Het takje buigen als het nog jong is

Koninklijk Conservatorium presenteert Eindvoorstellingen en Jong Zomerfestival

Het Koninklijk Conservatorium is internationaal ‘top’ en zet vol overtuiging koers naar de toekomst. Met het oog op het in aanbouw zijnde OCC aan het Spui klinkt dat als muziek in oren en ogen. Van ‘klassieke dans’ tot wat ‘modern’ heet, en van jazz en strijkersklas tot elektronisch.

“Mijn leraar op de amateurschool had me gezegd dat dit misschien wel iets voor mij was. Maar eigenlijk ging ik alleen voor de lol eens een kijkje nemen.” Hester Seelen (18) vertelt hoe ze op haar twaalfde, na het doen van de nodige audities, van start mocht gaan op het Koninklijk Conservatorium. “Ik weet nog goed dat ik hier werd aangenomen,” zegt de student aan de Dansvakopleiding van het Koninklijk Conservatorium (KC). Ze herinnert zich: “Ik voelde me toen heel bijzonder.”

Eerst moest ze op niveau zien te komen, vertelt ze over haar toenmalige, onwennige en allereerste passen van alweer zes jaar geleden bij het internationaal vermaarde dansinstituut ‘want de meesten beginnen jonger’. Komende week schittert ze tussen andere toekomstige collega-toppers in drie stukken: de beroemde pas de six uit het klassieke ‘Don Quichot’ van Marius Petipa, in de moderne choreografie ‘I’ve been kissed’ van Maurice Causey en een groepsbreed werk van KC-docente Katarina Wester. Dat zijn er momenteel 105, in leeftijd zich bewegend ergens tussen 10 en 20 jaar. Een veelzijdig programma onder begeleiding van live muziek, en een staalkaart van de opleiding, met klassiek ballet, modern, flamenco, caractère en (nieuw) repertoire van internationale choreografen. Vrijdag gaat het van start. “We willen met dit programma de breedte van onze opleiding laten zien,” zegt Jan Linkens, directeur van de Dansvakopleiding van het KC, over de jaarlijkse serie ‘Eindvoorstellingen’. Met die presentatie wordt het lopende schooljaar afgesloten in de inpandige Kees van Baarenzaal. “Van deze programma’s doen we er verschillende in ieder schooljaar. Ze vormen zijn de basis voor een bestaan als professioneel danser. Ze krijgen geen beoordeling. Het zijn geen examens. Maar wel is het belangrijk dat ze controle over hun spieren oefenen. In de klas kan alles lukken, maar dat moet ook ten overstaan van een volle zaal, voor publiek.”

“Waar ik nog in moet investeren, ” zegt Hester Seelen, “is om sneller over mijn onzekerheid heen te stappen. In het begin was ik weleens bang, nu niet meer zo. Techniek? Da’s altijd een punt, daar moet je aan blijven werken en schaven. Maar voor mij gaat het meer om het tonen van durf en expressie.”

Volgend jaar hoopt ze stage te kunnen lopen bij Nederlands Dans Theater, dat een samenwerkingsverband heeft met het KC. “Dat zal nog niet meevallen,” denkt ze, “want concurrentie ligt moordend op de loer. Een plaatsje bij, bijvoorbeeld, Scapino Ballet Rotterdam zou ook al geweldig zijn.”

Jong KC Zomerfestival
“Ons Zomerfestival is het slotstuk van ons afdelingsjaar, al onze leerlingen doen eraan mee,” vertelt Thomas Herrmann, hoofd ‘Jong KC Muziek’ aan het KC. Op de School voor Jong Talent van het KC wordt het schooljaar vanouds afgesloten met het ‘Jong KC Zomerfestival’ in de Arnold Schönbergzaal van het KC: een intensieve projectweek die maandag van start gaat en koorzang, kamermuziek, workshops en concerten verbindt. “We willen ze uit hun comfortzone halen, door ze verplicht te laten zingen of bijvoorbeeld een cursus djembé of aikido te laten volgen,” vertelt hij.

Vrijdag 19 juli is het hoogtepunt van de reeks KC Zomerfestival-concerten als voor een marathonavond achtereenvolgens liefst 23 ensembles uit eigen gelederen aantreden. Maar ook in de dagen ervoor zijn er tal van concerten, bijvoorbeeld van het Atheneum Kamerorkest (AKO) en van de AKO-Junior Strijkersklas, met leerlingen in de basisschoolleeftijd. Belangrijk is ook de Compositieprijs voor jonge componisten die hebben deelgenomen aan het jaarlijks compositiefestijn van het Nederlands Blazers Ensemble. Herrmann: “De winnaars daarvan maken een compositie voor het New European Ensemble uit Den Haag. Deze nieuwe composities worden dinsdag uitgevoerd.” Ook niet te missen: het bijzondere en gevarieerde concert, donderdag 18 juli, door het Atheneum Blazers Consort en Jong KC Jazz.

Koninklijk Conservatorium, ‘Eindvoorstellingen’ en ‘Jong KC Zomerfestival’, vrijdag 12 t/m vrijdag 19 juli 2019. Meer informatie: www.koncon.nl.

‘Volle bak’ voor OCC

Het Onderwijs- en Cultuurcomplex (OCC) staat in de steigers

“Het beton en staal is geregeld,” vertelt Reefhuis. “En het ontwerp is inmiddels gereed. De grootste uitdaging is nu om na de constructie in anderhalf jaar de afbouw te realiseren.”

Het regende pijpenstelen verleden zaterdagochtend, op de Dag van de Bouw. Als onderdeel van de festiviteiten mocht iedereen die dat wou een eerste glimp opvangen van het inwendige van het OCC-complex, het kunsthuis-in-wording voor Nederlands Dans Theater, het Residentie Orkest, het Koninklijk Conservatorium en aan de erfopvolger van het Zuiderstrandtheater. Toch liep het storm. Met naar schatting vijftienhonderd belangstellenden was de eerste ‘volle bak’ nu al, ruim twee jaar voor de opening, een feit.

In de ingewanden was het waarachtig een doorwaadplaats naar de heiligdommen die het publiek straks in vervoering moeten brengen. Kaplaarzen waren nog net niet nodig. En nou ja: binnen… ? Het Onderwijs- en Cultuurcentrum (OCC) aan het Spui heeft dan wel het hoogste punt in de bouw bereikt en hier en daar zit er al dakbedekking op, maar voor het overige is het nog vooral een betonnen staketsel waar water weliswaar geen vrij spel meer heeft, maar de elementen nog altijd behoorlijk greep hebben. Twee van de straks vier presentatiezalen die het complex straks rijk is, staan al behoorlijk in de steigers. Reefhuis: “Het ontwerp is inmiddels gereed. De grootste uitdaging is nu om na de constructie in anderhalf jaar de afbouw te realiseren.”

De theaterzaal op de begane grond is in de toekomst vooral in gebruik bij het Nederlands Dans Theater. In wat de tribune van de zaal gaat worden, staan nu enorme steigerpartijen opgesteld, maar daarbovenop en om de zalen heen gebeurt op dit moment al van alles, vertelt Reefhuis. “De ruwbouw is af. Er zit inmiddels een dak op de zalen. Het dak is geschilderd, en we gaan straks al aan de omloopvloeren beginnen. Stiekem zit in de zalen nu al veel meer ingebouwd dan je denkt. Deze week worden de lichtbruggen, waaraan straks een groot deel van de toneelverlichting komt te hangen zoals schijnwerpers en spots, aan het plafond bevestigd en worden kabels en leidingen getrokken.” Vanaf het podiumgedeelte dat betreden mocht worden, oogt de zaal klein, maar herbergt die straks wel 1500 zitplaatsen.

Een beeldender aanblik dan de momenteel nog rudimentaire theaterzaal biedt de concertzaal, hemelsbreed op zo’n vijftig meter afstand maar wel twaalf meter de hoogte in. Daar omringen stalen binten van wat de balkonringen worden, nu al de hele zaal. Afhankelijk van de gekozen zaalopstelling, want die kan variëren, er straks maximaal 2500 bezoekers in.

De liefst veertig (!) centimeter dikke zaalmuren zijn aangebracht ten behoeve van akoestische ontkoppeling, net als de massieve trillingsblokken waarop de beide gebouwen rusten. Beide zalen zijn bovendien ‘zwevend’ gebouwd, als een doos in een doos, zodat geen akoestische ‘overspraak’ van de ene naar de andere ruimte kan optreden.

Op sommige plekken zijn al de gietijzeren trappen afgemonteerd, nu nog gehuld in plastic, teneinde mogelijke beschadigingen voor te zijn. En op de hoek van Turfmarkt en Spui is voor een groot deel een glazen gevelwand al aangebracht, die doet denken aan de glaspartij van toen van de voormalige Anton Philipszaal.

Pas ergens ver in 2021 wordt het OCC bespeeld zoals het allengs bedoeld is: met concerten en theatervoorstellingen. Er waren zaterdag alvast de eerste optredens. “Er is nagedacht over de duurzaamheid van het gebouw,” zo weet de presentatrice van het ‘zaalprogramma’. “Hemelwater wordt straks gebruikt om de toiletten door te spoelen en er komen aan de buitenzijde plekken voor vleermuizen.”

Ondertussen vinden in de top van enkele van de organisaties die het OCC (een nieuwe naam wordt na deze zomer bekendgemaakt) gaan bespelen, nogal wat wisselingen plaats. Paul Lightfoot treedt als artistiek directeur binnenkort terug en zijn algemeen directeur hangt eind deze maand de spitzen annex sokjes aan de wilgen.

Bij het Residentie Orkest is de zakelijke leiding al jaren een doorgangsplaats.

En wat het Zuiderstrandtheater betreft heeft Henk Scholten onverhoopt zijn pensionering een halfjaar uitgesteld omdat er geen geschikte opvolger kon worden gevonden. Naar verluidt zou de beoogde kandidaat zich hebben teruggetrokken omdat verhuizing naar de Residentie een vereiste voor de functie is.

Tekenend voor de matte stemming was dat van de top zaterdag niemand aanwezig was, althans niet toen dit werd opgetekend. Scholten zat zaterdag rustig in Italië, waar hij een woning gaat betrekken.

Het is te hopen dat de OCC-kar snel wordt vlotgetrokken, want de programmering moet dezer weken voor een groot deel rondkomen – anders mist Den Haag bij voorbaat de toppers van buiten de eigen stadsgrenzen.

Op losse schroeven

Pierre Bokma, Olga Zuiderhoek, Katrien Baerts e.a. in ode aan Misha Mengelberg

Een boer, een boerin, een bijenmeisje (Katrien Baerts, sopraan) als sirene. En zes koeien, te weten weidekoeien en luchtkoeien, plus een waterkalf.

Dat was de oer-Hollandse en tegelijk licht surrealistische setting die Misha Mengelberg had bedacht voor zijn laatste, onvoltooid gebleven muziekwerk Koeien. Componist Guus Janssen en regisseur Cherry Duyns bogen zich over zijn aanzet en voltooiden tekst en muziek. Het is uitgemond in een vitale muziektheatervoorstelling die gebracht wordt in een topbezetting, want met onder meer het befaamde Instant Composers Pool Orchestra (ICP).

Het is een stuk dat in al zijn levenskrachtige absurdisme toch onmiskenbaar des Mengelbergs is. ‘Koeien – opera Misha’, zo heet het dan wel voluit – maar er is, voorwaar, in het geheel geen (echte) koe te zien. De zes koeien die wél te berde komen behelzen een koor, gespeeld en gezongen door zes jonge zangers van het Koninklijk Conservatorium in Den Haag die gekleed gaan in witte pakken en jurken. En zoals dat gaat met koeien bewegen zij zich langzaam, als in een choreografie, een kleine kudde in de wei onder aanvoering van opperkoe alias actrice Olga Zuiderhoek.

Misha Mengelberg (1935) werd geboren in Kiev, maar groeide op in Nederland en studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag. In 1967 richtte hij ICP op met drummer Han Bennink, een ensemble dat nu geldt als een van de grondleggers van de Europese geïmproviseerde muziek. De dementerende tachtigjarige werd vorig jaar onthaald op deze heuse ‘opera Misha’ – en die toert nu door Nederland.

In Koeien is veel bij voorbaat niet wat het lijkt te zijn. Zo struint een wonderlijk personage, gespeeld door Pierre Bokma, over het toneel. Peinst voor zich uit, geeft commentaar en sticht – geheel in de geest van de maestro – met duivels genoegen verwarring. Hij doet denken aan de maestro zelf, maar speelt hem niet na. “Hij is geen imitatie van Misha – hij loopt niet lichtelijk voorovergebogen met een sigaretje in een iets te lange trui over het podium. Zijn tekst bestaat volledig uit zinnen die Misha ooit letterlijk in interviews heeft prijsgegeven. Guus kwam laatst nog met een geniaal fragment waarin Misha vertelt dat hij opera maar achterhaalde malligheid vindt,” zo licht Cherry Duyns in het programmaboekje toe.

Smartelijk gehuil
Jazz en opera, da’s een ingewikkelde verhouding, zo leert de muziekgeschiedenis. Maar niet bij Mengelberg/Janssen/Duyns. Zo omvat de muziek in ‘Koeien’ vrije jazz, flauwe liedjes, tango’s, smartelijk gehuil, dodecafonieën, fanfareklanken en een kwezelige ballade, die laatste in stijl opgeworpen door Beppe Costa (‘gelati’) als een Italiaanse ijscoman. Het doet denken aan de jaren dat in de muziek niets uitgesloten was, dat uiteenlopende soorten muziek en maten dwars na en voor en door elkaar heen werden gespeeld. Louter om het plezier van het muziek maken. Het piept, knarst, knettert en trilt in ‘Koeien’. Maar wat een levenslust! Een goddelijke speeltuin, niks geen achterhaalde malligheid, maar Dadaïstisch gekir van plezier. Met boventiteling bovendien. Ga erheen. Trakteer jezelf op een avondje koetjes en kalfjes.

Holland Festival: ‘Koeien – opera Misha’. Op donderdag 26 mei 2016 in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie op ks.nl en hollandfestival.nl. Telefonisch tickets reserveren: 0900-3456789.