Cultuuradvies slaat gaten in Haags cultuuraanbod

Advies van commissie Meerjarenbleidsplan 2021-2024

Geen Crossing Border-festival meer, twee wijktheaters weg, theater Branoul en museum Bredius dicht, DeDDDD, Lonneke van Leth Dans en Zuiderparktheater koudgesteld, én geen monumentale kunst meer in de Electriciteitsfabriek.

Dat werd vorige week vrijdag 24 april bekendgemaakt op een perspresentatie. Commissievoorzitter Leertouwer: ‘Op weg naar de kunst van het mogelijke.’

Door: Eric Korsten

Althans: als het voorstel ‘Kracht en Kwetsbaarheid’ van de Adviescommissie Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2021-2024 integraal door college en raad wordt overgenomen. De commissie stelde op verzoek van cultuurwethouder Van Asten (D66) een 450 (!) pagina’s tellend rapport op over de verdeling van grofweg 56 miljoen aan jaarlijks beschikbare kunstsubsidies voor Haagse kunstinstellingen. Resultaat: bijna 20 instellingen dreigen kopje onder te gaan, veelal middelgrote en middelkleine instellingen.

De commissie mocht 56 miljoen uitstrooien over een totaal van 103 aanvragers, die samen voor € 15,3 miljoen méér hebben aangevraagd dan beschikbaar is. Onder de aanvragende instellingen waren liefst 33 nieuwkomers; vijftig van hen maken deel uit van het bestaande ‘Kunstenplan’. De adviescommissie besloot uiteindelijk positief over 57 aanvragende instellingen, ergo zeven ‘binnenkomers’. Voor liefst twintig Haagse culturele instellingen dreigt vanaf 2021 de geldkraan dicht te gaan met, als wellicht meest in het oog springende, het Crossing Border Festival – dat nu best eens naar pak ‘m beet Utrecht zou kunnen beslissen te verkassen.

Vooraf werd een veldslag gevreesd – en ja, daar is het op uitgelopen ook. Commissievoorzitter Leertouwer: “De vorige ronde verdween Toneelgroep De Appel. Opgeteld is het bedrag dat we dit keer aan hervorming voorstellen even groot, alleen is de pijn nu verdeeld over veel meer instellingen. We moeten op zoek naar de kunst van het mogelijke, dat is al heel lang onze opdracht. Komt het goed? Daar ben ik helemaal niet zeker van.”

Scherpe keuzes, maar toch ook nog de kaasschaaf eroverheen, dat tekent de nood waar de adviescommissie zich voor gesteld zag. Leertouwer: “Dat is wat geen enkele commissie wil horen natuurlijk, maar de constatering klopt.” Ook de instellingen die inhoudelijk positief werden bejegend, bleven in termen van toegeschoven euro’s vaak gelijkstaan, of kregen een plakje minder. “De gemeente heeft bij een vrijwel gelijkblijvende cultuurbegroting wel de ambitie uitgesproken om tot een culturele sector te komen met een gezonde bedrijfsvoering en ‘fair pay’, eerlijke loonbetaling, maar stelde daarvoor nauwelijks extra middelen beschikbaar.”

De extra kosten daarvan kunnen niet eenzijdig bij de kunstensector neergelegd worden, zo is de commissie het met belangenorganisatie Kunsten ’92 eens. Ze bepleit in ‘Kracht en Kwetsbaarheid’ daarom ruimhartiger steun. “Het is voor de Commissie duidelijk dat anders haar hele advies is gebouwd op drijfzand.”

In veruit de meeste gevallen is de onafhankelijke en externe ad hoc samengestelde commissie zeer te spreken over het bereikte artistieke peil van de aanvragers, zelfs ook dat van de negatief beoordeelde. In de beoordeling liep het echter vaak spaak op thema’s als bedrijfsvoering, diversiteit en / of inclusie.

‘Grootverbruikers’ in de stad worden gespaard, zijn ‘too big to fail’. Maar zij kregen, buiten de ‘Amare-instellingen’, er nauwelijks een centje bij – hoewel ze volgens de commissie de voorbije jaren uitstekend werk op de grasmat hebben gelegd. Het gelag en de pijn zit ‘m zo vooral bij de middelgrote instellingen, vooral in de dans en de klassieke muziek, waar traditioneel de klappen vallen ten faveure van broodnodige ‘vernieuwing’. Met name klassieke muziek en de dans zijn in dat verband kinderen van de rekening.

En dat terwijl het de commissie juist was opgevallen dat het Den Haag in diverse kunstsectoren juist aan instellingen van het middenformaat ontbreekt. Dat ‘middenveld’ – nu al niet bijster breed – verdwijnt nu bij bosjes. Dat is zorgelijk, ook omdat het voor een gezond kunstklimaat nodig is als contragewicht te dienen tegenover de grote jongens. Leertouwer: “Instellingen als Het Nationale Theater, Kunstmuseum Den Haag, NDT, PAARD en ook het Residentie Orkest nemen in hun sector een dominante positie in. Ze doen dat uitstekend, maar dit roept bij de commissie wel de vraag op of er een evenwicht is in de stad.”

Den Haag wordt gezien, klopt zichzelf graag op de borst als ‘tweede cultuurstad van het land. “Die ambitie is geen doel op zichzelf,” vindt Leertouwer. “Ik zou eerder kijken naar wat uniek is in deze stad, en voor deze stad, en dat iedereen een stem heeft.”

Amare
De ingebruikname van ‘cultuurpaleis’ Amare aan het Spuiplein is de grote trofee die de komende Kunstenplanperiode wordt uitgereikt. De commissie signaleert echter dat er, na jaren van onderling gesteggel nog steeds niet productief (genoeg) wordt samengewerkt. “Het wordt tijd voor een goed gesprek,” zo vatte cultuurwethouder van Asten op de presentatie de situatie samen.

Daar komt bij dat voordeurdelers Nederlands Dans Theater, Residentie Orkest en theaterorganisatie Amare ieder afzonderlijk méér zeggen nodig te hebben – en dat van de commissie op voorhand ook gekregen hebben. Eigenlijk is dat ‘extraatje’ een uitvloeisel van huurafspraken, noem het een restant, die al in 2012 werden gemaakt. Maar dat advies gaat evenwel ten koste van de andere Haagse kunstinstellingen – en dat terwijl cultuurwethouder Van Asten het op de loer liggende exploitatietekort van het cultuurpaleis met € 2,7 miljoen onlangs al heeft bijgepast. Maar een cultuurpaleis op halve kracht is natuurlijk ook niet wat je wenst.

Cultuurankers
Twee van de acht Cultuurankers, het stelsel van wijktheaters in de stad, kunnen de toets der kritiek van de commissie niet doorstaan, te weten Muzee Scheveningen en het Diamant Theater. Van Asten: “Dit had ik even niet voorzien. Ik wil zoek naar een oplossing. Hoe die eruit ziet? Dat weet ik nu nog niet,” waarmee hij expliciet aangeeft dat hij dit onderdeel van het advies niet gaat opvolgen.

De commissie zet Van Asten voor het blok, lijkt uit te zijn op een ‘gelijkrichter’, temeer daar de Ankers onderling van ongelijk soortelijk gewicht zijn. Van hen kunnen Theater en Filmhuis Dakota, Laaktheater, Theater De Nieuwe Regentes, Theater De Vaillant en de bibliotheken Leidschenveen en Loosduinen ondertussen met meer financiële armslag vooruitkijken. Samen krijgen de Cultuurankers er per saldo € 350.000 bij. “Voor de Cultuurankers is het dus een uitkomst die gemengde gevoelens oproept,” laat Vaillant-directeur Harrie van de Louw desgevraagd namens de Cultuurankers weten.

Museumkwartier
Of het concept van het Museumkwartier, de gewenste uiterlijke concentratie van musea rond de Hofvijver, er gaat komen blijft ongewis. Museum Bredius (‘verouderde dynamiek’) moet dicht of bij voorkeur ‘aansluiten bij het Haags Historisch Museum’. Museum Escher in het Paleis moet ondertussen met minder geld toe, hoewel verhuizing naar de voormalige Amerikaanse ambassade nog altijd een optie is. Kunstforum (voorheen West) is op nul groei gesteld, terwijl zij sinds dik een jaar juist bezit heeft genomen van diezelfde ambassade.

Eerste reacties
“Van de twaalf aanvragen door musea zijn er zes positief beoordeeld,” constateert Bas van Nooten, voorzitter van de Haagse Musea. “Bredius dicht? Dan weet je niet waar je het over hebt. Karaktermoord. En het Oranjehotel, zo belangrijk, valt ook buiten de boot. Wat het Museumkwartier betreft moet Den Haag nu eindelijk eens stelling durven nemen.”

Arjen Lakerveld, voorzitter van het Directieoverleg Podiumkunsten Den Haag: “Het advies komt bovenop ‘Covid-19’. Met theaters die straks misschien voor maximaal een kwart gevuld mogen zijn, wordt overleven lastig. We zijn met de gemeente in gesprek over een duurzame oplossing, steken de koppen bij elkaar. We moeten er gezamenlijk uitkomen, met het advies in de andere hand.”

“Bizar en buitengewoon kwalijk,” analyseert Michel Behre, directeur van Crossing Border Festival. Samenwerken met Winternachten? Hoe dan? We zijn totaal verschillenden hebben net als Winternachten tal van partners in de stad. Wat ik kwalijk vind is dat er geen expert in de commissie is op het gebied van literatuur noch popmuziek. Dat wreekt zich. Ondertussen krijgen we wel steun van het Letterenfonds. De merkwaardige situatie kan ontstaan dat we straks landelijk wel steun krijgen en lokaal niet. Dan trekt het Letterenfonds zich terug – en laat Den Haag tonnen liggen.”

Corona
Natuurlijk is er nagedacht over uitstel van het Meerjarenbeleidsplan, zo geven Leertouwer en Van Asten afzonderlijk van elkaar aan. Leertouwer: “Maar uitstel is niet wenselijk. De sector is toe aan duidelijkheid. En hoelang moet dat uitstel dan duren?” Van Asten: “Maar tot welk gevolg leidt uitstel? Sommige instellingen komen nu al niet uit. En juist de instellingen die goed werk leveren wil je kunnen belonen.”

De commissie benadrukt dat zij er zich zeer van bewust is dat haar advies naar buiten komt in een periode waarin de samenleving ernstig is verstoord door de coronacrisis. Extra ondersteuning en specifieke aanvullende maatregelen acht zij nodig om de culturele sector te helpen de gevolgen van de coronacrisis het hoofd te bieden.

De vlucht naar voren zoals de Adviescommissie daarmee neemt is terecht en voor de sector hard nodig. De vraag is echter zeer of dat er onder het huidige gesternte van kan komen. Daar komt bij dat in de aankomende anderhalvemetersamenleving de exploitatie van vele instellingen en met name theaters bijkans onmogelijk wordt, terwijl die situatie anderzijds nog wel een jaar kan aanhouden. Het is eerder omgekeerd: wellicht wordt de kustensector straks gevraagd zelf een offer te brengen, krijgt het anders gezegd: een generieke ‘solidariteitskorting ‘ opgelegd. Zeker is dat niets zeker is.

Vervolg
In juni doet het Haagse college aan de gemeenteraad een voorstel op basis van het advies. Dat voorstel wordt 8 september in de raad besproken. Een maand later, 8 oktober, stelt de gemeenteraad het definitieve plan vast.

Instellingen die zijn afgewezen kunnen een beroep doen op de ‘projectenpot’. Dat wordt dan een overlevingstocht omdat niet alleen zij maar ook nog tal van anderen daar een beroep op doen. Ook kunnen die culturele instellingen nog beroep en bezwaar aantekenen.

kader
Een aantal instellingen in Den Haag heeft geen aanvraag ingediend, doorgaans instellingen van nationaal belang, zoals onder ander het Mauritshuis. Ook particulier gefinancierde musea zijn buiten beschouwing gebleven, bijvoorbeeld het Literatuurmuseum, museum Beelden aan Zee en Panorama Mesdag.

Overigens is ook landelijk een Kunstenplan in de maak. Een aantal Haagse instellingen krijgt én vanuit Den Haag én vanuit het landelijke Kunstenplan geld, bijvoorbeeld Het Nationale Theater, Nederlands Dans Theater, Residentie Orkest en Korzo theater. Die veldslag krijgt de komende maanden zijn beslag.

SECTOREN
Theater
Het Nationale Theater (HNT) kan bogen op prachtige rapportcijfers én krijgt een pluim, al komt er uiteindelijk geen cent bij (€ 9.325,391). De commissie beziet de dominantie van Het Nationale Theater met enige scepsis. “Er is over het geheel bezien geen sprake van een vitaal theaterklimaat (…) HNT krijgt heeft ongewenst een monopoliepositie in handen die het zelf niet per se ambieert.” Diligentia/PePijn blijft stationair op € 837.131, net als Firma MES op € 189.791. Ondertussen moeten Literair Theater Branoul, het Zuiderparktheater, en het extreem beeldend geluidstheater van Dégradé het hoofd buigen. STET, dat ijvert voor Engelstalig toneel in de stad, wordt afgeserveerd.  Het Haags Theaterhuis is een verrassende nieuwe loot aan het Meerjarenbeleidsplan. De instelling kan jaarlijks € 90.000 tegemoet zien.

Pop, jazz, urban
PAARD is, als dominante factor, een ‘gelijkblijver’ (€ 1.413.000) ofschoon het kan bogen op een prima beoordeling. Een nieuwe ‘middenzaal’ door PAARD wordt door de commissie toegejuicht. Op festivalgebied springen Rewire eruit (€ 300.000) en Grauzone (€ 61.300). De commissie spreekt verder over een ‘verzwakt jazzklimaat’: “Opvallend is dat de reputatie van Den Haag als ‘jazzstad’ beperkt tot uiting komt in het stedelijke muziekaanbod en ook in de hoeveelheid aanvragers op dit gebied” – al kent het de aanvraag van Tonality (Rembrandt Frerichs en Tony Overwater) niet toe. Concertorganisator ProJazz wordt de komende jaren wel toegerust, met € 94.500.

De representatie van hiphopcultuur staat volgens de Commissie nog in de kinderschoenen. Stichting Aight is op dat gebied de enige volwaardige aanbieder. “Dit maakt haar positie bij voorbaat uniek, maar geeft tegelijkertijd aan dat er in Den Haag voor dit genre nog veel te winnen is.” Aight kan per 2021 jaarlijks € 180.000 verwachten, minder dan voorheen. De undergroundcultuur wordt met PIP ( € 190.000) bediend. Popmuziekcentrum Musicon krijgt straks jaarlijks € 260.000 toegeschoven.

Klassieke, oude en nieuwe muziek
Op het terrein van met name de kamermuziek worden harde noten gekraakt. De rijke ensemblecultuur wordt flink aangepakt: Ciconia Consort, Classical Encounters (voorheen Internationaal Kamermuziekfestival DH), Loos, Matangi Kwartet en het Prinses Christina Concours krijgen niets meer als het aan de commissie ligt. Festival Classique moet interen met een halve ton, Festival Dag in de Branding moet 20 mille inleveren (€ 182.000), Ensemble Klang mag door (€ 105.000) evenals Slagwerk Den Haag (€ 132.000); Modelo 62 krijgt nul, net als de New Dutch Academy. New European Ensemble blijft gelijk (€ 83.429).

Dominerende muziekuitvoerende instelling is het Residentie Orkest. Dat krijgt een pluim, én met het oog op Amare (zie ook elders) en met enige pijn in het commissiehart een bescheiden verhoging tot ‘slechts’ € 4.574.949 in het vooruitzicht gesteld. Grote winnaar is OPERA2DAY. De Haagse instelling wordt veel lof toegezwaaid en kan met € 430.000 rekenen op dik anderhalve ton méér dan het tot nu van Den Haag toe had.

Dans
Ook op dansgebied worden vele nodige noodlottige bewegingen ingezet. Als Dansstad mag Lonneke van Leth Dans omzien naar een andere financieringsbron, evenals Meyer Chaffaud en De Dutch Don’t Dance Divison. Kalpanarts schuift een bescheiden stukje op in de pikorde opschuiven tot jaarlijks € 110.00. Korzo krijgt een anjer in het revers maar blijft financieel gelijkstaan op het door haar gevraagde € 1.750.00.

Nederlands Dans Theater is hier de kolos. Het ontmoet applaus maar krijgt ook kritiek toegeworpen, met name op het gebied van diversiteit en de invulling van de programmering voor Amare. Het recente vertrekt van LigthfootLeon bij NDT, met medeneming van hun repertoire, kan NDT op landelijk niveau later nog zwaar vallen. NDT krijgt in Den Haag niettemin drie ton extra in de schoot geworpen: € 2.656.637. Holland Dance festival blijft steken op € 581.924. OFF Projects is de ‘new kid on the block’. Het initiatief rond Amos Ben-Tal is goed voor € 50.000.

Film
Filmhuis Den Haag is op dit gebied overheersend. Maar de enorme waardering van de commissie ten spijt krijgt het dertigduizend euro minder (€ 937.791). Filmfestival Movies That Matter blijft vrijwel gelijkstaan op € 189.046.

Letteren en debat
Zoals gezegd: Crossing Border Festival moet het veld ruimen. Het wordt met name verweten dat het haar artistiek-inhoudelijke missie niet goed op papier heeft weten te vangen. Writers Unlimited (€ 250.000) krijgt daarentegen ruim baan. De twee festivals zitten elkaar artistiek in de weg en staan volgens de commissie voortdurend met de rug naar elkaar toe ondanks eerdere oproepen, en ook zijn ze in een te dicht tijdvak opeenvolgend tijdvak geprogrammeerd. De commissie zag zich daarom genoodzaakt te kiezen.

Met Boekids heeft Den Haag een literair jeugdfestival. Het festival wordt gevraagd om met twintigduizend euro in te teren tot € 60.000. Met € 75.000 krijgt Huis van Gedichten er dertigduizend euro bij. Debutant Story Academy mag de vlag uithangen met liefst € 275.000.

Voorts krijgt geen van de partijen die had ingezet op een stedelijke debatfunctie groen licht. “De Commissie moet helaas concluderen dat deze in geen van de 35 aanvragen overtuigend is neergezet. De Commissie mist een gezamenlijke benadering en een sectorbreed gedragen plan.”

Musea en erfgoed
De musea in Den Haag zijn verantwoordelijk voor het grootste aantal cultuurbezoeken in de stad, waarbij met name de kunstmusea (inter)nationaal publiek trekken. De commissie: “Den Haag kent een gevarieerd museumlandschap. Daarmee vindt de Commissie de museumsector in belangrijke mate bepalend voor het imago van Den Haag als cultuurstad.”

Grote spelers in de stad zijn Kunstmuseum Den Haag, Haags Historisch Museum en Museon. Kunstmuseum Den Haag, inclusief GEM en Fotomuseum wordt geloofd maar moet het ondertussen doen met wat het al kreeg (€ 10.644.140). Het Haags Historisch krijgt € 1.892.000. Dat moet volgens de commissie Museum Bredius (‘verouderde dynamiek’) gaan beheren. Andere musea, zoals Mauritshuis, Mesdag Collectie, Panorama Mesdag, Beelden aan Zee en Omniversum zijn te bestempelen als rijksgesubsidieerd dan wel als particulier initiatief – en vallen daardoor buiten het bestek van het Haagse Meerjarenbeleidsplan.

Beeldende kunst
De Commissie ziet Den Haag als een bruisende gemeenschap van kleine beeldende kunstpodia, vaak geleid door kunstenaars en die informeel met elkaar verbonden zijn. Het totaal van dertien beoordeelde beeldende kunstinstellingen kent zeven nieuwe aanvragers. Dit is het hoogste aantal ten opzichte van de andere sectoren. De commissie wijst op de bedrijfsvoering van deze instellingen, die vaak op een ondergrens hun werk moeten doen.

Kunstforum (voorheen West) krijgt er met € 244.114 eigenlijk per saldo niets bij – en de commissie wijst er daarbij pijnlijk op dat de toekomstige huisvesting een probleemdossier kan worden.

Kunstruimte Nest boekt een halve ton winst tot € 162.000. Ook 1646 kan vier jaar door (€ 160.000). Stroom DH blijft op nul. De Grafische Werkplaats krijgt er dertigduizend euro bij (€ 81.726) Billytown zit en blijft in de wachtkamer, net als Heden en The Grey Space in the Middle. Als nieuweling mag iii voortaan € 65.500 toucheren.

De grootste veer die de sector moet laten is de Electriciteitsfabriek. De monumentale kunst die daar mogelijk is, wordt door de commissie als onvoldoende beoordeeld omdat ‘een artistiek-inhoudelijke visie’ ontbreekt.

Cultuureducatie en cultuuronderwijs
De commissie ziet een ‘stevige en sterke infrastructuur’ in Den Haag. Grootste knelpunt volgens haar is de afstemming en samenwerking tussen aanbieders op dit vlak. Ze prijst de instellingen Art-S-Cool, ( € 180.000, da’s € 75.000 meer dan nu) De Betovering, internationaal kunstfestival voor de jeugd (+ € 60.000 tot € 172.000) en nieuwkomer theaterschool Haags Theaterhuis (€ 90.000). Theaterschool Rabarber moet juist € 75.000 inleveren (€ 502.000). Topaze, ‘creatieve werkplaats in Transvaal’, wordt geprezen als bindmiddel tussen sociale groepen, en mag voortaan € 40.000 tegemoet zien.

Koepelorganisatie CultuurSchakel, educatief centrum voor school en vrije tijd, krijgt lovende woorden maar wordt ondertussen als rupsje Nooitgenoeg  gekwalificeerd. In pecunia gemeten wordt de instelling teruggefloten van € 3.422.335 naar € 2.123.994.

Ook de Cultuurankers spelen een rol in educatie. Zie daarover de eerdere opmerkingen hierboven.

Cultuurbeoefening in de vrije tijd
De commissie onderstreept het belang. Ze adviseert de middelen die daar nu op worden ingezet, te behouden. Dat heeft betrekking op bijvoorbeeld de regeling Haagse Amateurkunst, Ooievaarspas en Stichting Leergeld Den Haag, en het ‘snelloket’ Geld voor je kunst! Voorts verwacht de commissie veel van ‘combinatiefunctionarissen’ die bij de Cultuurankers moeten worden geposteerd.

Kunstzinnige vorming wordt van groot belang geacht, dit ‘vrijetijdsaanbod moet aan de markt worden overgelaten’.

OVERZICHT
Nieuw bloed:
Grauzone, Het Haags Theaterhuis, iii, OFF Projects, Page Not Found, Story Academy, Topaze.

Afvallers t.o.v. 2017-2020: Crossing Border, Ciconia Consort, Classical Encounters, Culture Clash 4U, De Dutch Don’t Dance Division, Diamant theater, Electriciteitsfabriek, Heden, Het Popdistrict, Lonneke van Leth Dans, LOOS, Matangi Kwartet, Meyer-Chaffaud, Museum Bredius, Muzee Scheveningen, Prinses Christina Concours, STET, Theater Branoul, TodaysArt, Trespassers W. Zuiderparktheater.

Gelijkblijvers t.o.v. 2020: CultuurSchakel, Filmhuis Den Haag, Firma MES, Het Nationale Theater, Holland Dance Festival, KOO, Korzo theater, Kunstforum/West , Kunstmuseum Den Haag, Movies That Matter, New European Ensemble, PAARD, Stroom DH, Theaters Diligentia & PePijn.

Winnaars (meer euri erbij):
Amare, Art-S-Cool, De Betovering, Bibliotheek Leidschenveen (Cultuuranker), Bibliotheek Loosduinen (Cultuuranker), Nederlands Dans Theater, Ensemble Klang, Grafische Werkplaats, Haags Historisch Museum, Huis van Gedichten, Kalpanarts, Laaktheater, Museon, Musicon, Nest, Opera2Day, PIP, ProJazz, Rewire, Residentie Orkest, Slagwerk Den Haag, Theater De Vaillant, Theater en Filmhuis Dakota, Theater De Nieuwe Regentes, Writers Unlimited.

Afgewezen / niet toegekend:
O.a. Another Kind of Blue, Billytown, Bureau Dégradé, Culture Unlimited, Ensemble Modelo 62, Heden, Herinneringscentrum Oranjehotel, Humanity House, Kwekers in de Kunst, Muziektheater Briza, New Dutch Academy, Prins27, Regentenkamer, The Grey Space in the Middle, Theatergroep Drang, Tonality.

Advertentie

Festival Dag in de Branding viert 70 jaar Johan Wagenaar Stichting

De uitreiking van de Matthijs Vermeulen Prijs aan componist Kate Moore en de Willem Pijper Prijs aan Hugo Morales. En natuurlijk heel veel ‘nieuwe’ muziek. Editie # 46 van Dag in de Branding belooft één groot feest en duurt liefst een weekend lang lekker.

46. Klinkt niet buitengewoon sexy, eerder nog: doodgewoon. Toch duidt het getal hier op een jubileum. Festival Dag in de Branding viert namelijk 70 jaar zijn geestesvader: de Johan Wagenaar Stichting. Dat ons daarom graag laat delen in de feestvreugde.

“Wagenaar was een gevestigde naam in het Nederlandse muziekleven,” vertelt Caroline Bakker, directeur van festival Dag in de Branding. “Hij was componist en is directeur geweest van het Koninklijk Conservatorium tussen 1919 en 1937. Zijn ouverture ‘De Getemde Feeks’ werd toen overal in het land gespeeld.”

“En ik heb zijn ouverture Cyrano de Bergerac vaak gespeeld toen ik nog deel uitmaakte van het Residentie Orkest,” valt altviolist Emlyn Stam haar spontaan bij. Stam is artistiek leider van het in 2009 opgerichte zestienkoppige New European Ensemble, opgetrokken uit musici, van internationale komaf, die de voorbije jaren zijn afgestudeerd aan het Koninklijk Conservatorium en blijven ‘plakken’ in Den Haag. Het ensemble is hofleverancier van Dag in de Branding. “We zijn in muzikale zin inderdaad doorgaans bij zeker twee van de vier dagen per jaar betrokken,” aldus Stam.

Ten behoeve van deze 46e editie heeft Stam de vrijheid gekregen om te grasduinen in de rijke annalen van de stichting die in 1947 werd opgericht. Hij mocht van zijn bevindingen een gloeiend muzikaal programma samenstellen: “De stichting heeft naast een onnoemelijk aantal compositieopdrachten ook vele prijzen toegekend aan Nederlandse componisten. Dat is van doorslaggevende betekenis geweest voor wat nu geleid heeft tot de beroemde Nederlandse ensemblecultuur voor nieuw gecomponeerde, klassiek georiënteerde muziek. Voor deze editie heb ik een dwarsdoorsnede uit de verleende compositieopdrachten samengesteld, zie het als een muzikale print van de stichting.”

Bij zijn bronnenonderzoek deed hij en passant een ontdekking: “Wagenaars Fantasiestukken voor viool en piano zijn op een jaar na een eeuw lang niet meer gespeeld. Maar zaterdag dus wel weer.”

Voor wat betreft de komende editie wijst hij ook op de compositie Divertimento van Tristan Keuris. “Fascinerend qua vorm, kleur en harmonie.” Ook de wereldpremière van Cees van Zeeland mag niet onvermeld blijven: “Nieuwe muziek die qua kleur en ritme erg aan jazz doet denken.”

Hoogtepunt
Van de allereerste editie in 1994, met als ‘maiden’ Louis Andriessen en daarna Dick Raaijmakers als epicentra, is het festival rond 2006 uitgegroeid tot een gebeuren dat op een enkele dag meerdere hedendaagse componisten naar voren schuift, verschillende theaters en podia in bezit neemt, en dat alles vier keer per jaar doet.

Dag in de Branding is uitgegroeid tot een fenomeen dat nationaal en internationaal hoog in aanzien staat. “We hadden de naam ‘Stockhausen’ nog maar nauwelijks op de website staan, of het liep internationaal al storm”, herinnert Bakker zich.

“Voor mijzelf is de opera Rage d’Amours in 2010 van Robin Zuidam hét hoogtepunt uit al de Dagen. Hij kreeg hiervoor in 2010 de Kees van Baarenprijs van de Gemeente Den Haag. Ter gelegenheid daarvan werd de opera toen twee keer opgevoerd.”

Stam: “Voor mij is het hoogtepunt het festival rond de nu internationaal gevierde Finse componiste Kaija Saariaho, in 2011. Ze kwam er speciaal voor naar Den Haag.”

“Broodnodige aandacht voor nieuwe muziek natuurlijk, en een groeiende schare aan trouwe volgers,” antwoordt op Bakker op de vraag naar hetgeen 70 jaar Johan Wagenaar Stichting teweeg heeft gebracht. ”En dat het beluisteren van nieuwe muziek ervaren wordt als een regelrecht avontuur. Voor mij is dat de verdienste van Dag in de Branding,” voegt Stam toe. Plannen voor komende edities zijn er al volop. Stam: “We zijn bezig om de Russische componiste Goebaidoelina naar Den Haag te halen. Gaaf toch?”

Dag in de Branding op zaterdag 2 en zondag 3 december 2017 in verschillende theaters in Den Haag. Meer informatie: dagindebranding.nl.

Scherp als de hel, grappig én geil

De Zaak Carmen, dansspektakel met live muziek

Een dansthriller, losjes gedocumenteerd op de bekendste opera aller tijden. Al begint Lonneke van Leths creatie pas waar de tragische klassieker ophoudt.

Carmen. Beproeft graag de ultieme zintuiglijke vrijheid, onderzoekt met plezier de contouren die gebonden zijn aan verliefdheid, van pure lust tot bindingsangst. Voor veruit de meeste mannen staat ze bij uitstek symbool voor de vleesgeworden, eeuwige uitnodiging, scherp als de hel, grappig én geil. Wat zou wie dan ook weerhouden met háár in zee te gaan? Misschien dit: ze is de belichaming van de perfecte ‘femme fatale’. Carmen. Iconisch. Bizets gelijknamige ‘opera comique’ over het vrijzinnige zigeunermeisje dat mannen graag gijzelt in haar tentakels staat model voor ‘De Zaak Carmen’. Die begint, letterlijk en figuurlijk, waar de opera in 1875 eindigde: op het moment dat de passionele moord door soldaat Don José op haar is gepleegd.

Op de plaats delict raakt een profspeurneus tijdens zijn naspeuringen ogenblikkelijk gehypnotiseerd door haar glinsterende ogen, ook al is ze levenloos,” vertelt Lonneke van Leth enthousiast over de plot van haar productie. Die mondt uit in een slotbeeld met vijf Carmens die dader Don José omringen, om hem heen tollen, bevangen als hij is van de vampiresse. “Hij ontwaart haar overal en zal altijd in de ban van haar blijven.”

Er lopen nog altijd, misschien wel meer dan ooit, heel wat ‘Carmens’ op deze wereld rond, zo verantwoordt van Leth de keuze voor de aanwas op Bizets origineel. “Het één op één naspelen van deze opera is voor mij geen optie. Dat is, werd en wordt al gedaan, bijvoorbeeld door Het Nationale Ballet.” Van Leth gaat een stap verder: “Bij ons onderzoekt een rechercheur, gespeeld door acteur Juda Goslinga, hoe het zover heeft kunnen komen.”

In het verleden maakte van Leth, bekend van grootschalige spektakels als Het Zwanenmeer, Sylphides Belofte, De Odyssee en Een Romeo & Julia, met name familieprojecten. “Het is voor het eerst dat we een voorstelling maken die bij uitstek voor volwassenen is bedoeld.” Ze gebruikt voor het eerst veel tekst, geschreven door toneelspeler, schrijver en regisseur Martijn de Rijk. “Door het gebruik van tekst zijn we beter in staat de doopceel van Carmen en die van de rechercheur te lichten. Terwijl dans en muziek daarbij een extra dimensie vormen: Dat wat niet met woorden kan worden gezegd.”

Met De Zaak Carmen heeft de Haagse choreografe die sinds kort in Zoetermeer woont, een groot gemonteerde voorstelling op stapel staan. Straks staan 32 dansers op het podium en nemen 11 musici en van het vanuit Den Haag opererende New European Ensemble live in de orkestbak van het Zuiderstrandtheater plaats.

Bizets muziek voor miljoenen, misschien wel de bekendste operaklanken aller tijden, zijn door componist Maxim Shalygin min of meer terzijde geschoven. De Oekraïner, die aan het Koninklijk Conservatorium afstudeerde, maakte voor De Zaak Carmen een compositie die de soms freaky beelden onderstreept – van sinistere nachtmerrie tot broeierige flashbacks en momenten van verliefdheid.

“Ik vind nieuwe muziek gaaf,” legt van Leth uit. “In dit geval illustreren de klanken de grondgedachte van de voorstelling: hoe heeft deze moord kunnen gebeuren?” Het toneelbeeld van Vincent de Kooker is onder meer opgetrokken computerschermen die de achterwand van de dansvloer beslaat en gezamenlijk een grootbeeld kunnen vormen; uit grootformaat prints van archiefkasten die het kantoorgevoel uitdrukken; de lange hals van twee reuzenvogels; en een skelet.

Voor van Leth is De Zaak Carmen naast het voeren van de regie reden om weer eens zelf het podium te bestijgen, nadat ze dat bij de locatieproductie Zwanenmeer in 2012 voor het laatst had gedaan. En dan maar meteen ook in de rol van mannenverslinder Carmen.

“Het is er de tijd voor, want nu kan ik nog voluit dansen, zeg t de inmiddels 41-jarige van Leth. “Dansen is voor mij als een drug, een onbetaalbare trip, al je zintuigen open.” Knipoog: “En met al die mannen dansen is erg leuk.”

Mondriaan
Hierna stort zich figuurlijk op Mondriaan. In juni nog tekende ze voor de openingsperformance in het Gemeentemuseum Den Haag van de expositie ‘De Ontdekking van Mondriaan’. Toen maakte ze een choreografie op Mondriaans doek ‘Compositie IV’. Eind oktober treedt ze opnieuw op  in het Gemeentemuseum. “Deze keer dansen we 6 korte stukken van ieder 4 minuten die zijn geïnspireerd op Mondriaan zelf, zijn werk,en  zijn inspiratiebronnen.”

Lonneke van Leth Producties: ‘De Zaak Carmen’. Van vrijdag 25 tot en met zondag 27 augustus 2017 in het Zuiderstrandtheater. Meer informatie: lonnekevanleth.nl. Telefonisch tickets reserveren: (070) 88 00 333.

Magiër of massamoordenaar?

OPERA2DAY, New European Ensemble & D.D.D.D.D. in Dr. Miracle’s Last Illusion

Opera, illusionisme en horror dat wordt samengesmolten tot mirakels magisch muziektheater. OPERA2DAY komt na Mariken in de tuin der lusten opnieuw met een sterk staaltje voor de dag. Het heet Dr. Miracle’s Last IIllusion en speelt zich af op de grens van leven en dood.

‘Je moet dus zó lopen, een beetje waggelen eigenlijk. Je moet je voorstellen dat je overmand bent door emoties, onthutst bent. En opeens zie je dan wat er zich op datzelfde moment werkelijk voor je eigen ogen ontrolt’.

Serge van Veggel, artistiek directeur van het Haagse gezelschap OPERA2DAY en regisseur van de gloednieuwe opera Dr. Miracle’s last illusion legt in het Engels aan Vera Hitbrunner, understudy voor sopraan Lucie Chartin, uit hoe het moet, gretig en tot en detail hoe hij het wil.

Twee weken is het nog alvorens de première plaatsvindt, en de bijbehorende repetities in gebouw MOOOF verlopen voorspoedig; een ‘proefdag’ in Theater aan de Schie (Schiedam) heeft een week eerder uitgewezen dat alles op schema ligt. Toch blijft er nog zo ontzettend veel te doen voor de groep van OPERA2DAY, dat in 2014 werd uitgeroepen tot operagezelschap van het jaar en eerder successen vierde met Mariken in de Tuin der Lusten, Médée en La troupe d’Orphée.

Van Veggel: “Dit is misschien wel de meest gecompliceerde voorstelling uit onze geschiedenis, hoewel die nog maar kort is, dat is waar. Maar deze productie trekt echt een grote wissel op ons allemaal. De moeilijkheidsgraad ligt ‘m dit keer vooral in de inpassing van een groot aantal goocheltrucs en illusionistische acts: zweefacts bijvoorbeeld, Houdini-achtige ontsnappingen uit een watertank, net als tal van verdwijnmomenten en lichaamshalveringen.” En dat alles vergt natuurlijk een uiterste, minutieuze, precisie, vertelt Van Veggel. “Niet alleen in spel en zang, in de juiste noten en de juiste expresse, bij deze productie komt het ook ongelooflijk aan op timing. Daarbovenop heb je dan de technische snufjes en foefjes die móeten lukken, plus de belichting die geraffineerd is en tot in de puntjes moet kloppen, anders werkt de magie niet.”

In deze voorstelling tovert hij de uit 1804 daterende Koninklijke Schouwburg, indertijd begonnen als operahuis, als het ware om in een tijdmachine, zowel in de zaal als erbuiten. “Vooral omdat in de muziek en de muzikale interpretatie de sfeer van rond 1900 herleeft. Dat maakt de Koninklijke Schouwburg tot de ideale speelplek.”

Tragisch ongeluk
In de voorstelling weet de ongrijpbare en verontrustende illusionist Dr. Miracle het publiek te betoveren. Totdat een van assistentes daarbij het leven laat. Een tragisch ongeluk? Miracle raakt totaal bedwelmd door de schoonheid van haar overgang naar het eeuwige, verlangt ernaar om deze ervaring opnieuw te ondergaan. Zo raakt hij verzeild in een mysterieuze wereld van ogenschijnlijke slaapwandelaars, halve waanzinnigen en dolende zielen. “De vraag die hier wordt opgeworpen”, zegt Van Veggel, “is deze: Kijken we naar lichtvoetige illusies, of zien we een gedetailleerd verslag van een reeks gruwelijke moorden?”

Kampioen
Het afschuwwekkende heerschap dat deze rol op zich neemt is de Nederlandse illusionist Woedy Woet, veelvuldig bekroond prijswinnaar in Parijs, Brussel, Wenen en Tokyo. Woet maakte jaren deel uit van de denktank rond theatermaker Jakop Ahlbom, de meester van het visueel theaterspektakel, van wie ook in Den Haag regelmatig voorstellingen te zien zijn. Woet: “Stel je dat eens voor: Door mijn toedoen komt iemand te sterven als gevolg van mijn illusies! Miracle ziet daarbij een glimp van het leven na de dood, het leven in het licht. Hij raakt erdoor gefascineerd en gaat op zoek naar methoden om die ervaring opnieuw te beleven,” zo licht de meervoudig Nederlands kampioen goochelen toe. “Het personage van Dr. Miracle heb ik samen met Serge ontwikkeld.”

Bloemlezing
Van Veggel noemt Dr. Miracle’s last illusion een flamboyante én melancholische voorstelling, een ode ook aan de volgens hem magische genres opera en dans met hun vele, vaak tot waanzin gedreven heldinnen. “Het wordt een surrealistische avond vol suspense waarin humor en horror niet ontbreken, een avond die tot leven wordt gewekt aan de hand van letterlijk betoverende scènes uit beroemde en minder bekende opera’s en balletmuziek van operakanjers als Bellini, Offenbach, Verdi, Wagner en Stravinski.”

De muzen – lees: slachtoffers – van Dr. Miracle worden vertolkt door drie vocale toptalenten, Martina Prins, Kristina Bitenc en Lucie Chartin – en belichaamd door danseres Violet Broersma van De Dutch Don’t Dance Division. Voor de live muzikale begeleiding tekent het New European Ensemble – ook al zo’n belangwekkende kunstenaarsgroep die hier in Den Haag zetelt.

Dr. Miracle’s last illusion van OPERA2DAY is van donderdag 23 tot en met zaterdag 25 juni 2016 en van maandag 5 tot en met zondag 11 september 2016 te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: opera2day.nl of ks.nl. Telefonisch tickets reserveren: 0900-3456789.