar een open ruimte waar grote televisieschermen domineren, een lichtshow die overdondert en een prominent geluidsdecor. Een decor dat daardoor aandoet als een Amerikaanse basketbalwedstrijd maar net zo goed aan een opnamestudio of een live concert.

Geprojecteerde beelden tonen een cleane en kille wereld van overvloed en consumptie, die aandoen als clichés. Cassiers’ enscenering geeft zo de spanning weer tussen het intieme familieverhaal en een door beeld en geluid gedomineerde wereld. Dat verschaft hem de mogelijkheid op de toneelset een soap te construeren.

Cassiers: “Er zijn 100 scènes, dat versterkt het filmisch karakter van de voorstelling. Ook het boek is opgeknipt in vele hoofdstukjes.”

Is Vergeef ons daarmee een zedenschets over het failliet van de familie als hoeksteen van de samenleving? Cassiers: “We moeten samen op zoek naar andere verbanden dan genetisch bepaalde. Dat kan voor iedereen louterend werken.”

Zaterdag 9 juni 2018, Koninklijke Schouwburg. Met o.a. Eelco Smits, Chris Nietvelt, Jip van den Dool, Katelijne Damen en Steven Van Watermeulen. Meer informatie: hnt.nl en toneelhuis.be. Telefonisch tickets reserveren: 088 356 53 56.

Advertentie

Ketemoe Lagi

Toneelhuis Antwerpen met onpeilbaar diep Bezonken rood

Twaalf jaar al speelt Dirk Roofthooft de monoloog Bezonken rood. Bij een van de vorige keren dat hij het in 1981 vervatte ooggetuigenverslag van Jeroen Brouwers’ verblijf als kleuter in een Jappenkamp speelde, bleef het publiek in de Koninklijke Schouwburg in een beklemmend halfduister in de zaal achter – gedompeld in dik twaalf (!) minuten van ononderbroken achtereen doodstil bijeenzitten.

‘Ketemoe Lagi! ‘, zo wierp kleuter Brouwers zijn moeder steeds op onvervaard olijke toon toe als hij weer eens in een jongetjeskaravaan uit het kamp werd weggevoerd, zonder reden noch te weten waarheen. Vaart allen wel, heb het goed en wees gelukkig! De Indische afscheidsgroet was bestemd voor zijn moeder, die in Batavia dan zonder zoonlief achter bleef. Daarop deden steevast de wildste geruchten de ronde: dat de jongetjes waren afgevoerd naar een ander eiland, of doodgeschoten door de sadistische Jap. Maar steeds opnieuw verscheen de kleine Jeroen na een tijdje aan haar, net als de andere jochies, en mét de onafscheidelijke tropenhelm die sterk drukte op zijn parmantig hooggehouden hoofdje.

Rouwzang
Jappenkamp. Zo luidt de afgemeten benaming voor plaatsen waar burgers of krijgsgevangen militairen gedurende de Japanse bezetting van Nederlands-Indië tussen 1942 en 1945 gedwongen waren te verblijven op last en onder toezicht van het Japanse gezag. Nederlanders werden door de Japanse bezetter als vijandig beschouwd, want staatsburgers van landen waarmee Japan direct in oorlog was. Er was sprake van een harde en wrede behandeling in de kampen, soms met de dood tot gevolg. In 1943 werd de driejarige Brouwers samen met zijn zusje, moeder en grootmoeder opgesloten in het Japanse vrouwenkamp in het huidige Jakarta. De schrijver vertelt in ‘Bezonken rood’ hoe in het kamp de relatie tot zijn moeder voor de rest van zijn leven werd beschadigd, letterlijk kapotgemaakt werd en zich zo van haar afstootte. En hoe iedere liefdesrelatie met welke vrouw dan ook voor hem gedoemd is onder die last te bezwijken.
Brouwers schreef Bezonken rood in de weken na de dood van zijn moeder, precies tussen het schaven aan essays over zelfmoord in de Nederlandse literatuur, die verschenen in De laatste deur.
Het is een in onmiskenbaar bevend handschrift gestelde en aangrijpende rouwzang op zijn gestorven moeder, maar ook een traumatische herinnering aan de Jappenkampen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Nog voordat hij kon lezen, wist hij alles omtrent dood.

Donkere kamer
Dit ontzagwekkende en somtijds weerzin opwekkende, maar tegelijkertijd ontroerende verhaal over een onmogelijke herinnering en zijn onvermogen tot vergeten, ensceneerde Guy Cassiers met Dirk Roofthooft in een glansrol. Cassiers: “Het is niet mijn bedoeling geweest om op het toneel een schrijver achter zijn tafel te tonen. We hebben gezocht naar een ándere metafoor. Het decor is daarom een soort van donkere kamer die gehuld is in rood licht, waar beelden uit het verleden getoond worden vanuit het donker. Uit het niet-licht worden de beelden tot ontwikkeling gebracht. Dat is bedoeld als een metafoor voor het werk van de schrijver maar ook voor de werkwijze van een kunstenaar in het algemeen.”
‘Bezonken rood’ is daarmee gebed, litanie, grafgedicht, afscheidsbrief, lofzang, vervloeking, wanhoopskreet en zelfbeklag ineen…  alles in een ontroerende, harde en poëtisch klinkende vertelling.

‘Bezonken rood’ door Toneelhuis Antwerpen is op dinsdag 14 juni 2016 te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: ks.nl en toneelhuis.be. Telefonisch tickets: 0900-3456789.