‘Géén blackface’

Daria Bukvić regisseert Othello bij Het Nationale Theater

Ze maakte de tongen los met Nobody Home (vluchtelingenproblematiek) en Jihad (radicaliserende jongeren). In haar eerste regie bij Het Nationale Theater zet ze haar tanden in Othello. Daarin legt de succesvolle zwarte legeraanvoerder het aan met Desdemona, een mooie witte vrouw van notabele afkomst.

Wat wil je ons met ‘jouw’ Othello laten zien?
“Shakespeare schreef Othello vierhonderd jaar geleden, maar nog altijd is er bij de grote theatergezelschappen geen Othello te zien geweest die draait om wat hij erin beschreef: een zwarte man die succes heeft in een witte wereld. Vier eeuwen is de kerngedachte uit Shakespeare’s stuk moedwillig weggedrukt. Dat is bijna absurdistisch. Kennelijk wordt die inhoud als giftig beschouwd. Ik wil onze witte samenleving een spiegel voorhouden, maar ook de theaterwereld. Er zijn tot nu toe alleen maar schijnbewegingen gemaakt.”

Maakt het uit of Othello wit, zwart dan wel zwartgemaakt is, zoals dat veelvuldig is gebeurd?
“Natuurlijk! Shakespeare beschreef Othello als een Moor met een zwarte huid. Een witte acteur deze rol laten spelen met blackface kan écht niet meer. Maar ik vind een witte acteur die Othello speelt terwijl het racismedebat in ons land hoog oplaait sowieso een zwaktebod. Het is tijd voor Werner Kolf.”

Wat is het sleutelmoment, waar werk je naartoe?
“Dat kan ik nu, terwijl de repetities moeten beginnen, nog niet zeggen. Othello is een well-made play. Natuurlijk komen in de tragedie liefde, jaloezie, ambitie en wraak ook bij mij aan bod. Maar ik ben als regisseur niet zozeer geïnteresseerd in de intrige als wel in de maatschappelijke relevantie van dit stuk. Ik wil het publiek met een tollend hoofd naar buiten sturen.”

Daria Bukvić
… heeft sinds haar afstuderen in 2011 voorstellingen geregisseerd voor verschillende festivals en productiehuizen. In 2014 ging de eerste voorstelling van haar eigen stichting in première: Nobody Home. Daarin ging ze samen met drie acteurs en hun families op zoek naar de wortels van hun en haar eigen vluchtelingenbestaan in Nederland. De voorstelling werd geselecteerd voor het Nederlands Theaterfestival 2015 als een van de beste van dat seizoen. Vervolgens regisseerde ze de jongerenvoorstelling Jihad, over drie vrienden die zich niet meer thuis voelen in Nederland en vertrekken naar het Midden-Oosten om zich aan te sluiten bij jihadisten. In 2016 won ze de Amsterdamprijs voor de Kunst. Daria Bukvić is vanaf 2017 als regisseur aan Het Nationale Theater verbonden.

Othello. Met: Lotte Driessen, Sallie Harmsen, Claire Hordijk, Werner Kolf, Mark Lindeman, Rick Paul van Mulligen, Martijn Nieuwerf en Joris Smit.

Othello gaat in première op zaterdag 3 februari 2018 in de HNT Studio’s. Tournee door het land t/m zaterdag 31 maart 2018.

 

 

Advertenties

Haagse pracht bijeengebracht

‘Den Haag is HOT’ in de Koninklijke Schouwburg

In Den Haag wonen Hagenaars en Hagenezen, staat in de leerboekjes. Beide kampen komen aan het woord op ‘Den haag is HOT’. “We zijn op zoek naar wat bindt in plaats van wat verdeelt.”

Het feest der democratie dat gemeenteraadsverkiezingen gedoopt is, in maart, werpt zijn silhouetten ver vooruit. Er wordt in de stad al lustig gedebatteerd – onder meer door deze krant – en ook Het Nationale Theater doet een duit in het ‘groengeile’ zakje met een verkiezingsavondje in de ingezette reeks ‘… is HOT-avonden’ in de Koninklijke Schouwburg: ‘Den Haag is HOT’.

Een niet-politieke duit evenwel: “We zijn geen politieke instelling” legt kwartiermaker Paul Slangen van de HOT-avonden uit. “We zoeken naar het wezen van Den Haag. We gaan niet in discussie, maar in gesprek.” Het verschil? “In een discussie concentreer je je op jezelf, in een gesprek kijk je naar de ander.”
De verkiezingen vormen de aanleiding voor contouren van toekomstig Den Haag. Slangen: “Een ander, hopelijk nog beter Den Haag.”

Vier opvallende inwoners gaan in gesprek met elkaar, keurig twee aan twee verdeeld over Hagenaars en Hagenezen, de twee bloedgroepen die met en over elkaar graag goedaardige bonje en grappen maken.

Het viertal bestaat uit rasbestuurder en oud-burgervader van Den Haag Wim Deetman en de bruggenbouwende historica Valika Smeulders (‘Den Haag was belangrijker voor de Gouden Eeuw dan Amsterdam’) en anderzijds ondernemer alias behangkoning van Den Haag John van Zweden en ADO-voetballer Tommie Beugelsdijk, dit seizoen negen keer basisspeler en, als verdediger, één doelpunt op zijn naam. Maar net zo belangrijk: hij is maatschappelijk Eredivisiespeler van het jaar door zijn niet-aflatende inzet voor de Stichting Geef Racisme de Rode Kaart en de Daniel Den Hoed Stichting.

Scheidslijn
Aan Beugelsdijk, met 16 jaar aan trouwe groengele clubgeschiedenis een volksheld van vele Hagenezen, is de traditionele scheidslijn tussen Hagenees (veen) of Hagenaar (zand) niet besteed. “Ik zie het verschil niet. Ja, in een bepaalde buurt geboren heet je opeens ‘Hagenees’ of juist ‘Hagenaar’ te zijn. Maar voor mij komt dat allemaal toch op hetzelfde neer,” zegt de profvoetballer van Alles Door Oefening, die Wateringse Veld als geboortegrond (1990) heeft.

“Ik heb altijd in Den Haag gewoond, met eventjes een uitstapje richting Rijswijk en een jaartje Frankfurt (Duitsland) in seizoen 2014-2015 na. In die periode was ik gecontracteerd door FSV. Als jonge jongen kwamen er toen heel wat veranderingen op me af. Daardoor ben ik er maar kort gebleven. Wel merkte ik meteen het verschil met Den Haag. Al was Frankfurt ook prima hoor. Maar ik meet nu eenmaal alles aan Den Haag af, zie alles door een Haagse bril. Hier stap ik, wat er ook gebeurt, altijd blij rond.”

Toekomst
Of hij ook medio volgend jaar inwoner van Den Haag is, kan hij nu niet zeggen. “In de voetballerij kan van dag op dag alles veranderen. Mijn contract bij ADO loopt komende zomer af. Je weet nooit precies wat er dan gaat gebeuren.”

Als toekomstdroom ziet hij in de stad graag meer voorzieningen voor jongeren verrijzen: ”Meer buiten spelen, buiten is er hier weinig te doen. Geen uitgaansgelegenheden zoals cafés of discotenten, maar plekken waar je je fysiek kunt uitleven, waardoor jongeren als het ware achter de verslavende playstation en de mobiel vandaan komen. Meer ruimte voor straatvoetbal bijvoorbeeld.” Ook hoopt hij op een schone, opgeruimde stad. “Een stad zonder criminaliteit, waar respect de boventoon voert.”

Op de vrijdagen 8 en 15 december struint Het Nationale Theater met een camera rond op de Haagse Markt. Kooplui én koopjesjagers kunnen dan hun toekomstwens uitspreken. Op de gespreksavond wordt daarvan een compilatie vertoond. Er is dan ook live ‘zendtijd’ voor alle Haagse politieke partijen, en in de foyer een verkiezingsmarkt. En zo doet de politiek dan toch zijn zegje. Zangeres/actrice Naomi van der Linden, Anastacia Larmonie, de HNT-huisband en acteurs van Het Nationale Theater zorgen voorts voor de nodige muzikale en theatrale omlijsting.

Den Haag is HOT. Maandag 18 december 2017 in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: hnt.nl.

Emotionele extremisten

HNT en Oostpool in Kinderen van Judas van Jeroen De Man

In het leven valt er in uiteenlopende soorten en mate(n) gezellig te griezelen. In boeken, op TV, het filmdoek, de muziek. Maar er is nu ook effectbejag op het aloude toneelpodium.

Met satanisch genoegen zet Jeroen De Man met Kinderen van Judas zijn messcherp gevijlde hoektanden in een fenomeen dat menigeen rillingen bezorgt: dat van de eeuwig levende vampiers. ‘Vampiers bestaan, Punt.’

Secret societys zijn er in overvloed. Dark web, ruige motorclubs, KKK, vrijmetselaars, tempeliers. Heksen, spoken, geesten, zombies en weerwolven. Vampiers zijn evenwel van een andere orde. Bovennatuurlijke buitencategorie. Van een andere dimensie want menselijke ‘ondoden’. Dracula en Nosferatu zijn tot stijliconen uitgegroeid van een grofkorrelige nostalgie. Want tel maar op: vampiers zijn machtig en onsterfelijk, en ze waren aanwezig bij zowat alle heuglijke mensengebeurtenissen die de wereld hebben gevormd tot wat hij nu is – ehh, voor zover ze tenminste ingeroosterd waren.

Intussen heeft een van de vampiers in Kinderen van Judas’er tabak van. Hij is ongelukkig. Een ijzige grafstemming heerst derhalve in uitzichtloos vampierenland. Na millennia van steeds weer richting geven aan de dagen, iedere dag opnieuw, heeft hij het he-le-maal gehad, een burn-out ligt op de loer. Bijna doodverveeld. Slechte PR doet de rest. Net een mens. Doel: Hij wil de wereld zuiveren van poëzie.

Het is voor Jeroen De Man en zijn acteurs, een mix van spelers uit het tableau van Het Nationale Theater en Toneelgroep Oostpool, een dankbare opmaat om tot een exuberant spektakel vol galgenhumor en ‘sick jokes’ over te schakelen, die evenwel verder gaan dan louter gegriezel om gruwelijke griezels.

Nee, hun vampierlandschap is een speeltuin in fluorescerende plastictinten op huiskamerformaat, maar laat ook een mooi ‘memento mori’ zien voor de sterfelijke diersoort die de mens is, kalm uitgesproken door Joris Smit. De tragedie van de mens is immers niet dat hij weet dat hij sterft, maar juist dat de wetenschap dat de laatste deur wijd openstaat voorwaarde om tot handelen over te kunnen gaan. Anders gezegd: In de allerlaatste momenten van het leven beseffen je poriën pas echt dat ze leven.

In Kinderen van Judas wemelt het ondertussen van verwijzingen naar popmuziek (dat met death metal en types als Marilyn Manson en Alice Cooper rijk toebedeeld is), naar filmhistorie (True Blood en Only Lovers Left Alive) en zelfs naar apocalyptische facetten van de bijbel.

De Man tart graag theaterwetten. Dat liet hij bij De warme Winkel al zien. En ook in Ondertussen in Casablanca, zijn veelgeprezen debuut vorig jaar bij HNT / Oostpool, deed hij zulks met genoegen.

Dit keer echter even vaak hilarisch als melig. Een fantasierijke maar gedurfde mislukking die toch vier sterren waard is. Waarom? Wel, De Man haalt het beste in acteurs naar boven, geeft ze hun spelplezier terug. Een lesje in pure levenslust dat overslaat. Maar twee uur aan zuivere speeltijd blijkt wat veel van het goede. Of slechte dan. Dat trekt zelfs een eeuwig levende vampier niet.

Met halloween (met jaar op jaar een recordaantal moorden in de VS) op komst, horrorclowns die aan de orde van de dag zijn en Harvey Weinstein lijken we trouwens allang in een wereld van ondoden beland.

HNT/Oostpool: Kinderen van Judas. Van ma 6 tot en met wo 8 november 2017 en vr 15 en za 16 december 2017 in Theater aan het Spui. Meer informatie: hnt.nl.

Door het vuur gaan

NTjong speelt Griekse klassieker.

Voor haar ouders gaat ze door het vuur. Ifigeneia. Met uiterste consequenties. “Kinderen zijn onmetelijk loyaal.”

De glimlach van een kind, zong Willy Alberti anno 1968 rondborstig, doet je beseffen dat je leeft. Mag zijn, maar Alberti’s oneindige tegeltjeswijsheid ten spijt, ziet Ifigeneia’s vader zich niettemin genoodzaakt het bloed van zijn eigen dochter te offeren. Hoe dan? Zolang wind uitblijft kan koning en opperbevelhebber Agamemnons oorlogsvloot niet uitvaren. En lukt het niet de Trojanen in de pan te hakken, terwijl die toch de vrouw van zijn broer hebben geschaakt. Artemis, godin van beroep, is weliswaar bereid wind op te steken, maar vraagt in ruil daarvoor een offer: zijn lievelingsdochter.

Bedrog, kindermoord en wraak, zoals zo vaak in Griekse klassiekers? “Voor mij,” zo ontkracht regisseur Noël Fischer, moeder van twee kinderen, de veronderstellingen, “staat in deze bewerking oneindige liefde voorop. Namelijk de liefde die ouders koesteren voor hun kinderen, en die andersom nog veel sterker is: kinderen zijn loyaal, onmetelijk loyaal ten aanzien van hun ouders. ‘Ifigeneia Koningskind’ is zeker geen onmenselijk griezelverhaal, eerder een avontuur van een jong meisje met een grote mond maar een lief hart. Ze komt niet om, maar verdwijnt in een windvlaag. Naar het nu vertaald is Ifigeneia Koningskind bijna als een kruising tussen ‘Ronja de Roversdochter’ en ‘The Hunger Games’.”

Sarah Bannier, titelrolspeelster Ifigeneia, schiet in de lach: “Ja, dat snap ik wel.” Al heeft ze ook haar eigen gedachten: “Een oud stuk in een modern jasje. Ifigeneia vindt van zichzelf dat ze niet genoeg verantwoordelijkheid aan de dag legt, ze denkt dat zijzelf of haar gedrag schuldig is aan de schreeuwende ruzies die haar ouders hebben. Ze wordt voor een onmogelijke beslissing gesteld aan de vooravond van een grote oorlog. En ze trekt daaruit de uiterste consequentie voor zichzelf: ze wil alles voor haar ouders oplossen  en zichzelf daarvoor opofferen.”

Opofferingsgezind. Een heldin.”Ze wil de wereld redden.”

Bannier (27) heeft schik in het spelen van een brutaal nest. “Ik leer veel, duik voor deze rol in mijn kinderjaren, mag fel en direct zijn. Het is erg leuk om veel verschillende kleuren te spelen.”

Met Ifigeneia Koningskind (8+) componeerde toneelschrijfster Pauline Mol 26 jaar geleden een meeslepend verhaal over een moedig meisje. Ze vertelde Euripides’ 2400 jaar oude stuk voor het eerst vanuit het perspectief van het kind. ‘Als ik naar het altaar ga ben ik een godin zo belangrijk dat het hele volk jubelt. Mijn leven heeft ineens een betekenis. Ik ben geschiedenis. Onsterfelijk. (…) Alles in een keer opgelost. Want mijn ouders zijn goed en trots op mij. En ik ben hun sterke dochter. Dat is toch ontroerend.’ Het was een van de eerste rigoureuze toneelbewerkingen van een klassieker voor kinderen. De tekst werd recentelijk uitgeroepen tot beste jeugdtheatertekst. “Alleen al van papier of pdf – zó te vinden op internet – gaat die rechtstreeks het hart in,” meent Bannier, bekend van onder meer ‘Minoes’ en het ‘Sinterklaasjournaal’. Fischer stemt knikkend in. “Ik was ook meteen erg gegrepen.”

Hoe lost Fischer, moeder van twee kinderen, thuis echtelijke ruzies zelf op? “Die spreken we apart van de kinderen uit.” Bannier, nog geen kinderen: “Ik ben opgegroeid in een harmonieus gezin, heb nooit wat van ruzie tussen mijn ouders meegekregen.”

Fischer zet voor het eerst haar tanden in een Griekse klassieker. “Zeker, er gebeuren daarin Onvoorstelbaar Grote Dingen. Mensen vragen me waarom ik dit oude verhaal wil opdissen. Maar dat is toch een rare vraag?! Dit verhaal moet blijven verteld worden, net als, bijvoorbeeld, dat over Kaïn en Abel of dat van de Ark van Noach. En dat moet gebeuren in het theater, anders zijn we straks overgeleverd aan de tv. Tere achtplussers? We hadden tijdens de repetities een klas op bezoek. Iedereen van ze was muisstil en alles werd meteen begrepen .” Bannier: “Je moet kinderen niet onderschatten.”

NTjong: ‘Ifigeneia Koningskind’ (8+). Te zien in Theater aan het Spui op vrijdag 6 en zaterdag 7 (première) oktober 2017. Ook op dinsdag 12 en woensdag 13 december 2017.

Diepmenselijk jeugdtheater

NTjong in seizoen 2017-2018

Het theaterseizoen van NTjong – een van de bedrijfsonderdelen van Het Nationale Theater – draait In grote lijnen draait om twee grote producties. Dat zijn Ifigeneia Koningskind en Bloedlink, “naast enkele reprises van bewezen successen en een veelheid aan projecten,” vertelt artistiek directeur Noël Fischer. Het jeugd- en jongerentheatergezelschap trekt land in maar is ook veelvuldig in Den Haag te zien.

In Ifigeneia koningskind (8+) staat koning Agamemnon voor de gruwelijke vraag of hij zijn lievelingsdochter moet offeren om de goden gunstig te stemmen. Als hij dat doet en de goden hem helpen zal hij misschien zijn volk kunnen redden. NTjong neemt als vertrekpunt voor de aloude Griekse klassieker de versie van schrijfster Pauline Mol ter hand. “Het mooie is dat zij het oorlogsverhaal beschrijft vanuit de ogen van het kind Ifigeneia. Mol doet dat in poëtische maar ook aansprekende taal van nu. Er komt ook wat Engels in voor, op de momenten dat Ifigeneia niet mag te weten mag komen wat haar ouders over haar aan het bespreken zijn.”

Voor Fischer, die met deze productie voor het eerst een Griekse tragedie regisseert, is ‘Ifigeneia’ in de eerste plaats een verhaal over loyaliteit. “Een kind is immens loyaal aan familie, probeert iedereen bij elkaar te houden. ‘Ifigeneia’ is voor mij dan ook een diepmenselijke vertelling waarin ook veel plaats is humor en waarin ook lichtheid voorkomt.”

‘Ifigeneia’ vormt met de ‘Oresteia’ die Theu Boermans dit seizoen bij Het Nationale Theater gaat maken, en met ‘The Nation’ van Eric de Vroedt een driehoek. “De eerste twee zijn overgeleverd uit de oudste theatergeschiedenis, terwijl De Vroedt onze huidige tijd fileert.”

In de hoofdrollen van Ifigeneia Koninsgkind zien we Jaap Spijkers in de hoednaigheid van koor (rei) en verteller, en Sallie Harmsen als Klytamnestra. Sarah Bannier, bekend als de lievelingspiet van Sint, speelt Ifigeneia.

Dat is meteen een mooi bruggetje naar de reprise van ‘Klaas’ (5+). “We kregen veel verzoeken om dit nostalgische stuk rond de muts van de Sint weer te spelen,” legt Fischer uit.

De andere grote productie is voor NTjong Bloedlink, een stuk voor veertienplussers waarin een docente haar leerlingen het nodige aan cultuur wil bijbrengen. Als uit de rugzak van een van haar pupillen een wapen te voorschijn komt, ontaardt de les in een gijzeling. “Klinkt zwaar”, geeft Fischer toe, “maar het onderliggende thema is waarom kinderen verplicht moeten leren wat ze voorgeschoteld krijgen. We maken deze voorstelling samen met DOX, en de regie is van Casper Vandeputte.”

Als seizoensopening wordt de voorstelling In mijn hoofd ben ik een dun meisje hernomen. “Die was vorig seizoen vaak uitverkocht, zo hoorde ik mopperen. Nu krijgen ze dus een nieuwe kans.”

hnt.nl

‘Live is de nieuwe luxe’

Het Nationale Theater deelt cadeautjes uit aan de stad

Cees Debets van Het Nationale Theater buitelt over zijn woorden. “Ik heb maar één kans om het seizoen feestelijk af te trappen. September is onze eigen feestmaand. We laten dan het mooiste van het afgelopen jaar zien. De hele stad is uitgenodigd.”

De voorbije maanden zag Het Nationale Theater (HNT) de zeilen bollen: nominaties voor de beste acteurs, vijfsterrenrecensies, gastoptredens in het Holland Festival en uitverkoren voor het Theaterfestival. Tel daarbij op de zalen die niet alleen hier ter stede mudjevol zaten, maar ook bij tourneevoorstellingen in den lande. Het kan beroerder voor een organisatie die net op gang is gebracht.

Want officieel zag de kernfusie van Koninklijke Schouwburg (KS), het Nationale Toneel, NTjong en Theater aan het Spui HNT pas op 1 januari het levenslicht. Het is het seizoen waarin hardop uitgesproken toekomstdromen waargemaakt moeten worden.

Eigen producties
Het Nationale Theater trapt af door veel van het succesvolle snoepgoed van vorig seizoen terug te brengen op de planken in Den Haag. “Ik ga er gewoonweg van stuiteren,” zegt Cees Debets, directeur programmering. “Zóveel topvoorstellingen alleen al in de eerste paar weken… Het gaat zinderen.”

Successen komen dus terug, te beginnen met enkele eigen HNT-producties, zoals Het verzamelde werk van Shakespeare (ingekort), dat vorig seizoen al een paar keer als try out te zien was en toen fantastische reacties teweegbracht. “Geknipt voor beginners, en voor kenners een feest der herkenning,” zegt Debets. Het stuk gaat nu officieel in première, en nog wel onder de schuimkragen van een eigen biertje: het in Scheveningen gebrouwen ‘Shakesbeer’. Debets: “Dat is zo’n cadeautje aan de stad.”

Ook RACE komt terug, het stand-up advocatenstuk over racisme, dat door het Theaterfestival (Amsterdam én pendant Brussel) wordt beschouwd als een van de belangwekkende voorstellingen van vorig seizoen. Voor haar rol in RACE werd HNT-actrice Romana Vrede genomineerd voor beste actrice, de Theo d’Or.

In de openingsmaand keert De Troje Trilogie terug op het programma, met liefst twee gegadigden voor een toneelprijs in de gelederen: Janneke Remmers (Theo d’Or) en Keja Klaasje Kwestro (Colombina). En dat in een stuk dat de Publieksprijs 2016-2017 van Theater aan het Spui in de wacht sleepte. Ook staat vanuit vorig seizoen Moeders en Zonen met onder meer Anne-Wil Blankers en Paul de Leeuw en Medea van Toneelgroep Amsterdam geprogrammeerd.

Verder komt het bekroonde Svizdal van Berlin naar Den Haag, een 3D-performance en portret ineen van een koppig koppel dat vastbesloten is in Tsjernobyl te overleven. Wunderbaum licht de doopceel van onze macaroni-etende, Zuid-Europese vrienden in Wie is de echte Italiaan?, dat een ‘Italo-disco’ heet te zijn. Verderop in het seizoen leggen de Wunderbaumpjes opnieuw aan voor een vermakelijk verslag van een cruise-trip: ‘Superleuk, maar voortaan zonder mij.’

Uiteraard is ook Firma MES van de partij. Dat doet een duit in het herhaalzakje met het urgente ‘Rishi’. Ook is ruimte gevonden voor de metamodernistische manifestatie ‘Untitled’ van Nineties Productions, die in de Electriciteitsfabriek wordt gepresenteerd.

Niet te missen is in de openingsmaand de reprise van ‘In mijn hoofd ben ik een dun meisje’ van NTjong, het jeugd- en jongerentheatergezelschap van HNT (zie ook elders). Tel daarbij op de locatieproductie Old Gangsters Never Die van The Young Gangsters, en bij voorbaat ligt een topmaand in het verschiet. “Bewezen goed,” noemt Debets de gemaakte keuzes.

Uitersten
En dan hebben we het nog niet gehad over het vervolg van The Nation. Het stuk van Eric de Vroedt verraste op het voorbije Holland Festival en werd daarbij overladen met recensiesterren. Hagenaars hadden dat van tevoren al wel gedacht, want zij hadden de afzonderlijke drie delen al eens in eigen stad gezien.

De compilatie van de drie delen wordt in september in Den Haag nog drie keer gespeeld. Daarna waagt De Vroedt zich aan de vervolgdelen vier tot en met zes. Begin november moet alles culmineren in een theatermarathon, als onder het genot van een diner alle delen op één avond gespeeld worden.

Voor Het Nationale Theater wordt 2017-2018 in zekere zin een seizoen van uitersten. Debets: “Want we leggen het superactuele van The Nation naast Oresteia.” De 2500 jaar (!) oude trilogie van Aeschylos, de ‘vader’ van het Griekse drama, is zowat het oudst bewaard gebleven stuk uit de westerse theatergeschiedenis. Debets: “Het Nationale Theater brengt elk seizoen een klassieker uit de toneelgeschiedenis. En dit is dé oertekst.”

Het familiedrama laat een keten van moorden zien, met bloedwraak als voornaamste ingrediënt – totdat de goden ingrijpen. Debets spreekt van een radicale bewerking met de wereld anno nu als uitgangspunt, van HNT-directeur producties en regisseur Theu Boermans. “Met dit stuk heeft hij bijna een gedachte-experiment voor ogen: Hoe ziet de wereld er over vijf of tien jaar uit?” Boermans situeert het drama daartoe in een omgeving waarin een ‘clash of civilizations’ tussen Oost en West definitief gestreden is. Vervolgens laat hij zien wat er gebeurt als een vrouw in verzet komt tegen deze barbarij.

”Door de Oresteia en The Nation naast elkaar, tegenover elkaar of dan weer in elkaars verlengde te plaatsen,” zegt Debets, “kunnen we onszelf en onze bezoekers de volgende prangende vraag voorleggen: hoe willen we onze samenleving inrichten.”

De Oresteia wordt bij HNT een groot gemonteerde productie. En hij onthult nóg een cadeautje: “Hans Croiset, genomineerd voor een Louis d’Or, ‘grand père’ van het klassieke repertoire, gaat meespelen in deze productie.”

En, om maar een idee te geven van onze bandbreedte in dit seizoen,” zegt Debets, Ifigeneia Koningskind van NTjong, dat in oktober uitkomt, schetst wat er in werkelijkheid aan ‘Oresteia’ voorafging.”

Racisme
‘Ik wil het gewoonweg hebben over racisme’, zo vertelde Daria Bukvić aan Debets toen hij haar vroeg waarom zij juist ‘Othello’ wilde doen. Haar opmerking is gewettigd, en niet alleen omdat er deze zomer zoveel te doen was in Charlottesville: De Moorse legeraanvoerder Othello staat onder Romeinse bestuur en raakt tot over zijn oren verliefd op een wit meisje van hoge komaf.

“Shakespeares tekst wordt bij ons bewerkt door Esther Duysker, een schrijfster met Surinaamse wortels.” Bij HNT wordt Othello gespeeld door Werner Kolf, een zwarte acteur. Hij is onder meer bekend van RACE.

Debets: “In de theatergeschiedenis hangt aldoor deze vraag rond dit stuk: Laat je de rol van Othello spelen door een witte acteur die zwart geschminkt is, of door een zwarte acteur?” Bukvić, geboren in Tuzla (Bosnië-Herzegovina) maakte eerder de voorstelling Jihad en Nobody Home, en was onder meer regie-assistent bij ‘RACE’.

“Het is de eerste productie die zij voor ons maakt,” licht Debets toe. Aan het eind van het seizoen gaat ze nogmaals aan de bak bij HNT, dan met Melk & Dadels, geïnspireerd op het verhalen- en receptenboek Melk & Dadels – 100 geheime recepten voor Marokkaanse moeders. Debets: “En die voorstelling gaat niet toevallig in première op Moederdag.”

Verder is natuurlijk ook Jeroen De Man van de partij bij HNT. Vorig jaar verbaasde hij met Ondertussen in Casablanca. Dit jaar zet hij zijn tanden onder meer in Ondine, dat in de taal van HNT een ‘romantisch watersprookje’ heet, over de gelijknamige nimf. Voor De Man is het zijn regiedebuut in de grote zaal. Hij maakt ook in het najaar Kinderen van Judas met onder anderen Joris Smit en Betty Schuurman over vampieren.

Divers
Een programmering die zo divers is als de stad, dat is het oogmerk. “We tonen een dwarsdoorsnede van het beste toneel en theater dat Nederland momenteel rijk is, we hebben de ambitie een ‘toneelhuis’ te zijn.”

Al blijft ook veel bij het vertrouwde. “De KS blijft een plek voor opera en cabaret, en Theater aan het Spui ook voor dans.” Op beide plekken komen jeugdtheater- en familievoorstellingen aan bod en festivals, met onder meer Todays Art en De Betovering die openen in de KS.” De voorstellingen in KS en Theater aan het Spui gaan vaak vergezeld van omlijstende programma’s, “van HOT-avonden tot recensies leren schrijven of vooraf soep eten. We blijven verschillende smaken bedienen.”

Het vervult Debets vooral van trots ‘dat we trouw zijn aan onze partners.’ “Zoals Opera2Day, dat Hamlet gaat uitbrengen. Dat we kanjers als Paul van Vliet opnieuw welkom gaan heten. En dat we theatercolleges hebben, met in het komende seizoen onder meer fotograaf Hans Aarsman, Nobelprijs-winnaar Ben Feringa en generaal buiten dienst Peter van Uhm.” Het zijn avonden voor mensen die verdieping zoeken, aan de hand van wat hij ‘uit de hand gelopen Powerpoint-presentaties’ noemt.

Trots is hij ook op Nasrdin Dchar, die opnieuw met Dad langskomt. “Zeven jaar geleden begon hij in de foyer van Theater aan het Spui door een monoloog, bijna voor de vuist weg, af te steken.” Inmiddels heeft hij een ‘fokking Gouden Kalf’ (aldus Dchar) in bezit. Dad is na drie keer een uitverkocht huis in Theater aan het Spui nu in de KS te zien. “Een applaus steeg op uit het publiek toen ik dat als spreekstalmeester in Theater aan het Spui bekendmaakte.”

Hij is blij met jonge gasten die nu op doorbreken staan. “Zoals ook de jonge makers van Orkater en een theatermaker als Jakop Ahlbom bijvoorbeeld. Niemand weet het, maar de laatste had de afgelopen zomer in Londen met ‘Horror’ drie weken op rij een uitverkochte zaal.”

HNT maakt zo in ieder geval waar wat het zich voornam: dat het makers én publiek meeneemt naar die plek die het beste past. Van vlakkevloerzaal naar lijsttoneel. Of andersom. “Maar ook door jonge makers de kans te geven uit de lijst te breken.”

Met vijf zalen plus de studio’s van het HNT-gebouw heeft Debets liefst zeven zalen ter beschikking – en dus steeds het meest geschiktste podium voorhanden voor welke voorstelling dan ook. Of het nu gaat om ingekochte of zelfgemaakte producties.: “Theatergroepen waaraan we ons hart hebben verpand en die vroeger exclusief verbonden waren aan de KS of Theater aan het Spui, krijgen voortaan de ideale zaal tot hun beschikking.

Zo kunnen bezoekers optimaal van hun favoriete theatergroepen, acteurs of regisseurs genieten en met ze meegroeien. We willen mensen verleiden uit hun huis te komen en collega-bezoekers te ontmoeten. We willen ze raken met kunst en cultuur, onder het genot en de wetenschap dat alles live onder hun ogen wordt toebereid. Live is de nieuwe luxe.”

Meer informatie: hnt.nl

 

Een verenpak voor iedereen

Mini-compendium voor succesvol Paradebezoek

Op één enkele dag kun je er uitersten beleven. Van ontroering, verrassing, verdriet en geluk tot verliefdheid, ontrouw en verleiding. Zie dat maar eens te weerstaan, te doorstaan of soms: te verstouwen. De Parade is ‘back in town’.

Zweven is leven. Zegt De Parade. Stadsparken worden omgetoverd tot pittoreske culturele dorpjes. Je kunt er op goed geluk al lummelend of huppelend de spiegeltenten langs, bij avond of bij dag. Je kunt ook van tevoren een blokkenschema opstellen met de optredens en theatervoorstellingen die je per se niet wilt missen en de kaartjes vooraf ‘thuisprinten’. Al heb je in dat geval wellicht drie festivaldagen nodig, want het programma verschilt van dag tot dag.

Hoe dan ook: rosénippend, bierslempend of de keel smerend met eerlijk water: het is er goed toeven, ook al zou het regenen. En omdat er heel wat hippe eettentjes het festivalterrein omringen.

Op de kermis van de Parade vind je artiesten, noem ze kermisklanten. Ze zijn op doorreis, van Rotterdam via Den Haag naar Utrecht en eindpunt Amsterdam. In Den Haag is het Westbroekpark de vaste pleisterplaats. Net als voorgaande jaren onder het leiderschap van directeur/programmeur Nicole van Vessum voeren theater en muziek de boventoon in een mix van oud & vertrouwd en jong & veelbelovend. Ook is er weer een Kinderparade. Den Haag Centraal trok de teenslippers aan en doet verslag van enkele do’s en don’ts van dit jaar.

Theater
Fluisterstil hoeven de optredens op de Parade allang niet meer te zijn want de tijdslots zijn zó verdeeld dat de programma’s in belendende tenten afgelopen zijn of pas een uur later weer van start gaan. Ook is er niet veel geluidhinder van de parademakers die hun koopwaar aanprijzen of van de attracties elders op het terrein. Dat is trouwens minder belangrijk geworden, want puur teksttoneel zie je er niet of nauwelijks, op de Parade gaat theater hand in hand met een knipoog en met het nodige aan muziek.

Zoals in ‘Paradijsvogel’ van vaste Parade-klant Toneelgroep Oostpool, een aanrader. De theatertrip van gevleugelde vriend Rick Paul van Mulligen, geregisseerd door Alex Klaasen, geeft een kruising te zien: Freddy Mercury meets Wim Sonneveld. Volgens hem zijn er twee soorten paradijsvogels: monogame en polygame. De monogame is grijs van kleur, die vliegt toch niet meer uit. De polygame is uitbundig gekleurd want die moet van zijn genen steeds opnieuw scoren.

Maar Van Mulligen rekent buiten de waard want hij vergeet zichzelf: een hitsige, kleurrijke ondersoort. Hij poetst zijn veren op en etaleert ze in al hun pracht en praal aan ons, grijze muizen. In een gelikte retestrakke lokroep kietelt hij, beledigt hij met vuige genoegens, spuit hij vunzigheden gezellig in het rond, spuit hij wellustige woordenbraaksels en bijna-literaire spermatozoa in het rond, en spuwt hij vuur als ware hij een sissende krater. De glimpen van kwetsbaarheid die daar tijdens zijn spreekbeurt doorheen craqueleren maken hem nog mooier. De exuberantie is omlijst met live muziek van Jan en Keez Groenteman. Van die twee zijn ook de aanlokkelijke liedjes die Van Mulligen met veel gevoel voor show en pathos zingt. Een performance om van te watertanden. Dat vermoeden bestond al wel bij bezoekers van de voorstelling De zender van Het Nationale Toneel, waar hij vorig jaar immers flink huishield.

Bijna diametraal daartegenover staat ‘Sombersongs’ van Mugmetdegoudentand / De Tolhuistuin, al tappen ook zij uit het vaatje van theater met muziek. Zingend actrice Meral Polat heeft er een ontmoeting met de Amerikaanse Baby Dee. Hoe somber wil je het hebben, hoe somber kan het worden, met die aanprijzing word je de voorstelling ingelokt. Dee woont sinds een aantal jaren in Zeeland. Eerst dacht ze daar ongegeneerd hard te gaan musiceren, maar het liep anders. “Het is hier zo lekker rustig dat ik ben gestild.’ Op een goed liedje kun je drijven, vindt ze, en bewerkte daarom haar rauwe en heftige nummers tot ballades. Songs die volgens Dee pas gaan vliegen als zangeres Meral Polat ze zingt. Samen bezingen ze in hun muzikale ontmoeting ‘the belonging in a world where dark is allowed’, met Dee die beurtelings begeleidt op harp en accordeon – en ten slotte ook zelf zingt. Prachtige songs, al even prachtig gezongen door Polat – ik werd er in ieder geval goed somber van.

Maar het is niet alleen sombermans gemoed dat de klok slaat: er klinkt hoop door omdat aan het einde de dag zich theatraal laat aankondigen. De ravissante verschijning van Polat, die al eens door het land toerde met het muziekprogramma Meral’s Harem, doet de rest. Doen dus, al bestaat er enig risico op nachtschade.

Op papier veelbelovend, maar niet met eigen ogen gezien: Theater Utrecht met ‘Als je in Brabant een begrafenis plant tijdens carnaval komt er niemand’. Jan Rot en Edda Barends blazen de fameuze voorstelling uit 1982 van Joop Admiraal over zijn demente moeder nieuw leven in: ‘U bent mijn moeder’. Verder is de Theatertroep present met ‘Vaudeville’, een smeuïge ‘potpourri van smerige, grensoverschrijdende en schadelijke scènes voor iedereen’. Ten slotte kun je geheel en al mee De Afgrond in, want het zestigjarige (!) Roodkapje zaak gaat maken van haar opgelopen trauma.

Dans
Een ‘niet doen’ is iET & Davide Bellotta in samenwerking met Conny Janssen Danst. Onder voortdurend ijle gitaarklanken en het net zo ijle stemgeluid van multi-instrumentalist, vocalist en songwriter iET maakte choreograaf en filmmaker Bellotta een voorstelling rond iET’s album Clarity.

Wat we op de Parade te zien krijgen is een plichtmatig aandoend duet dat de loodzware muziek geen meerwaarde verschaft. Zelfs met de videobeelden erbij lukt het niet om zogezegd een snaar te raken, en vooral geen gevoelige. Mocht je toch dans willen zien, probeer dan eens op goed geluk de dansinstallatie ‘OK Future’ van Connor & Lucy.

Muziek
Op muziekgebied gaat de aandacht dit jaar vooral uit naar Ellen ten Damme. Ze bezingt in ‘Je veux l’amour’ het Franse chanson in velerlei toonaarden. Ze laat het genre naar hartenlust herleven. Haar optreden in de Reizende Schouwburg wisselt ze af met eigen nummers. Een ‘do’, want podiumdier-bij-uitstek Ten Damme is als altijd bekoorlijk en attractief, zeker nu ze na ‘Berlijn’ haar rolkoffer vol Franse melancholie heeft gestopt.

Buiten Ten Damme zijn er Alex Klaasen & Henry van Loon featuring De Groentebroers, die voor het laatst met H.E.A.R. hun opwachting op de Parade maken. En niet te vergeten: ‘The Chet Baker Room’ met Marijn Brouwers, Hermine Deurloo, Anne Soldaat en Reyer Zwart. Mooie jazzklassiekers ingebed in een eerbetoon aan de zingende jazztrompettist die dertig jaar geleden uit een hotelraam in Amsterdam kukelde en daarbij het leven liet.

De Haagse connectie
Zaal 4 is op de Parade het verlengstuk van Zaal 3, op zichzelf een loot aan de boom van Het Nationale Theater. Daar fileren De Poezieboys (Joep Hendrikx en Jos Nargy) de dichter Brodsky, nadat ze vorig jaar Ginsbergs werk al eens afgraasden. Ze vieren hun haat-liefdeverhouding tot hem – en al doende tot elkaar.

In Zaal 4 ook Niko, de band die is geformeerd rond Nik van den Berg. Daar wordt energiek met rockmuziek gesmeten in een performance voor volwassenen en apart eentje voor de Kinderparade. Met daarin de nu al onsterfelijke ballade Mayonaise.

Zaal 4 is ook het domicilie van Loek & Yela die in ‘The very tired girl’ bekende maar doodvermoeide vrouwen aan het einde van een dag portretteren. Een bijzonder project is ‘Echte Matties’ van Studio Vrijgewillig, een initiatief van Den Haag Doet en Het Nationale Theater. De voorstelling laat zien hoe mensen met verschillende achtergronden elkaar inspireren. Mooi maat(jes)werk.

Haags is ook De Stimulerende Samenstelling in de MINItwee, gesitueerd rond de Theatertoren. De welhaast overkokende Djuna Couvée geeft in ‘100  ̐C’ in welgeteld tien minuten survivaltips: hoe te handelen bij paniekaanvallen.

Samen met Yannick van de Velde speelt Ton van Kalmthout de voorstelling ‘Wachstumsschmerzen’. Het duo, bekend van de populaire televisieserie ‘Rundfunk‘, gebruikt de voorstellingen van een half uur ter voorbereiding op hun avondvullende programma.

Parademuseum
Vorig jaar lanceerde de Parade het Parademuseum. Beeldende kunst in optima forma. Was toen het Nederlands Fotomuseum aan zet met een installatie rond Ed van der Elsken, nu is dat museum De Fundatie, dat er met de video-installatie ‘Shades of Silence’ een schep bovenop doet.

Maakster Elise van der Linden, talent van het jaar, laat er vier video-animaties zien, waarvan er een speciaal is gemaakt voor de Parade. Groei, verval en eeuwigheid. Je dwaalt er door haar wereld van eindeloze landschappen en architecturale scheppingen. Een reis door een imaginaire wereld. Fascinerend. Doen!

Faits divers
Nieuw is ‘Carcheologie’, een monument voor de (embryonale) staat en het wezen van de automobiel in een heuse graansilo.

In ‘Boekentherapie’ van Literaire Salon Parade kunnen boekenliefhebbers hun hart ophalen. Bekende schrijvers vertellen over de heilzame werking van de letteren.

Kees en Eddie zijn natuurlijk weer present, dit jaar met Rogier aan hun zijde. Tot besluit zijn er, als ieder jaar, weer de vertrouwde vaste acts die houvast bieden als je het even niet meer weet: de Silent Disco of de Levende Jukebox bijvoorbeeld.

Mocht dat alles niet baten, dan kun je je nog altijd tipsy en wel onderdompelen bij de Haute Friture, Hotmamahot, Soul Food of Wild van Wild. Op de Parade kun je het buikje weldadig vullen, weer of geen weer.