Drie vrouwen, drie geheimen

Agnes: krankzinnige of heilige?

Onbevlekt ontvangen. Eh, bestaat zoiets in natura? Ken zoiets? Een sterrencast met Willeke van Ammelrooy, Noortje Herlaar en Eva van de Wijdeven blaast de toneelklassieker Agnes van God, in Nederland voor het eerst op het toneel sinds 1982, nieuw leven in. Een geloofsbelijdenis.

Agnes van god vertelt het van katholicisme doordrongen verhaal van de jonge novice Agnes die binnen de muren van een klooster onder mysterieuze omstandigheden bevalt van een kind dat kort daarna dood wordt gevonden. Gewurgd door de navelstreng. Het lijkt erop dat de jonge non in het klooster zwanger is geraakt en vervolgens haar pasgeboren kind willens en wetens heeft gedood. Dokter Martha Livingston (Eva van de Wijdeven) wordt door de rechtbank aangewezen als psychiater. Ze start daarop een onderzoek, terwijl Zuster Agnes blijft bij haar bewering dat ze zich niet kan herinneren hoe de baby is verwekt. Bij een zoektocht naar de achtergrond ontdekt Livingston dat alle drie de vrouwen strijden voor hun eigen waarheid.

Bekend verhaal? Dat kan kloppen, want het toneelstuk werd in 1985 eerder succesvol verfilmd, met Jane Fonda als Agnes. De Amerikaanse dramafilm is gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk uit 1979 van de Amerikaanse auteur John Pielmeier.

“Het universum had geen God nodig om te ontstaan”, zei de Britse astrofysicus Stephen Hawking ooit. Agnes is in zekere zin de verpersoonlijking van de strijd tussen wetenschap en religie. Is zij een christelijk mystiek persoon? Een slachtoffer van een verkrachting? Is haar zwangerschap een mirakel? Krankzinnige of heilige? Een dialoog uit het toneelstuk: ‘Ik ben een ballon’, zegt Agnes. Moeder-overste ‘Wat maakt het nu uit of je dik bent of niet? Agnes: ‘Daarom.’ Moeder Overste: ‘Hier moet je voor niemand aantrekkelijk zijn.’ Agnes: ‘Jawel. Ik moet aantrekkelijk zijn voor God.’

Volgens Willeke van Ammelrooy spoort de voorstelling bezoekers aan om bij zichzelf ‘naar binnen te kijken’. “Ik ben ervan overtuigd dat iedereen die het gezien heeft er lang over zal napraten en nadenken. Zoals dat hoort, bij betekenisvol toneel”.

Van Ammelrooy heeft niet lang hoeven twijfelen toen ze werd gevraagd voor het toneelstuk. Na grote speelfilmsuccessen als Antonia en tv-rollen in onder meer Goede Tijden, Slechte Tijden is ze blij terug te kunnen keren naar haar oude liefde: het theater. Het is voor het eerst in jaren dat ze de warmte van het theater opzoekt. Ondanks haar gevorderde leeftijd vindt ze het geen probleem om wederom met een theatervoorstelling kriskras door het land te trekken. “Indertijd, toen ik van de toneelschool afkwam, had ik al een kindje. Dus had ik hele andere zorgen, dan moest je namelijk een oppas regelen en boodschappen doen voor een hele week. En nu heb ik alleen mijn man”, lacht de actrice. “Ik heb tegenwoordig een veel grotere vrijheid. En daarom vind ik het ook zo leuk om nu juist wel door heel Nederland te reizen”. Ze mag dan intussen 70 zijn, ze speelt nog vol energie. “Niet dat ik al te veel aan mijn leeftijd denk, maar toen ik moest aangeven of ik vier of vijf keer in de week wou optreden, koos ik wel voor vier keer”, zo laat Van Ammelrooy weten. “Ik denk dat veel mensen erg van Willeke houden en het is gewoon fantastisch om haar op het toneel te zien,” besluit Noortje Herlaar.

Agnes van God is op zondag 14 en maandag 15 september 2014 te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie op ks,nl. Telefonisch kaarten reserveren op: 0900-3456789.

Een requiem voor illusies

Vijftig jaar Wie is er bang voor Virginia Woolf?

In 2012 is het vijftig jaar geleden dat Edward Albee’s Who’s afraid of Virginia Woolf? op Broadway in première ging. Het stuk is in die vijftig jaren uitgegroeid tot een van de iconen van het moderne toneel. Nederland maakte er pas in 1964 kennis mee, toen de toenmalige Nederlandse Comedie het stuk in de Stadsschouwburg van Amsterdam in première bracht, met Ank van der Moer, Han Bentz van den Berg, Femke Boersma en Hans Boswinkel als respectievelijk Martha, George, Honey en Nick.

De titel van het stuk is ontleend aan een liedje dat in het stuk wordt gezongen, en is in het Engelstalige grondgebied een dronkemansparafrase van intellectuelen op het bekende kinderversje ‘Who’s afraid of the big bad woolf?’ In Wie is er bang voor Virginia Woolf? komen George en Martha thuis van een feest op de universiteit waar hij werkt. Hij is moe, maar zij heeft jonge docent Nick en zijn vrouw Honey uitgenodigd voor een borrel. Hoe meer drank er vloeit, hoe meer frustraties op tafel komen. Terwijl ze allemaal hartstochtelijk vechten voor de liefde, het leven en elkaar wordt het langzaam ochtend. “Voor mij is het een verhaal over liefde, maar ook over een ouder echtpaar dat een eigen wereld om zich heen optrekt”, zegt Eva van de Wijdeven. “Een echtpaar dat zich op de been houdt door spelenderwijs illusies te scheppen tussen elkaar. Zoiets speelt zich volgens mij tussen heel wat stellen af. Jij noch ik kunnen weten wat er achter gesloten deuren gezegd wordt of wat er gebeurt tussen mensen die jaren achtereen een liefdesrelatie met elkaar onderhouden. Nick, gespeeld door  Mohammed Azaay, en ik worden die avond ongewild deelgenoot gemaakt van dat overlevingsspel tussen het tweetal. Wij zijn eigenlijk de ‘aangevers’ van hun treiterijen en pesterijen”. Volgens Van de Wijdeven speelt Honey het spel, het ‘systeem’, op overlevingsinstinct mee. “Honey is een leuke, spontane jonge vrouw die net getrouwd is. Ze komt wat dommig, naïef over, maar ook zij heeft haar geheimen, zoals de meeste vrouwen geheimen in hun graf plegen mee te nemen. Uiteindelijk voelt Honey zich verraden en beseft ze dat er tussen haarzelf en Nick nog een lange weg te gaan is”.

Van de Wijdeven biedt deze keer partij aan het koningskoppel van deze avond: Linda van Dijck (Martha) en Victor Löw (George), maar ze heeft ondanks haar jonge leeftijd van mid-twintiger ook zelf al geregeld voor hete vuren gestaan. Zo was ze onder meer te zien in verschillende versies van de tv-series rond Dunya & Desi, en stond ze centraal in A’dam – E.V.A. evenals in verschillende films en theaterstukken, onder meer bij De Mexicaanse Hond. “Het is bijna een wonder”, zegt de actrice. “Ik heb nooit een toneelopleiding doorlopen en toch mag ik zoveel spelen in belangrijke series en theaterstukken. Ik houd van de afwisseling die het werken voor theater aan de ene en tv of film aan de andere kant me biedt. Als je aan een film werkt moet je vanwege het licht vaak vroeg in de ochtend op en worden straten of pleinen afgesloten, terwijl het theater juist om een avondritme vraagt. In beide gevallen ontstaat een eigen wereld om je heen, maar steeds is er de warmte van de crew om je heen. Zoals deze keer ook: het is erg fijn om met deze acteurs op te trekken”.

Wie is er bang voor Virginia Woolf? is een productie van Hummelinck Stuurman Theaterbureau, en is op donderdag 22 en vrijdag 23 maart te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: www.hummelinckstuurman.nl en www.ks.nl. Telefonisch kaarten reserveren: 0900-3456789.

Een reus die dolgraag kinderen oppeuzelt

Jeugdtheatergroep Stella Den Haag speelt première van De Witte Reus

De Witte Reus trekt met genoegen geurende bouillon van kinderen. Jeugdtheaterschrijver en regisseur Hans van den Boom van Stella Den Haag is de bedenker van dit monstreuze plezier.

Kindersprookjes kunnen zo heerlijk tergend gruwelijk zijn. Het meisje met de zwavelstokjes van Hans Christian Andersen bijvoorbeeld, of Roodkapje en Hans & Grietje van de gebroeders Grimm, de ongekroonde kampioenen van het feitelijk afschuwwekkende genre. Ook De Witte Reus, geschreven door Hans van den Boom, doet de rillingen over de rug lopen. In zijn gloednieuwe theaterstuk voor kinderen voert hij met zeldzaam genoegen een gruwzame reuzenfamilie op, een gezin waarvan de man graag mensenkinderen opeet, kinderen die hij vanwege de smaak bij voorkeur eerst gaar laat koken in een levensgrote pot vol borrelende vlierbessenwijn. Terwijl zijn vrouw juist een kind van hem wil.
Van den Boom, intussen meer dan twintig jaar de bevlogen artistiek leider van de inmiddels internationaal veelgevraagde en -geroemde jeugdtheatergroep Stella Den Haag en regisseur van De Witte Reus, noemt  zijn stuk evengoed een muzikale komedie. “Het is humor voor kinderen, gespeeld door vier wonderlijke wezens over de absurdistische fantasieën van een klein jongetje’.
Van den Boom laat in zijn stuk het min of meer denkbeeldige jongetje Giovanni uit pure eenzaamheid een eigen wereld van poppen optrekken, door hem te laten verzinnen dat reuzen kinderen vangen, en deze naar hun boevenhol slepen om er in grote kookpotten vol borrelende bouillon een overheerlijk lekker soepje van te kunnen trekken. Het stuk begint als Giovanni zijn fantasie de vrije loop laat: ‘Er was eens een reus Fons die met zijn vrouw Trui in de eenzame vlindervallei woonden en daar gebeurde het allemaal.’
Van den Boom, verklarend: “De fantasie gaat met Giovanni op de loop. Hij verzint dat Fons en Trui een gelukkig leven leiden in de vlindervallei, maar ze hebben in werkelijkheid allebei een probleem. Reus Fons wacht namelijk al jaren tevergeefs bij een stinkend en dampend moeras op Kleinduimpje met zijn malse broertjes, maar ondertussen wil zijn vrouw Trui dolgraag een kind van hem. En dan moet er op een dag opeens een ei uitgebroed worden. Dat ei”, verklaart Van den Boom, “staat natuurlijk voor verlangen en passie, een passie zoals kinderen die kunnen beleven, en daarom spelen de acteurs als waren het kinderen.”

Miniatuurtjes
Van Van den Boom verschijnt in december opnieuw een verzamelbundel met toneelteksten van zijn hand. Inmiddels heeft hij 21 toneelteksten op zijn naam staan. “Inmiddels kan ik voor een nieuw stuk uit eigen werk citeren”, zegt hij glimlachend. “Dan plak en knip ik, bijna op de manier waarop Bach het ook wel deed”, bekent hij. “Soms gebruik ik stijlmiddelen die ik ook vele jaren geleden al eens heb toegepast.”
Niettemin zijn Van den Booms voorstellingen bij Stella keer op keer indringende  pareltjes, miniatuurtjes die overlopen van melancholische poëzie en een sprekende muzikaliteit. Die muzikaliteit zit ‘m met name in de taalbehandeling van Van den Boom. “Ik hou van de kleur die woorden kunnen uitdrukken, van ritme, van cadans – en in dit stuk ook van rijm. Hij verwijst voor De Witte Reus naar de meer dan legendarische toneeltekst Onder het Melkwoud van Dylan Thomas. “Die is een van de startpunten voor deze voorstelling. Thomas’ tekst speelden we vorig jaar op festival Boulevard in Den Bosch. Toen ontstond het plan om zelf zo’n tekst te schrijven, maar dan voor kinderen.” Het resultaat is, net als bij Dylan Thomas, een tekst vol grappige wendingen, onlogische omkeringen en mooie taalvondsten die kinderen bij tijd en wijle op het verkeerde been zet en hen misschien niet altijd bereikt, maar hen wel aan het denken zet.”

In De Witte Reus spelen onder meer, net als indertijd in Den Bosch, Erna van den Bosch, Floor van Berkestijn en Herman van de Wijdeven. De Witte Reus is door Van den Boom opgedragen aan Van de Wijdeven. “Iedere toneeltekst van mij is opgedragen aan iemand die ik hoogacht”, aldus Van den Boom. “Herman is een fantastisch acteur en bovendien iemand die zelf ook prachtige toneelteksten heeft geschreven, onder meer voor Wetten van Kepler, Theater Oostpool  en Het Zuidelijk Toneel. Ik ken hem al van het prille begin in de jaren negentig van Stella, toen hij onder meer de rol van koning speelde in Brasso. Het is een genoegen om uitgerekend voor hem een stuk te schrijven. Maar ook de anderen zijn echte topacteurs. Van tevoren wist ik wie in dit stuk zouden spelen, en dus kon ik hen de zinnen die ik opschreef al in mijn hoofd horen uitspreken.”

Stella Den Haag speelt de première van De Witte Reus op za 15 oktober (19.00 uur)  en za 16 oktober (De Betovering, 15.00 uur) in Theater aan het Spui, Den Haag. Meer informatie: www.stella.nl. Reserveren: (070) 346 52 72.

Restjes vernis van een toch al kale werkelijkheid

Bij het kanaal naar links, de nieuwe ‘Alex van Warmerdam’

Annet Malherbe speelt een bikkelharde moeder in Bij het kanaal naar links. De nieuwe voorstelling van Alex van Warmerdam is inmiddels geselecteerd voor het Theaterfestival, als een van de meest interessante voorstellingen van dit seizoen.

In Bij het kanaal naar links leven twee families op voet van oorlog met elkaar”, vertelt Annet Malherbe, “maar zijn desondanks op elkaar aangewezen. In het verleden is er iets dat onbenoemd blijft, tussen de families voorgevallen. De onderlinge verhoudingen staan daardoor nog altijd op vlijmscherp. De families zijn nog de enige representanten van hun groep, de laatsten der Mohikanen, die een uiterste poging doen om hun soort te laten overleven, terwijl de wereld waarin ze leven sterk aan het veranderen is. Als op een dag de zoon van de ene familie – tegen de zin van zijn vader – toenadering zoekt tot de andere familie, is dat het begin van een gruwelijke en noodlottige ontwikkeling.”

Malherbe speelt Christientje in de nieuwe theatervoorstelling van Alex van Warmerdam, bekend van voorstellingen zoals Het Noorderkwartier en Kaatje is verdronken. Daarnaast maakte hij films als Abel, Kleine Teun en De Noorderlingen. Van Warmerdam schreef het script op maat voor de acteurs. Malherbe: “Voor een schrijver is dat fijn, want hij kan dan de gezichten van de personages die hij creëert, als het ware al voor zich zien. Ook voor een acteur heeft dat voordelen, want er wordt in ieder geval niets onmogelijks van je gevraagd. Neemt niet weg dat je moet vechten voor je rol. En een rol zoals die van Christientje heb ik nooit eerder in mijn carrière gespeeld. Ze is eigenlijk de enige in het stuk die een ontwikkeling doormaakt, een aan medicijnen verslaafde en meedogenloze moeder, die uiteindelijk haar vruchtbare dochter inlevert.”

In zijn theatervoorstellingen en zijn films trekt Van Warmerdam duistere en grimmige werelden op, waarin de vreemdste dingen heel gewoon lijken. Hij schept een hoogstpersoonlijk universum vol boosaardig optimisme.  Zijn teksten zijn bondig en bulken van zwarte, schaamteloze humor. “Die herkenbaarheid zit ook in deze voorstelling”, zegt Malherbe. “Vaak korte, kleine, droog uitgesproken zinnetjes. Maar een dergelijk ‘gecontroleerde’ tekst vereist juist veel van het vermogen van een acteur. Het vergt een perfecte timing, een zoeken naar en instant vinden van de juiste toon. Zie de voorstelling als een compositie van anderhalf uur, als een choreografie die vastligt, maar waarin een acteur de vrijheid heeft inkleuring te geven aan zijn personage.”
De voorstelling is geselecteerd voor het Theaterfestival, dat jaarlijks de meest interessante producties van een seizoen bijeenbrengt. Het festival vindt plaats in september en speelt zich af in Amsterdam.

Bij het kanaal naar links van De Mexicaanse Hond en Olympique Dramatique met Pierre Bokma, Annet Malherbe, Aat Ceelen, Eva van de Wijdeven, Tom Dewispelaere en Stijn Van Opstal is op 6 juni te zien in de Koninklijke Schouwburg. Meer informatie: www.orkater.nl.